zondag 14 december 2014

Humilité, één familie, jubilate


Hooglied 2,8-13:
Hoor, daar is mijn geliefde! Kijk, daar komt hij aan, over de
heuvels komt snelt hij voort.
Mijn lief is als een gazelle, hij lijkt wel het jong van een hert.
Daar staat hij achter de muur van ons huis. Hij ziet door het
raam en kijkt door de tralies naar binnen
Nu roept mijn geliefde en zegt tegen mij: ‘Sta op, mijn liefste,
kom toch, mijn mooiste.
Kijk maar, de winter is voorbij, de regen is voorgoed
verdwenen.
Kijk, op het veld staan weer bloemen; de tijd om te zingen
breekt aan, de roep van de tortelduif klinkt over het land.
De vijgenboom draagt zijn eerste vruchten al, en wat ruikt de
bloeiende wijnstok heerlijk!
Sta op, mijn liefste, kom toch, mijn mooiste!
J.S.Bach - Liebster Jesu, wir sind hier”, BWV 731

De eerste brief van de heilige Paulus
aan de Korintiërs (1Kor 15, 35-37; 42-46)
Broeders en zusters, wellicht iemand vragen: " Hóé verrijzen
de doden? Met wat voor lichaam?" Een dwaze vraag! Ook wat
gij zelf zaait moet eerst sterven voor het tot leven komt, en
wat ge zaait is slechts een graankorrel of iets dergelijks, en het
heeft nog niet de vorm die het zal krijgen.
Zo is het ook met de opstanding van de doden; wat gezaaid
wordt in vergankelijkheid, verrijst in onvergankelijkheid; wat
gezaaid wordt in geringheid en zwakte, verrijst in glorie; wat
gezaaid wordt in zwakte, verrijst in heerlijkheid en kracht.
Een natuurlijk lichaam wordt gezaaid, een geestelijk lichaam
verrijst. Zoals er een natuurlijk lichaam bestaat, bestaat er ook
een geestelijk lichaam. In deze zin staat er geschreven: de
eerste mens, Adam, werd een levend wezen. De laatste Adam
werd een levendmakende Geest. Maar het geestelijke komt
niet het eerst; het natuurlijke gaat vooraf, daarna komt het
geestelijke.
W. A. Mozart: Exultate jubilate, KV. 164

Evangelie van Onze Heer Jezus Christus volgens
Matteüs (Mt. 5,1-12)
Bij het zien van deze menigte ging Jezus de berg op, en toen
Hij was gaan zitten, kwamen zijn leerlingen bij Hem. Hij nam
het woord en onderrichtte hen met deze toespraak:
"Gelukkig die arm van geest zijn, want hun behoort het
koninkrijk der hemelen.
Gelukkig die verdriet hebben, want zij zullen getroost
worden.
Gelukkig die zachtmoedig zijn, want zij zullen het land erven.
Gelukkig die hongeren en dorsten naar de gerechtigheid, want
zij zullen verzadigd worden. Gelukkig die barmhartig zijn,
want zij zullen barmhartigheid ondervinden.
Gelukkig die zuiver van hart zijn, want zij zullen God zien.
Gelukkig die vrede brengen, want zij zullen kinderen van God
genoemd worden.
Gelukkig die vervolgd worden vanwege de gerechtigheid,
want hun behoort het koninkrijk der hemelen.
Gelukkig zijn jullie, als ze jullie uitschelden en vervolgen en je
van allerlei kwaad betichten vanwege Mij.
Wees blij en juich, want in de hemel wacht jullie een rijke
beloning. Zo hebben ze immers de profeten vóór jullie
vervolgd".
Johan Sebastian Bach Fuga en re min, BWV 538
http://deredactie.be/cm/vrtnieuws/videozone/programmas/100seconden

Johannes 15:12-17
Dit is mijn wens: dat gij elkaar liefhebt, zoals ik u heb liefgehad.
Geen groter liefde kan iemand hebben dan deze,
dat hij zijn leven geeft voor zijn vrienden.
Gij zijt mijn vrienden. Ik noem u geen dienaars,
want de dienaar weet niet wat zijn Heer doet.
Maar ik heb u vrienden genoemd,
want ik heb u alles meegedeeld
wat ik van de Vader heb gehoord.
Dit is mijn wens: dat gij elkaar liefhebt.

Was het leven soms ook hard
't Was gemengd met vreugde en smart.
Voor ons altijd goed
Bracht ge troost en moed
neen, nu vind ik geen klanken
om jullie voor zoveel goed te danken.
(gelezen op bidprentje)

"14Wanneer namelijk heidenen, die de wet niet hebben, de wet van nature naleven, dan zijn ze zichzelf tot wet, ook al hebben ze hem niet. 15Ze bewijzen door hun daden dat wat de wet eist in hun hart geschreven staat; en hun geweten bevestigt dit, omdat ze zichzelf met hun gedachten beschuldigen of vrijpleiten".
Ik zou het met de woorden  van iemand die ik goed ken, als volgt stellen : een spiritueel leven komt niet noodzakelijk van het hoofd naar de benen, maar komt ook (en misschien vooral) van de benen naar het hoofd ... Spiritueel ben je niet, maar 'wordt' je door het leven die je leidt. En spiritueel betekent voor mij: mens zijn "ten voeten uit" met al zijn "geestelijke" of "spirituele" vermogens die de pure rationaliteit en menselijke condities ver voorbij kunnen gaan als de hij dat "wil", om het leven en zijn medemensen te omarmen.

Circulaire, prosumentaire, naar publiek belang gerichte, genetwerkte, deeleconomie basis voor kleinere ecologische voetafdruk? Geen cakewalk.

Een slim netwerk maakt ook een 'enorme sprong in productiviteit' mogelijk, voorspelt Rifkin - 'extreme productiviteit', zelfs. . Internet maakte het mogelijk om die zo goed als gratis te repliceren en te verspreiden. Maar het deed meer dan dat alleen. .... Het gaf consumenten ook de mogelijkheid om 'prosumenten' te worden, en vrijwel gratis hun eigen informatie te creëren en met de wereld te delen. 'Dat heeft oude industrieën ontwricht', zegt Rifkin. .... 'De volgende twee of drie decennia zullen prosumenten in immense continentale en wereldwijde netwerken groene energie produceren en delen, en ook fysieke goederen, en diensten', stelt Rifkin. ...
'In het komende tijdperk', schrijft Rifkin, 'zullen kapitalisme en socialisme beide hun ooit dominante greep op de maatschappij verliezen, omdat een nieuwe generatie zich in toenemende mate identificeert met Collaboratism' - een samenwerkingseconomie, vrij vertaald. ' .... . 'Collaborative commons', noemt Rifkin zulke samenwerkingen die niet gedreven lijken door eigenbelang of winst, maar door een soort publiek belang. .... Onbewust krijgen ze zo de boodschap dat toegang en delen belangrijker zijn dan bezit. Iets wat Rifkin al in 2000 voorspelde, in zijn boek 'The Age of Access', lang voor het idee van 'toegang is de nieuwe eigendom' mainstream werd. Het leidt in zijn ogen tot een mentaliteitswijziging. 'Zulke kinderen leren om later hun gereedschap, hun kleren, hun auto's en hun huizen te delen via AirBnB of couchsurfing. Ze leren hoe ze deel worden van een circulaire economie. Waar alles herverdeeld wordt, en meer mensen minder natuurlijke rijkdommen opgebruiken.' Precies daarom moeten we voluit inzetten op het nieuwe platform van de derde industriële revolutie, vindt Rifkin. Dat kan leiden tot een kleinere ecologische voetafdruk, 'hopelijk op tijd om de klimaatverandering aan te pakken'. Want vooral daarover is hij bezorgd. 'Binnen drie of vier generaties zouden we in een nachtmerrie kunnen zitten.  …. 'We hebben een nieuw economisch verhaal nodig', zegt Rifkin. 'Door de jaren ben ik ervan overtuigd geraakt dat we naar de afgrond gaan, zolang we blijven voortdoen op het platform van de tweede industriële revolutie. Het platform van de derde industriële revolutie staat ons toe ons economische leven op een heel nieuwe manier te organiseren, en onze ecologische voetafdruk drastisch naar beneden te halen, door onze productiviteit te vergroten en onze efficiëntie te verhogen door de hele waardenketting heen.' 'Technologie evolueert heel snel, en ik denk dat dit een te goede deal is voor de mensheid om nee tegen te zeggen', zegt Rifkin. Maar een 'cakewalk' wordt het niet, geeft hij toe…. 'Ik ben niet optimistisch', benadrukt hij een paar keer. 'Er zijn zoveel moeilijkheden dat het ontmoedigend is. Ik ben niet zeker of we er zullen geraken. Maar ik denk niet dat er een plan B is.'

J.Rikfin in de Tijd van 13 december 2014

Het gaat de goeie richting op want de macht, zelfs in de arbeidsverhoudingen, is aan het opschuiven van het kapitaal naar de kenniswerker. En dat is de echte emancipatie, waar het individu meer controle over zijn leven begint te krijgen dan dat het hem opgelegd werd in klassieke kapitalistische modellen zoals op het einde van de 19e eeuw. (Jo Libeer, voorzitter Voka, in 'Het voordeel van de twijfel' op canvas).

zaterdag 6 december 2014

Geen zuiver denken, alleen menselijk denken, met al zijn bepaaldheden. En zo is goed.

Dat ik gedoopt ben, heeft zeker betekenis voor mij. Ik geloof niet dat het christendom op zijn einde loopt. Die traditie bestaat nu al meer dan 2.000 jaar en volgens mij krijgt de twijfel van onze beperkte postmoderne tijd dat niet kapot. De wetenschap is niet aan het einde van haar Latijn, de religie evenmin. Wetenschap en religie gaan perfect samen. Sommigen beweren: de mens bestaat voor 99 procent uit water en beenderen, slechts voor 1 procent uit geest. Voor mij geldt het omgekeerde: de geest, de ziel is het wezenlijke van ons menszijn. Ik noem dat ‘de droom’. Daar gaat het om in het leven: geloof, hoop en liefde. Verlangen naar eenheid, naar wat de mens te boven gaat.

Iedereen vult dat persoonlijk in. Was ik in China geboren, dan was ik wellicht een boeddhist. Maar ik leef nu eenmaal in die katholieke traditie. En ik ben daar blij om. En, ja, ik ben ook blij dat ik gedoopt ben. Rituelen zijn wezenlijk. Ze zijn de uitwendigheden van de droom. Voor christenen is het doopsel cruciaal. Dat soort ‘barbaarse symbolen’ ontroert mij. Het woord ‘barbaars’ leen ik van wijlen Johan Anthierens. Die rituelen dateren inderdaad van voor de explosie van de wetenschap, ze groeiden organisch uit de oerervaring van een volk. Niet jij kiest ze, zij kiezen jou. Terwijl Anthierens vond dat je ze daarom moest afzweren, vind ik ze net mooi. Ik ben trots deel te hebben aan die oersymbolen van water en vuur. Zouden wij, postmoderne blasé geworden mensen, werkelijk zo anders zijn dan die mensen van toen?

Ik vind niet dat je een kind later zelf moet laten beslissen of het wil worden gedoopt. Ik heb uit volle overtuiging mijn zoontje laten dopen. Natuurlijk gaat het op zo’n moment vooral om de keuze en de overtuiging van de ouders. Maar je laat je kind toch ook niet zelf zijn naam kiezen? Die opvatting van zelfbepaling en vrijheid deel ik niet. Je bent nooit totaal vrij, zeker als kind niet. Er is geen zuiver denken, alleen menselijk denken, met al zijn bepaaldheden. En zo is het goed.

Dat is niet beknellend. Het mooie aan onze God is dat Hij zijn schapen laat kiezen: je hoeft niet bij de kudde te blijven. Ik ben daar als puber ook losjes mee omgesprongen. Maar vanaf pakweg mijn dertigste, is dat mij opnieuw sterk gaan bezighouden. Met het stijgen der jaren, word je contemplatiever. Je vraagt je af: ‘Hoe moet dat met de mensheid, met dit leven en wat mogen we verwachten na dit leven?’ In het christendom leeft de hoop dat de liefde niet sterft, maar sterker is dan de dood. Die hoop probeer ik gestalte te geven als zanger en schrijver. En misschien kan dat zo ook iets voor andere mensen gaan betekenen.

Ik ben nogal reflexief met het geloof bezig. Maar ik probeer het ook zo goed en zo kwaad als dat gaat, te beleven. Ik tracht de eucharistie een plaats te geven in mijn leven, al is dat in een artiestenbestaan niet altijd evident. Soms stap ik zomaar een kerk binnen. Onlangs ben ik helemaal naar Amiens gereden om er de kathedraal te leren kennen – een ingrijpende ervaring. Vorig jaar ben ik naar Lourdes getrokken, op uitnodiging van de KSA van West-Vlaanderen. Daar heb ik iets begrepen van Jezus’ woorden: ‘Waar twee of drie in mijn naam samen zijn, ben ik in hun midden.’

Natuurlijk weet ik dat de Kerk door de verleiding van de macht fouten heeft gemaakt. Maar dat raakt de kern niet. Mensen maken nu eenmaal fouten. Ik betreur dat, maar God heeft daar niets mee te maken. Hij huilt om onze fouten. DS 6/12/2014 Luc De Vos

zondag 23 november 2014

Wetenschappelijk reductionisme vs.zwijgen waarover je niets zinnigs kunt zeggen.

Etienne Vermeersch begint een lange uiteenzetting over de onbevlekte ontvangenis van de maagd Maria. .... Rik Torfs vraagt glimlachend waar hij naartoe wil. Vermeersch: "Dat die opvattingen onhoudbaar zijn. U maakt daar dan grappen over, terwijl ik zeg: zwijg daarover, je kunt daar toch niets zinnigs over zeggen." Torfs: "Ik vind dat pijnlijk. Uw voorbeeld is illustratief voor uw wetenschappelijk perspectief, terwijl het ultieme aanvoelen van het religieuze helemaal niets te maken heeft met wetenschap, zolang je geen zaken gelooft die door de wetenschap zijn tegengesproken."
DS 22/11/2014 

dinsdag 18 november 2014

De tijd gaat met je mee

Dan begin je wat ouder te worden of word je ziek. De tijd treedt dan op de voorgrond. Ik heb me nooit ongerust gemaakt over de tijd die voorbijgaat. En dat er een einde komt aan tijd, maakt mij niet angstig. De tijd gaat met je mee, de hele tijd. That's it.
Tony Vandeputte in de Tijd

dinsdag 11 november 2014

A spiritual orientation towards truth.

“Many students now seem desperately concerned with money and status.”

Many of them want to study law and medicine, not because they care
for justice or believe they have a vocation for healing, but for the money and therefore the status they bring, he believes.

“Socrates said that ‘the unexamined life is unworthy of a human being’. I think he was right this far: a life lived without a concern to be lucid about its meaning is a diminished life and one that dishonours our humanity. I do think it’s a terrible thing to go through life without any understanding of what it is to be human. When I think of how privileged I was to have a really good university education in which values were deeply embedded in university life and education, and what an inspiration that was to me and many others, it makes me almost weep bitter tears to think to what degree my generation, so privileged, has betrayed future generations, even our own children.

“From many fine young people at university I keep hearing that their experience has been, for the most part, bereft of inspiration. Very few tell stories of how inspiring their university years have been. But I think in Australia people are realising that money doesn’t necessarily make you happy.”

He cautions against what he calls “popular philosophy” which he feels can trivialise a discipline with an otherwise noble history. “It is good to be excited by ideas, but what matters most is to care for the truth. But to really care for it one must be intellectually serious. I know that may sound puritanical. It is important to read the great philosophers, because in them you see what it really is to care for the truth. You see that philosophy is not merely a distinctive set of problems,
but also a distinctive orientation to truth and truthfulness. I would call it a spiritual orientation.”

Professor Gaita works part of the year as Professor of Moral Philosophy at King’s College London. He spends part of each year in Australia with ACU National.

zaterdag 1 november 2014

Belofte vorm geven als een beeldhouwer.

Soms lijkt het wel of we zekerheid verstaan als meer van hetzelfde. We geloven dat wat we hebben meegemaakt ook in de toekomst zo zal zijn. Zekerheid die uitsluitend daarop steunt, is arm. ZE haalt haar kracht alleen uit het verleden. Heel anders vergaat het wie steunt op een belofte. Daarvan ligt het zwaartepunt in de toekomst. Naar een belofte zijn altijd onderweg. Een stem is zij van wat nog komen moet. Een belofte is geen voorraad die we langzaam opgebruiken. Ze is veeleer een geschenk dat we, hoewel we het al ontvangen hebben, nog niet mogen openmaken. Een gezel is ze voor onderweg, een steun. De zekerheid van een belofte zorgt ervoor dat in het heden de toekomst gestalte krijgt. Het is als bij een beeldhouwer. Voor het eindresultaat er is, is er de reis van het vormgeven. De lijnen worden uitgezet, de trekken van het beeld worden almaar duidelijker. Wie goed kijkt, krijgt al een idee van wat het worden zal. De beeldhouwer zelf belichaamt wat belofte is. Vanuit iets dat er nog niet is, creëert hij. Een ingewijde is hij in wat wij nog niet kunnen zien. Hij brengt in de tijd wat wij nog niet aanschouwden. ... Het is zo tegen de menselijke logica in te denken vanuit wat nog niet is en bovendien zeker te zijn dat dit komt. Nochtans maakt net dat vertrouwen de drijvende kracht uit in ons leven. Het is onze uitrusting om het onbekende tegemoet te treden. Het is de bedding van onze nieuwsgierigheid naar wat nog niet is.
Erik Galle in Oude Abdij van Drongen

Stipjes en plaats geven

We zijn maar stipjes in de kosmos
Twee regendruppels op een ruit
Hoe het zo is kunnen lopen
Daar kom je niet uit

We zijn maar stipjes in de melkweg
Twee korreltjes in een woestijn
Toch zijn we bij elkaar gekomen
Moest blijkbaar zo zijn

Geef mij je hand, geef mij je hand
En leg er je warmte bij
Volg je hart niet je verstand
Dan maak je dit stipje blij

We zijn maar deeltjes in de dampkring
Verdwaalde stipjes zonder meer
Deeltjes die toevallig botsten
In de atmosfeer

Zo worden wij met z'n twee
Terwijl de hemel lacht
Eén stipje onder de melkweg vannacht

Geef mij je hand, geef mij je hand
En leg er je warmte bij
Volg je hart niet je verstand
Dan maak je dit stipje blij.

Bart Peeters
Gisteren gehoord met A, T, L, E, J. in Concertgebouw Brugge

Verdriet kan je niet wegnemen.
Je kan het alleen een plaats geven.

Bart Peeters

Verlichte stipjes.

Pauzeknop indrukken: tijd trager en cyclischer maken.

Pantha rhei: alles stroomt. Wie dat aanvaardt, stroomt mee. Er zijn verschillende manieren om dit te bekijken:
- met verbazing, zoals de britse wijsgeer Basil Fawlty: 'Zoom, what was that? That was your life, mate! That was quick, can I have another one?'
- met ergernis in een koldende rivier van informatie, nieuws, prikkels en ruis;
- met eeuwige spijt, telkens er een hand zand wegstroomt tussen je vingers
- met pijn beseffend: 'dit momnet met een geliefde komt nooit meer terug'

Een andere houding is die met open armen. Je de dingen, gebeurtenissen, mensen laten overkomen. Hoe soft is dat, in tijden van strakke zelfcontrole? Met zo'n open houding lukt het mij - soms - om de tijd te 'heiligen', om de tijd de tijd te geven die haar toekomt. Door aandachtig te zijn wat er gebeurt en niet gebeurt. Dat maakt de ervaring intenser en de tijd ...tja, trager. Wakker afwachten is het tegenovergestelde van verveling. Het is zoals de wijze, grijze Gandalf zei: 'All we have to do is decide what to do with the time that is given to us'.

Pauze, dat zijn twee verticale balkjes. Tussen die balkjes is er ruimte, tijd, stilte. Hoe anders dan dat definitieve, massieve blokje Stop. Ik voel de tijd als een lang lint dat me verbindt met vroeger en later, met dichtbij en ver weg, met mensen, bomen en zwerfkeien. Het lint is niet strakgespannen van a naar b, het slingert zich rond in spiralen. Laten we wat cyclischer en natuurlijker leven, tussen dageraad en zonsondergang, van nieuwe tot volle maan, van eb tot vloed. De dag van de aardbei vieren. Een vuur maken. Dan ervaar ik het gaatje tussen de balkjes van de pauzeknop, adem tussen twee zinnen, tacet tussen muzieknoten. Een 'door of perception' die opent op een spiegelglad meer van stilte, ruimte en rust.

Slow talk met Kristien Bonneure en Joke Hermsen.

Individuele is vrijheid collectieve is dwang en conditionering

Individuele is vrijheid collectieve is dwang en conditionering (Patrick Janssen)

zaterdag 11 oktober 2014

Agalev en geluk

‘Klimaatverandering is eigenlijk tof’

Iedereen weet dat de opwarming van de aarde catastrofale gevolgen heeft voor onze kleinkinderen. Toch kijken we naar de ander en wachten af. Volgens de Duitse socioloog Harald Welzer kunnen individuele daden wel degelijk een verschil maken.

Stadslandbouw, insectenburgers, repair cafés, autodelen... In het streven naar een meer duurzame wereld kent de creativiteit geen grenzen. Maar wat haalt het uit als tegelijk de regering de deur openzet voor de bouw van een nieuwe kerncentrale, er groen licht komt voor een shoppingcentrum in de rand rond Brussel en geen enkele partij durft te raken aan het geld- en brandstofverslindende systeem van bedrijfswagens? Wat levert een veggie donderdag meer op dan morele zelfbevrediging als tegelijk miljoenen Chinezen elke dag hun stukje vlees willen?

‘Politiek is niet langer het verbeelden van een open toekomst, maar het in stand houden van een kwetsbaar status-quo’

In het boek Zelf Denken doet de Duitse socioloog Harald Welzer een gedreven oproep om toch maar te blijven experimenteren met andere manieren van leven en consumeren. Immers, noch klimaatpanels, groene partijen of een zoveelste milieutop lijken bij machte onze collectieve stormloop op de afgrond af te buigen. Kennis alleen zet niet aan tot gedragswijziging. Elke grote cultuuromslag spruit voort uit het praktische handelen van een kleine minderheid, heeft Welzer uit de geschiedenis geleerd.

‘Doemdenken is contraproductief. Het demotiveert mensen om iets te doen. Terwijl wij, als geprivilegieerde burgers van een rijke samenleving, voldoende speelruimte hebben om onze leefstijl te veranderen. Zonder aan welbevinden in te boeten.’

Hoe hebt u zelf uw leven veranderd?

‘Ik heb afscheid genomen van het keurslijf van de academische wereld, omdat ik het niet langer nodig vond om nog meer gegevens te verzamelen en te bewijzen wat we allang weten: op deze manier kunnen we niet blijven consumeren. Ik heb een eigen stichting opgericht om aan een tegenverhaal te werken.’

‘Anders leven is een leerproces. Soms faal ik. Zo vlieg ik bijvoorbeeld nog regelmatig naar een buitenlandse lezing. Ik heb een auto, maar daar rijd ik maar duizend kilometer per jaar mee. Ik ga met de fiets op vakantie, woon in een passief huis, heb geen smartphone. En ik heb niet het gevoel dat ik iets mis.’

Dan nog blijft het een feit dat u door te fietsen de opwarming van de aarde niet stopt.
‘Maar als je blijft rijden met een terreinwagen en drie keer per jaar een vliegreis maakt, zal de aarde zeker om zeep gaan.’

‘Ik vind het vreemd dat mensen die hun speelruimte benutten voor verzet en experiment, worden geridiculiseerd ten opzichte van alle anderen die het status quo in stand houden. Terwijl het net omgekeerd hoort te zijn.’

‘Los daarvan heb ik niet de verantwoordelijkheid om de wereld te redden. Dat kan geen enkel individu. Onze taak bestaat erin het beste te maken van wat in onze mogelijkheden ligt. Niemand hoeft zich schuldig te voelen omdat zijn of haar individuele actie niet volstaat om de klimaatverandering te keren, terwijl de grote massa doorgaat alsof er niets aan de hand is.’

‘Dat is een belangrijke les die ik wil meegeven in mijn boek. Schuldgevoel is geen motivatie om te handelen. Het is veel slimmer om verandering na te streven omdat je je er beter bij voelt.‘

Hebben apocalyptische klimaatrapporten daarom zo weinig impact?

‘Omdat het doemdenken geen oplossingen aanreikt. En omdat de link met onze persoonlijke, dagelijkse manier van leven en consumeren niet wordt gemaakt. Het verhaal van de opwarming is er een van diagrammen, CO2-percentages en smeltende ijskappen. Het is nutteloos om de mensen met nog meer informatie te overstelpen. Ik wil ze positieve mogelijkheden tot handelen en verzet aanreiken.’

Uw uitgangspunt blijft apocalyptisch: met het kapitalisme zullen we de 21ste eeuw niet overleven. Nochtans geloven veel mensen dat economische groei en het counteren van de klimaatopwarming samen kunnen gaan.

‘Dat is zelfbegoocheling. Empirische data bewijzen dat we zowel op globaal als op nationaal niveau elk jaar meer grondstoffen en meer energie verbruiken. Het enige dat is veranderd, is dat we efficiënter met die grondstoffen omgaan. Helaas vertaalt de efficiëntiewinst zich in nog meer consumptie. Zelfs als 20 procent van de tienduizend voorwerpen die we in huis hebben ‘groen’ is, dan nog beschikken we vandaag over vijf keer meer voorwerpen dan twintig jaar geleden. Economen noemen dat het rebound-effect: de winst die men boekt dankzij een hogere efficiëntie, wordt gebruikt om nog meer te kopen.’

‘Er bestaat niet zoiets als groene groei. In een expansieve economie of cultuur verandert efficiëntiewinst niets ten gronde. De consumptie en de uitputting van de grondstoffen gaan gewoon verder.’

Probleem is het alternatief voor het kapitalisme: het communisme of een terugkeer naar de middeleeuwen?

‘Het probleem is vooral dat we ons geen ander alternatief meer kunnen voorstellen. Onze samenleving lijkt haar toekomst te hebben verloren. Politiek is niet langer het verbeelden van een open toekomst, maar het in stand houden van een kwetsbaar status-quo.’

‘Dat toekomstverlies is symptomatisch voor de druk op onze democratische samenleving. Met alle kracht probeert men de bestaande toestand te behouden in een veranderende wereld. We klampen ons vast aan dezelfde recepten die het verval net veroorzaakt hebben. Zoals de bewoners van het Paaseiland dachten het voedseltekort op te lossen door nog meer grond uit te putten. Zelf denken wil een aanzet bieden om uit die tunnelvisie te breken en de toekomst weer te zien als een laboratorium van mogelijkheden.’

Was het ooit anders?

‘Natuurlijk. De hele westerse moderniteit is het resultaat van een geloof in de toekomst, al sinds de Verlichting. Het geloof dat je morgen vorm kunt geven, was zelfs de motor van 250 jaar kapitalisme. Het heeft ons welvaart, vrijheid en democratie gebracht. Het neoliberalisme heeft dat toekomstdenken gedood. De enige droom vandaag is het kopen van nog meer producten.’

U pleit voor verzet, maar noemt alle gekende verzetsbewegingen contraproductief, te beginnen met de groene beweging.

‘De groene beweging is ontstaan als een actiegroep. Theorie en praktijk, anders gaan leven, gingen hand in hand. Maar naarmate de groene beweging zich ontwikkelde, verschoof de focus naar meer technocratische oplossingen voor de milieucrisis. Hernieuwbare energie zou het antwoord bieden. Er kwam een Duitse energiewende. De paradox is echter dat wanneer hernieuwbare energie volop beschikbaar is, er geen enkele rem op consumptie meer staat. Het kapitalistische model zelf stellen de Duitse groenen niet eens meer in vraag.’

Even leek de Occupy-beweging het embryo van verandering.
‘Occupy was een apolitieke beweging. De 99 procent kwam in verzet tegen de 1 procent, die schuldig was aan alle problemen. Terwijl die 99 procent in hetzelfde bedje ziek is. Wij zijn niet de slachtoffers van 1 procent brutale kapitalisten. Als inwoners van deze rijke samenleving zijn wij allemaal medeschuldig.’

‘Vandaar dat de beweging ook zo snel gerecupereerd en geneutraliseerd kon worden. Uiteindelijk gingen zelfs bankiers mee betogen met Occupy voor de Europese Centrale Bank in Frankfurt.’ Zelfs het klimaatpanel van de VN versterkt volgens u het bestaande systeem.

‘De opwarming van de aarde is eigenlijk tof. Het is het perfecte onoplosbare probleem, want je lijkt er niets aan te kunnen doen, hoe hard je ook je best doet. Klimaatverandering is globaal, abstract, onzichtbaar en geurloos. Mensen kunnen geen verband maken tussen hun dagelijkse manier van leven en zoiets abstracts als CO2-uitstoot.’

‘Vandaar de paradox dat onze samenleving er wel in is geslaagd het probleem te erkennen, maar tegelijk de levensstijl voortzet die het probleem veroorzaakt. Dat verklaart ook al die conferenties en boeken en studies over klimaatverandering. Klimaatwetenschappers trekken uit hun onderzoek niet de conclusie dat die carrousel van internationale conferenties, met zijn enorme kosten aan transport, accommodatie, infrastructuur niet vol te houden is. Iedereen doet door als vanouds.’

Bedoelt u dat we de wereld niet via politiek zullen veranderen?

‘Natuurlijk wel. Verzet is bij uitstek een politieke daad. En alle individuele acties waar ik voor pleit, hebben nood aan een politiek kader. Een groter verhaal. Maar zo’n verhaal heb ik zelf niet in de aanbieding. Er is nu eenmaal geen masterplan voor de toekomst. Gelukkig maar, want elke keer dat men de toekomst met een masterplan vorm wilde geven, volgden totalitaire catastrofes. Dat is wat het nazisme en het stalinisme wilden doen.’

Ik pleit voor experiment. Het nieuwe verhaal zal geleidelijk worden geschreven, uit het mislukken en slagen van vele kleinschalige initiatieven om te breken met de consumptielogica.’

Volgens u volstaat 3 tot 5 procent van de bevolking om een grote maatschappelijke verandering te bewerkstelligen.

‘Je hebt geen meerderheid nodig om de samenleving te veranderen. De studentenbeweging in de VS startte met een heel klein groepje, maar heeft enorme invloed gehad.

Alle succesvolle sociale bewegingen begonnen als minderheden. De voorwaarde om te slagen is wel dat die 3 tot 5 procent door alle lagen van de samenleving heen gaat en navolging krijgt: ondernemers, politici, leraars, agenten, advocaten, journalisten, acteurs, conciërges, werklozen. Dan gaan de krachten elkaar versterken, zoals is gebeurd met het feminisme, de burgerrechtenbeweging of de sociale beweging. Want als de minderheid zich beperkt tot een groepje van gelijken, krijg je hoogstens een subcultuur.’

Een van uw twaalf lessen voor verzet luidt: ‘Sluit bondgenootschappen.’

‘Biologisch en psychologisch is de mens gemaakt om samen te werken. Geen enkel ander dier op aarde heeft een sociaal brein zoals de mens. Onze hersenen ontwikkelen zich tot twintig jaar na geboorte. We zijn gekneed uit duizenden jaren van interactie en samenwerking, en niet door tweehonderd jaar kapitalistische cultuur van de homo economicus. Het zelfbeeld van concurrentie, absolute zelfontwikkeling en extreem individualisme is heel recent, en in strijd met ons wezen. Waarschijnlijk zullen we die manier van denken in de toekomst belachelijk vinden.’

Harald Welzer, Zelf Denken. Een leidraad voor verzet, uitgave Oikos denktank

DS 11 oktober 2014

"Een bekende psycholoog die zich met geluk bezighoudt is de Amerikaan Martin Seligman, auteur van het boek Authentic Happiness (Gelukkig zijn kun je leren). Hij onderscheidt drie geluksniveaus:

- The Pleasant Life. Daarmee bedoelt hij positieve emoties - blijdschap, opwinding en dergelijke. Die kun je opwekken door bijvoorbeeld leuke dingen te doen, iets lekkers te eten of iets leuks te kopen.

- The Engaged Life. Het geluksgevoel dat je beleeft door helemaal op te gaan in iets, helemaal samen te vallen met wat je doet. Tegenwoordig wordt dat ook wel flow genoemd.

- The Meaningful Life. Dat wil zeggen dat je je verbindt met en inzet voor iets wat groter is dan jijzelf. Dat kan een goed doel zijn, maar ook je gezin of je familie. Het zit hem er in dat je iets doet voor anderen, bijdraagt aan het geluk van anderen, en voelt dat je deel uitmaakt van een groter geheel."

Karin Bosveld

zaterdag 4 oktober 2014

Tout dans le monde nous est fraternel et familier.

Cette question du sens n'a pas laissé indifférentes penseurs et scientifiques. On se souvient que Jacques Monod, prix Nobel de médecine, écrivit dans Le Hasard et la Nécessité: " L'homme est perdu dans l'immensité indifférente de l'univers d'où il a émergé par hasard. Non plus que son destin, son devoir n'est écrit nulle part.". Des propos relayés par le prix de Nobel de physique Steven Weinberg: "Plus on comprend l'univers, plus il nous apparaît vide de sens." Se posant les mêmes questions, Pascal s'avouait effrayé par le "silence éternel des espaces infinis". Ce à quoi Claudel rétorqua, trois siècles plus tard: "Le silence éternel des espaces infinis ne m'effraie plus. Je m'y promène avec une confiance familière. Nous n'habitons pas un coin perdu d'un désert farouche et impraticable. Tout dans le monde nous est fraternel et familier."

Jean Marie Pelt in 'Le monde a-t-il un sense? p 128

Elke avond als ik thuiskom, heb ik zo'n moment. Voor ik mijn huis binnenstap, kijk ik altijd even naar boven en grappig genoeg staan daar altijd sterren. Mijn moment met de sterren is mijn dagelijks moment waarop de ballast van mijn schouders glijdt. ... Religie is voor mij het werkelijk kunnen voelen dat je deel uitmaakt van een groter geheel. (Inge Vervotte in DS 19/1/2007)

Associativité, moteur de l'évolution cosmique

L'associativité crée, la sélection trie. L'associativité est une lame de fond, un principe créateur interne à l'évolution de l'univers, expliquant les grandes transitions qui caractérisent l'évolution universelle. Peut être a-t-on eu tort de considérer la sélection naturelle comme l'unique moteur de l'évolution cosmique, biologique et humaine. L'on voit ici qu'il est en tout cas nécessare de l'adosser au principe d'associativité qui, par son universalité, rend l'évolution de l'univers cohérente, significative, porteuse de sens. A tou le moins si le mot signifie "direction". ...

Soumis à une obligation de résultats, les scientifiques se doivent de garder les yeux rivés sur le champ étroit de leurs objectifs de recherche, au détriment d'une vision d'ensemble cohérente et signifiante. Or ne regarde pas une oeuvre picturale le nez sur la toile; pour bien voir et tout voir, il faut du recul. En se plaçant à bonne distance, on découvrira l'ensemble du dessin, et, peut-être du surcroît, le dessein de l'auteur - ce qu'il a voulu exprimer. Il est assez singulier que le principe d'associativité n'ait pas sauté aux yeux de la plupart des auteurs. ...

Voilà, entre bien d'autres, des critères inspirés par le principe de la coopératin commen fondement d'un paradigme unificateur préparant l'avènement de la plus formidable évolution à laquelle nous aspirons: celle de l'insurrection des consciences.... On ne mesure pas assez la puissance extraordinaire de la bienveillance. ....

Le cercle se resserre inexorablement: les causes de ces tragédies sont en chacun de nous. ... Par contrel, l'acceptation de cette réalité enclenche un examen, une introspection destinés à nous révéler à nous mêmes, nécessité impérieuse de la connaissance de soi. C'est alors qu'il devient évident que le changement de soit préexiste au changement de la société. ... "Connais toi toi-même" comme facteur essentiel pour que l'évolution positive du genre humain puisse avoir lieu.

Jean Marie Pelt  en Pierre Rahbi in 'Le monde a-t-il un sens?' p 128

Wie een ander kent is wijs, wie zichzelf kent is verlicht (Lao Tse).

Het is een doorgeslagen rationaliteit, een blind geloof in de rede en het meetbare. We zijn er heel wat waardevolle kennisbronnen door gaan bagatelliseren en afsluiten: het zintuiglijke, de ervaring, de praktijk, de emotie. Het doet mij denken aan de woorden van de Britse romancier G K Chesterton: A madman is not someone who has lost his reason but someone who has lost everything but his reason.

Uit de DS 28 sept 2014 'Een mens: wat mag dat kosten?'

In theoretisch opzicht kwamen ze allebei (leibniz en spinoza) van dezelfde plek, namelijk de toekomst: ze speelden op het veld dat Descartes had opengegooid, en de ontdekking van de rationaliteit als recht en richting voor de mens was voor hen allebei een overgang waarvan geen terugkeer mogelijk was. Het probleem was hoe die stap voorwaarts moest worden verenigd met een kleinigheidje waarvan geen beiden echt afstand wilde doen: God.
Matthew Stewart in DS magazine

Dawkins maakt duidelijk dat het net verwonderlijk is dat er zoiets bestaat als samenwerking en altruïsme. Kunnen we niet eerder verwachten dat natuurlijke selectie daar korte metten mee maakt? Het lijkt immers niet in het voordeel van een organisme zichzelf te kort te doen en een ander organisme te helpen. Dat werd dan weer door velen fout begrepen alsof altruïsme nooit authentiek kan zijn. Maar wat organismen doen enerzijds, en welk effect dat op genen heeft anderzijds, zijn twee verschillende zaken. Dawkins beschrijft organismen als vehikels van genetisch materiaal. Een lichaam is in essentie een omhulsel en een instrument van een een verzameling genen, die dat lichaam aanzetten tot voortplanting. Als dat lukt, is het niet zozeer het organisme dat gereproduceerd wordt, maar het genetisch materiaal.
Johan Braeckman in de TIJD 22/8/2014

Als rede niet gepaard gaat met passie en empathie komen we in een dorre samenleving waar eigenbelang regeert en mislukkingen niet worden getolereerd (Paul Verhaeghe).

Mensen doden elkaar niet in normale omstandigheden. Van nature zijn we afkerig van andermans bloed. We zijn een soort die in grote groepen samenleeft en drijft op samenwerking. We hebben mentale barrières die ons ervan weerhouden iemand anders een kogel door het hoofd te jagen. Maar die grenzen kunnen worden gesloopt. Evolutionair houdt dat steek, omdat geweld ook vaak vooruitgang betekent. Kijk naar de geschiedenis: het levert land op, grondstoffen, macht. Je kunt die grenzen slopen door drugs, rituelen zoals ritmische gezangen, maar ook door afstand te creëren. Fysieke, zoals bij de militair die vanachter een bureau in Arizona met een drone een trouwpartij aan het andere eind van de wereld bombardeert. Hij hoort het geroep niet, hij ruikt het verbrande vlees niet. Maar oook psychologische afstand. Door te denken: ik ben een mens, mijn vijand niet.'
De Tijd, 16/8/2014

Ten slotte concludeerden de onderzoekers dat oorlog jezelf en je groep een betere kans geeft in de evolutie. .... Wat nog niet wil zeggen dat oorlog onvermijdelijk is. Het percentage moord en doodslag verschilt aanzienlijk tussen de chimpansee-groepen. En zelfs als het in de menselijke genen ingebakken zou zijn, hebben wij nog steeds het grootste verstand van het dierenrijk, genoeg om ons te bezinnen eer we beginnen.
DS  17/9/2014

Zelvigheid doorbreken

Kunnen verlangen naar de ander in zijn anders zijn. Deze ikkige tijd heeft het daar heel moeilijk mee. Zoals de filosoof Levinas zegt: we willen de ander tot onszelf maken, tot een verlengstuk van ons narcistisch bolwerk. We moeten die zelvigheid doorbreken, waardoor de ander zich aan ons in al zijn kwetsbaarheid kan laten zien. Daarin pas, in die kwetsbaarheid, kun je elkaar echt ontmoeten.
Dirk De Wachter in de Standaard 4/10/2014

Intensiteit geeft meerwaarde aan mijn leven. Ik wil raken en geraakt worden. Ook zaken die minder leuk zijn laat ik toe. Ik train mezelf zelfs om geraakt te worden. (Inge Vervotte in DS 13/1/2007)

Niet benoemde aanwezige

Door het niet te benoemen wordt het nog krachtiger. Zoals je de oudtestamentische God ook niet mag benoemen en hij daardoor nog meer geconsacreerd wordt. De broosheid van de liefde wordt in die belofte bijna geheiligd. Want als je het wel benoemt, is het al bijna weg.
Dirk De Wachter in de Standaard van 4/10/2014

zondag 10 augustus 2014

Nooit rusten en Gods' mededogen

"We mogen nooit rusten
tot we worden
wat we eeuwig in God zijn geweest."
Meester Eckhart

22 De HEER heeft mij vóór al het andere verworven,
toen hij zijn scheppingswerk begon, schiep hij eerst mij.
23 Ik ben in het begin gemaakt, nog voor alles er was,
nog voor de aarde vorm kreeg.
24 Toen er nog geen oceanen waren, werd ik voortgebracht,
nog voor de bronnen met hun waterstromen.
25 Toen de bergen nog niet waren neergezet, werd ik voortgebracht,
nog voor er heuvels waren.
26 De aarde en de velden had de HEER nog niet geschapen,
geen korrel zand was nog gemaakt.
27 Ik was erbij toen hij de hemel zijn plaats gaf
en een cirkel om het water trok,
28 de wolken aan de hemelkoepel plaatste,
de oceanen bruisend op liet wellen,
29 toen hij aan de zeeën grenzen stelde,
het water met zijn woord zijn plaats gaf,
de fundamenten van de aarde legde.
30 Ik was zijn lieveling,
een bron van vreugde, elke dag opnieuw.
Ik was altijd verheugd in zijn aanwezigheid,
31 vond vreugde in zijn hele aarde
en was blij met alle mensen.
32 Nu dan, zonen, luister naar mij,
gelukkig is een mens die op mijn wegen blijft.
33 Luister naar wat ik je leer, en word wijs,
negeer mijn lessen niet.
Spreuken 8:22-33

"Mijn toevlucht zijt Gij
iemand die mijn angst wil herscheppen
tot mededogen,
die mijn gebed om aandacht voor mezelf
beantwoordt met het stemgeluid
van ongehoorde medemensen."
Vandaag gelezen

vrijdag 8 augustus 2014

Lente me

Lente me, zomer me, herfst me, winter me ...
Toon Hermans

Plots werd me duidelijk wat Heidegger bedoelt met: Der Mensch ist ein Sein zum Tode. Pas bij de dood zie je de zin van het leven.
Marc Van den Bossche, filosoof, in de standaard magazine 14/9/2014

Contrapunt: kunst van subtiele dialoog en dissonantie, één emotie

"Voor mij is contrapunt de kunst om een emotie over te brengen door een subtiele dialoog tussen verschillende stemmen. Nu eens zeggen zij hetzelfde met verschillende woorden, dan weer gebruiken ze verschillende thema's die boven elkaar worden geplaatst. Steevast zijn ze op zoek naar een emotie die voortkomt uit een spel van dissonantie."
Jordi Savall in MA Festival Brugge 

"Samen muziek maken, is samen ademen"
Gehoord op Klara

Geluk: positieve emoties, flow en deel groter geheel.

"Een bekende psycholoog die zich met geluk bezighoudt is de Amerikaan Martin Seligman, auteur van het boek Authentic Happiness (Gelukkig zijn kun je leren). Hij onderscheidt drie geluksniveaus:
- The Pleasant Life. Daarmee bedoelt hij positieve emoties - blijdschap, opwinding en dergelijke. Die kun je opwekken door bijvoorbeeld leuke dingen te doen, iets lekkers te eten of iets leuks te kopen.
- The Engaged Life. Het geluksgevoel dat je beleeft door helemaal op te gaan in iets, helemaal samen te vallen met wat je doet. Tegenwoordig wordt dat ook wel flow genoemd.
- The Meaningful Life. Dat wil zeggen dat je je verbindt met en inzet voor iets wat groter is dan jijzelf. Dat kan een goed doel zijn, maar ook je gezin of je familie. Het zit hem er in dat je iets doet voor anderen, bijdraagt aan het geluk van anderen, en voelt dat je deel uitmaakt van een groter geheel."
Karin Bosveld

Het ware geluk is alleen weggelegd voor wie aanvaardt dat het leven niet elke dag een succes kan zijn. Kathleen Cools in de DS 4/10/2014

woensdag 30 juli 2014

Levenswijze & connectiviteit, complexiteit en fragiliteit

Het leek een kolfje naar mijn hand toen de redactie me vroeg te filosoferen over "Wat als morgen het internet uitvalt?" Maar in de dagen daarop begon ik te beseffen hoe moeilijk het schrijven van deze bijdrage wel zou worden. De invalshoeken zijn even oneindig als het internet zelf. We hebben het hier niet over zomaar een computersysteem met bits en bytes, maar over een gigantisch en complex organisme dat zonder blozen kan beschouwd worden als een virtuele blauwdruk van onze samenleving. Wat als het organisme waar onze moderne levenswijze op steunt het morgen laat afweten?
Bart Van der Leenen op de Redactie

Iets wat je overkomt of in de hand hebt?

Ook moreel sta ik vandaag mijlenver van de mentaliteit dat ‘het leven mensen overkomt’. Zo’n houding bestendigt een vicieuze cirkel en is dan ook volkomen pervers. Dat afkomst, structuren, omstandigheden of voorbestemdheid het leven van mensen grotendeels zouden bepalen, is bijzonder ontmoedigend. Het doodt bovendien elke zin voor initiatief, alle ambitie en elke zin voor verantwoordelijkheid. Uitgerekend daardoor maakt dat uitgangspunt het leven inderdaad iets wat je overkomt in plaats van iets wat je in de hand hebt.
Peter De Keyzer in de Tijd 30/7/2014

zondag 27 juli 2014

Cultuur is onze natuur?

De fil conducteur van Pagels boek is dat cultuur niet tegenover natuur staat, maar dat cultuur net een biologische strategie is. Een uitermate succesvolle trouwens. De mens is niet het enige fascinerende dier met cultuur. Maar de mate waarin cultuur bepalend is voor onze soort is buiten alle proporties. Natuurlijke selectie leidt niet alleen tot strijd tegen elkaar; dat is een misverstand. Ze kan evenzeer leiden tot genen die hunkeren naar samenwerking. If you can’t beat them join them blijkt een biologisch devies. Bij de homo sapiens draait alles rond ons waanzinnig vermogen tot samenwerken, betoogt Pagel.

Samenwerking met vormen van altruïsme is geen biologisch unicum. Denk maar aan bijen. Maar onze bereidheid tot samenwerken met soortgenootjes die genetisch niets met ons te maken hebben, is wel degelijk een straffe toer voor het leven op onze aardbol. Ons lijf, ons brein op kop, is helemaal gekneed door onze evolutie om ultra-sociaal te zijn. Dat kan alleen wanneer genen een deel van hun werk uitbesteden aan de omgeving, aan de sociale omgeving. Een kind heeft het vermogen om via cultuur informatie snel op te nemen. Dat gebeurt bewust maar evenzeer onbewust. Door de evolutie van ons cultureel vermogen zijn we in staat geweest onszelf te domesticeren.

Ons biologisch traject vol cultuur via de sociale omgeving maakt ons tot een uitermate flexibele soort. Een ideaal recept om ook lastige milieus in te palmen en zelfs naar onze hand te zetten. Maar evolutiebiologen weten als geen ander dat medailles ook keerzijdes hebben. Ons sociaal vermogen ontwikkelde zich vooral voor een samenwerking binnen relatief kleine groepen en tegelijk ook tegen andere groepen. Oorlog in dienst van religie of van andere ideeën die we elkaar om sociale redenen aanpraten, vormt een veelzeggend voorbeeld. Maar ook de vlotte bendevorming in dienst van voetbal en co blijkt meer met onze biologie te maken dan gedacht.

Cultuur is onze natuur, Hans Van Dyck in DS 26/7/2014


woensdag 23 juli 2014

Zon zoeken in liefdevolle arbeid

Hij werpt zich op de arbeid, op de drank, in de armen van een vrouw en op de godsdienst - en ja, ook hij wordt in alles teleurgesteld. Nooit geraakt hij dichter bij de zon die wel altijd blijft gloren aan de einder, en die door Masereel zelf omschreven werd als 'het symbool van het licht, van de warmte, van de klaarheid, van alles wat goed is in het leven. ...

Daarmee is 'De zon' in essentie een verhaal over het menselijk tekort, over de ijdelheid van alle streven naar het hogere, een oproep tot nederigheid. ...

Ge moet nooit voor uzelf de zon gaan zoeken in de boeken of op de kermis, in de kerk of onder rokken van de vrouw, in het diepste van de zee waar veel geld moet liggen of in de verte waar misschien een luilekkerland is, 'schreef Boon, 'maar ge moet met liefde arbeiden aan het werk waarin ge het handigst zijt, en beseffen dat uw werk, hoe simpel het ook is, deze en de komende geslachten helpen zal. Over uw eerlijke arbeid in dienst van de gemeenschap zittend, zult ge ontdekken dat ge nergens de zon moet gaan zoeken, want zij zit binnen in u.

Toon Horsten, De zonneklopper in DS 23/7/2014

zondag 13 juli 2014

Mensenhanden en de goddelijke wet.

Dus houd voor ogen dat wat heilig en niet heilig is, niets anders is dan de mening van een stel doodgewoon menselijke rabbijnen en schriftgeleerden, van wie sommigen ernstige, heilige mannen waren maar anderen zich misschien wel vooral druk maakten over hun eigen aanzien, zich in hun eigen broederschap omhoog probeerden te werken, honger hadden, aan het avondeten dachten of zich zorgen maakten over hun vrouw en kinderen. De Bijbel is samengesteld door mensenhanden. ...
Dus dat is de hele verklaring voor het wonder van Jozua, Bento? Dat is nog maar een klein deel. Voor de rest ligt de verklaring in het idioom van die tijd. Heel veel zogenaamde wonderen zijn slechts een manier van uitdrukken. ...
Ik ben tot de conclusie gekomen dat de rituelen in onze gemeenschap niets te maken hebben met goddelijke wetten, zaligheid, deugd en liefde, maar alles met maatschappelijke rust en het in stand houden van de macht van rabbijnen ... Op heel veel plekken in de Thora wordt gezegd dat we ons hart moeten volgen en de rituelen niet al te serieus moeten opvatten. Laten we Jesaja en Jeremia eens bekijken, die allebei heel duidelijk stellen dat de goddelijke wet over een oprechte manier van leven gaat, en niet over een leven dat geheel is gewijd aan het uitvoeren van ceremonies. Jesaja zegt onomwonden dat we ons moeten onthouden van offers en feesten en hij vat de hele goddelijke wet samen in deze eenvoudige woorden, - Bento sloeg de Bijbel open bij een boekenlegger in Jesaja en las voor: "Vermijd het kwade, zet je in voor het goede; kom op voor het recht, houd uitbuiters in toom". ...
Met die goddelijke wet bedoel ik het hoogste goed, de ware kennis van God en de liefde.
Dat is nogal een vaag antwoord. Wat is die "Ware kennis"?
Ware kennis houdt in dat we ons intellect vervolmaken om zo God beter te leren kennen. ... Ik houd erg van de woorden van Salomon die zegt: "Want de wijsheid zal in je hart wonen en je kennis maakt je gelukkig. Dan zullen bedachtzaamheid en inzicht je beschermen, je behouden voor verkeerde stappen." ...
Ik stel dat frasen als 'het hiernamaals' en 'een onsterfelijk bestaan bij God' de woorden van mensen zijn, en niet die van God. Bovendien zijn deze woorden niet te vinden in de Thora; het zijn frasen van rabbijnen die commentaren op commentaren schrijven.
Het spot met de rede om aan te nemen dat we na de dood zullen voortbestaan zoals we nu zijn. Lichaam en geest zijn twee aspecten van een en dezelfde persoon. De geest kan niet voortbestaan als het lichaam is gestorven. ... Het is eenvoudig onmogelijk dat er iets zou gebeuren dat strijdig is met de vaststaande wetten van de natuur. De natuur, die oneindig en eeuwig is en alle stof in het heelal omvat, gedraagt zich in overeenstemming met geordende wetten die niet ondergeschikt kunnen worden gemaakt aan bovennatuurlijke wetten. ... Dat staat ook heel duidelijk in Genesis: "Met het zweet op je gezicht zul je brood eten, totdat je terugkeert naar de aarde, waaruit je genomen bent; want stof ben je en tot stof zul je terugkeren."... Maar inmiddels heb ik deze kinderlijke hoop laten varen en vervangen door de wetenschap dat ik mijn vader in me meedraag - zijn gezicht, zijn liefde, zijn wijsheid - en op die manier ben ik al met hem verenigd. Die gezegende hereniging moet zich in dit leven voltrekken, want dit het enige leven dat we hebben. ... Het is onze taak en volgens mij wordt ons ook in de Thora onderwezen, om in dit leven gelukzaligheid te verwerven door een leven vol liefde te leiden en ernaar te streven God te leren kennen. De ware vroomheid bestaat uit rechtvaardigheid, liefdadigheid en de liefde voor de naaste. ...
Als God en de natuur identieke eigenschappen hebben, wat is dan het verschil tussen God en de natuur? ... Er is geen verschil. God is de natuur. De natuur is God.

Uit 'Het raadsel Spinoza' van Irvin.D.Yalom.

Geloof en out of the box

Eigenlijk kennen we niets. De kader van de puzzel is nu wel gelegd, maar we hebben geen flauw idee van wat daarbinnen zit. We hebben een fractie van het heelal verklaard, er rest 95 procent donkere materie en donkere energie. De zoektocht gaat dus nog wel even door. Ik vind het best een beetje beanstigend. We weten niet of we iets zullen vinden en wanneer. Zal het nog eens 50 jaar duren? Het wordt alles of niets.
....
Gelooft u in de zogenaamde Theorie van Alles, waar het onder natuurkundigen in de koffiekamer wel eens over gaat? Ik zou het leuk vinden als zoiets inderdaad bestaat. Maar u kiest het woord goed: geloven. Collega's van de theoretische fysica zullen het niet graag horen, maar het is inderdaad een beetje zoals met godsdienst. Zolang je het niet kunt bewijzen, is het een geloof.
...
Van God gesproken, collega Joël De Ceulaer betoogt in zijn boek 'Gooi God niet weg' dat een mens maar beter de tweede wet van de thermodynamica kan kennen dan Hamlet. Als het puur om overleven gaat, heeft hij gelijk. Dan dient kunst tot niets. Maar je hebt beiden nodig. Ik zou me geen leven zonder boeken, schilderijen of muziek kunnen voorstellen. Ook wetenschappers hebben die nodig, zonder kom je nooit out of the box. Er is niets als ratio en creativiteit niet samengaan. Er is in een mensenleven ook zoveel meer dan het loutere overleven. Je zoekt naar een nuttige invulling, naar zaken die je blij maken. In de oertijd hadden mensen al nood aan tekenen en beeldjes maken. Mensen moeten verhalen vertellen aan zichzelf, aan elkaar.

Petra Van Mulders, onderzoekster CERN, in DS 12 juli 2014.

« L'Art c'est la trace de notre passage sur Terre » uit de film "Les Intouchables"

woensdag 18 juni 2014

Plicht van het heden.

De plicht van het heden is de weldoener van de toekomst te zijn.
Jules Verne.

dinsdag 27 mei 2014

Wil komt uit de toekomst

Wil komt uit de toekomst, denken uit het verleden.
Mieke Mosmuller

vrijdag 16 mei 2014

Werken naar ruimer perspectief en gemeenschap der heiligen


"U zei ooit 'Zonder het hiernamaals is het leven zinloos.' Hoe belangrijk is het geloof in uw leven?
Dit een belangrijk element. In die zin dat ik moeilijk zou kunnen leven zonder het perspectief dat het niet eindigt bij de dood en dat je werkt naar een ruimer perspectief.
(Interview met JL Dehaene getoond in Terzake 15/5/2014)

Zijn bekommernis ging vanuit zijn scouts- en sociaal verleden instinctmatig naar de zwakkere. Aan het eind van zijn leven wilde hij kunnen zeggen dat hij op zijn minst had geprobeerd de wereld een stukje leefbaarder te maken. Volgens mij kwam die inzet en betrokkenheid ook voort uit een diepreligieus gevoel, wat nog iets anders is dan een godsdienstig, laat staan kerkgebonden gevoel. (Hugo De Ridder in DS over JL Dehaene)

Ik heb steeds geleefd met de overtuiging dat de dood geen eindpunt is, veeleer een verplichte overgang naar een ander leven. Een ander leven dat evenwel niet gescheiden is van het leven voor de dood. Voor mij is de gemeenschap der heiligen een echte gemeenschap die vanuit dit leven reeds wordt opgebouwd. Vandaar dat samenleven in gemeenschap een essentieel deel is van het leven van iedere mens. Het individualisme is daar de tegenpool van. De mens is maar volwaardig als persoon, als individu in gemeenschap. In het hiernamaals gaat men volgens mij op in die gemeenschap. Ik kan derhalve maar zin geven aan mijn leven door hier en nu samen te leven in gemeenschap met anderen. Van daaruit is mijn politiek engagement essentieel. Die opname in de gemeenschap der heiligen – hier natuurlijk niet in de betekenis van ‘heilig verklaard’ – heb ik op ontroerende wijze meegemaakt bij het overlijden van mijn moeder in een dienst voor palliatieve zorg. Voor haar was die overgang natuurlijk en ze heeft die op zeer natuurlijke wijze kunnen beleven met haar kinderen en kleinkinderen.
Uit: ‘Licht aan de horizon. Over leven na de dood’, Halewijn Antwerpen, 2006 

donderdag 15 mei 2014

Weg en bestemming

De weg zelf is je bestemming.
Confucius.

donderdag 1 mei 2014

Le bonheur d'avoir donné

Donne, et ne garde qu'une chose:
le bonheur d'avoir donné
(Christophe André)

Deemoed, samenbrengen en emotie vs.ratio.

Over meeste dingen in mijn leven heb ik totaal verkeerd gedacht. Ik was overtuigd van de totale maakbaarheid van mens en wereld. Dat is nu anders. Je moet je wel inzetten om bepaalde dingen te veranderen, maar af en toe moet je deemoedig zijn. Soms werkt het niet, soms weet je het gewoon niet. Je moet ruimte laten voor mislukking. Wie niet wil mislukken, zal zich nooit vernieuwen. ... maar één talent heb ik wel: ik zie talent. Ik kan mensen samenbrengen, hen op één lijn zetten en ze krankzinnig enthousiast maken. ...
Ik weet inmiddels ook dat een doelstelling rationeel kan zijn, maar de weg ernaartoe is dat zelden. We maken soms vreemde sprongen, dat is eigen aan de mens. Een mens is geen rationeel wezen. De mens is een emotioneel dier, dat probeert rationeel te zijn. En dat mislukt keer op keer. Ik vind dat niet erg. Vaak zijn die vreemde sprongen nodig, en brengen ze je toch waar je moet zijn.
(Frank Vanmassenhove in De Standaard 26/4/2014)

donderdag 17 april 2014

Build as if the sand were stone

Nothing is built on stone; all is built on sand, but we must build as if the sand were stone.

Jorge Luis Borges

Small group of thoughtful, committed citizen can change the world

Never doubt that a small group of thoughtful, committed citizens can change the world; indeed, it's the only thing that ever has.

Margaret Mead

zaterdag 12 april 2014

Bruggen

Hoe kun je nieuwe kansen scheppen als je belemmerd wordt door angst? ... Op tocht gaan is iets heel symbolisch, en de uitnodiging is dus vertrouwen te hebben in het onbekende. Als je met vertrouwen verkent wat je normaal weert - omdat je vreest dat het een gevaar inhoudt - opent dat nieuwe perspectieven. We horen de laatste tijd heel sombere signalen op vlak ecologie, economie en politiek. We vertrekken vanuit de veronderstelling dat het juist nu is, in deze wereld vol crisissen, dat we bruggen moeten slaan over de verdeeldheid heen. (Sebastien de Fooz, De Bond)

I'm yours and you are mine.

Mother Earth, you're my life support system. As a soldier I must drink your blue water, live inside your red clay and eat your green skin. Help me to balance myself. As you hold in balance, the Earth, the sea, and the space environments. Help me to open my heart, knowing that the Universe will feed me. I pray my boots will always kiss your face, and my footsteps match your heartbeat. Carry my body through space and time. You're my connection to the Universe and all that comes after. I'm yours and you are mine. I salute you. (uit The Men who stare at Goats)

zondag 6 april 2014

A deeper materialism and getting free of self-importance

- from abstraction to action
- verticale transcendentie én horizontale transcendentie
- aandachtsleegte
https://www.youtube.com/watch?v=DqFgGpoLINg

Het lichamelijke geeft betekenis aan ons leven, zegt u als sportfilosoof. Maar wat als het lichaam verdwenen is?
Daar zat ik dus mee. Ik heb niet de troost van het geloof. Spiritualiteit is voor mij een moeilijke kwestie. Wat is het anders dan een te buiten gaan van jezelf naar iets of iemand anders? In de religie gebeurt dat verticaal, naar boven toe, naar God. Waarom het ook niet horizontaal kunnen, in de liefde, erotiek en vriendschap die we voelen en met anderen beleven?
Marc Van den Bossche, Filosoof in de standaard magazine 14/9/2014

Getting free of Self-importance:
- you are tiny and the world is large
- spend a day or 2 or 3 without a mirror
- become engaged in your immediate world

https://www.youtube.com/watch?v=mgBs_W5CFnw

L'humilité est au sommet de la vie spirituelle (Angela de Foligno)

Omhels onvolmaakte.

La disponibilité avec l'hôte silencieux qui écarte tout limite.

Eenheid herkennen is verbondenheid voelen,
is thuis komen, zonder angst,
in een zinvol en liefhebbend universum.
http://deredactie.be/permalink/1.2198270

Bewustzijn wekken door zich open te stellen in nederigheid.
De levenservaringen voorzeggen ons nederigheid,
maar ook verbondenheid met de wereld buiten ons.
In dit bewustzijn maak je steeds weer contact met jezelf,
de mensen om je heen, je omgeving, de manier waarop
je in het leven staat, je levensdoel, de activerende kracht
van het onbekende, liefhebbende goddelijke universum.
Vanuit dit bewustzijn ben je steeds weer
aandachtig aanwezig bij alles wat zich voordoet
in het moment en heb je oog voor het wonder.
Vanuit dit bewustzijn zet je doelbewust de stap
naar het aanwenden van je unieke gaven voor
je persoonlijke welzijn en voor de gemeenschap.

Degene die hemel en aarde bewaart

Draag gerust uw leven
en al wat uw hart krenkt
op aan de allertrouwste zorg
van Degene die hemel en aarde bewaart,
die wolken, lucht en winden
leidt in goede baan,
en die zeker de weg zal vinden
waarop uw voet kan gaan.
(uit de Mattheuspassie nr.53 koraal J.S.Bach)
https://www.youtube.com/watch?v=NF7BjVcYuMM

Mother Earth, you're my life support system. As a soldier I must drink your blue water, live inside your red clay and eat your green skin. Help me to balance myself. As you hold in balance, the Earth, the sea, and the space environments. Help me to open my heart, knowing that the Universe will feed me. I pray my boots will always kiss your face, and my footsteps match your heartbeat. Carry my body through space and time. You're my connection to the Universe and all that comes after. I'm yours and you are mine. I salute you. (uit The Men who stare at Goats)

In de Heer ben ik altijd dankbaar,
in de Heer verheug ik mij.
Zie naar God en wees niet bang;
verhef uw stem want Hij is nabij,
verhef uw stem want Hij is nabij.
(gelezen)

Verder geloof ik wel in spiritualiteit, in geestelijk charisma, in verbanden die wij niet kunnen analyseren. (Gerard Mortier in DS 28/12/203)

God, ik draag mijn hart niet hoog
en ook mijn ogens steken niet van trots.
Ik ben niet uit op wat zo belangrijk lijkt
in mensenogen,
op grootse daden
die mijn kracht te boven gaan
en mij verheffen.
Nu ben ik verstild,
stil geborgen als een kind
op zijn moeders schoot.
Zo ben ik, uw kind,
en ik wacht in vertrouwen
op Uw komst, altijd.
psalm 131

De eeuwigheid is er nu.
Jij bent erin.
Ik ben erin.
Ze is rondom ons in de schittering van de zon.
We zijn vlinders die in de warmte van het licht zweven.
Geen tijd die ons scheidt.
Geen gisteren, geen morgen.
Alleen het eeuwige nu.
Voor ons.
Samen.
Het is wel.

Bladeren vallen, vallen van daarginds
alsof verre tuinen verwelken in de hemel:
zij vallen met afwijzende gebaren.

En in de nachten vervalt de zware aarde
uit alle sterren in eenzaamheid.

Wij vallen allemaal. Deze hand hier valt.
En zie de anderen: het is in allen.

En toch er Eén. die al dit vallen
oneindig zachtjes in zijn handen houdt.

Rainer Maria Rilke

Elke avond als ik thuiskom, heb ik zo'n moment. Voor ik mijn huis binnenstap, kijk ik altijd even naar boven en grappig genoeg staan daar altijd sterren. Mijn moment met de sterren is mijn dagelijks moment waarop de ballast van mijn schouders glijdt. ... Religie is voor mij het werkelijk kunnen voelen dat je deel uitmaakt van een groter geheel. (Inge Vervotte in DS 19/1/2007)

zondag 9 maart 2014

Leren leven met genoeg en hunkering

Dat dit exotisch religieuze gebeuren op heel wat vlakken parallellen vertoont met initiatieven als 'Dagen zonder vlees' ziet men daarbij over het hoofd. En net dat over het hoofd zien weerhoudt onze moderne geesten ervan de noodzaak van vasten te begrijpen. We zien niet hoezeer vasten lifestyle of exotisme overstijgt en in welke mate onze samenleving hunkert naar een dieper begrip van dit spirituele gebruik. .. Een vastenperiode is immers een periode waarin men de moeite neemt om te leren leven met minder. En laat net dat in tijden van crisis bijzonder nuttig zijn. Elke dat worden we immers geconfronteerd met onze tanende economie en met weloverwogen opinies van experts die uiteenzetten waarom onze huidige consumptiedwang niet vol te houden is. Zo beseffen we onderhand dat er een aanal wereldbollen extra nodig zijn als de hele mensheid de levensstandaard van de gemiddelde Belg wil aanhouden. ... Waar in ons onderwijs leren we zuinigr en soberder te leven? ... Het wordt stilaan realiteit. .. Moeten we werkelijk wachten tot het tekort ons overvalt? Er bestaan nochtans mogelijkheden om beetje bij beetje te leren leven met genoeg. .. In deze tijd van consuminderen is vasten een noodzaak. Het 'oefent' immers een bijzonder belangrijke ingesteldheid (Jonas Slaats in 'Vasten, of leren leven met genoeg' in DS 8 maart 2014)

De ramadan is voor ons een periode waarin we stilstaan bij het leven en teruggaan naar de essentie : een periode van reflectie, zorgen voor elkaar, familie. (uit een gesprek met vrouw met Marokkaanse roots)

Eenheid in visioen

Gehoord op 2 maart 2014

Orde vs.moraal en gestructureerde onverantwoordelijkheid

Ik moest de orde bewaren. Als ik de deur van de brandende kerk zou geopend hebben, zouden er totale chaos geweest zijn onder de naar buiten stormende gevangenen. (uit de film The Reader, op canvas 7 maart 2014)

Tegelijk hoopt men op het bestaan van een soort voorzienigheid: de hoop dat de interne rationaliteit van het systeem pannes of crises vanzelf compenseert. De realiteit is toch ingewikkelder. ... Ieder weet op zijn niveau waar hij mee bezig is, maar het systeem zorgt ervoor dat ze niet de eindverantwoordelijkheid kunnen nemen voor hun daden. In 2008 zag je goed waartoe die gestructureerde onverantwoordelijkheid leidt. (Joseph Vogl in DS 15 maart 2014).

Zelfoverschatting en overdreven geloof in ratio en via ratio controleren van de werkelijkheid. De werkelijkheid kan enkel gevat worden weg van het rationele ik-perspectief en vanuit de zichzelf wegcijferende aandacht voor de wereld rond ons en de concrete actie.

zondag 2 maart 2014

Ratio vergoelijkt

De solidariteit die zo evident was in de tijd van mijn grootvader, is compleet verdwenen. We zijn harteloos geworden, en het erge is: met onze ratio krijgen we dat ook nog eens perfect verantwoord (Stefan Hertmans, DS 1/3/2014)

Over meeste dingen in mijn leven heb ik totaal verkeerd gedacht. Ik was overtuigd van de totale maakbaarheid van mens en wereld. Dat is nu anders. Je moet je wel inzetten om bepaalde dingen te veranderen, maar af en toe moet je deemoedig zijn. Soms werkt het niet, soms weet je het gewoon niet. Je moet ruimte laten voor mislukking. Wie niet wil mislukken, zal zich nooit vernieuwen. ... maar één talent heb ik wel: ik zie talent. Ik kan mensen samenbrengen, hen op één lijn zetten en ze krankzinnig enthousiast maken. ...
Ik weet inmiddels ook dat een doelstelling rationeel kan zijn, maar de wet ernaartoe is dat zelden. We maken soms vreemde sprongen, dat is eigen aan de mens. Een mens is geen rationeel wezen. De mens is een emotioneel dier, dat probeert rationeel te zijn. En dat mislukt keer op keer. Ik vind dat niet erg. Vaak zijn die vreemde sprongen nodig, en brengen ze je toch waar je moet zijn. (Frank Vanmassenhove in De Standaard 26/4/2014)

Het is een doorgeslagen rationaliteit, een blind geloof in de rede en het meetbare. We zijn er heel wat waardevolle kennisbronnen door gaan bagatelliseren en afsluiten: het zintuiglijke, de ervaring, de praktijk, de emotie. Het doet mij denken aan de woorden van de Britse romancier G K Chesterton: A madman is not someone who has lost his reason but someone who has lost everything but his reason.

Uit de DS 28 sept 2014 'Een mens: wat mag dat kosten?'

In theoretisch opzicht kwamen ze allebei (leibniz en spinoza) van dezelfde plek, namelijk de toekomst: ze speelden op het veld dat Descartes had opengegooid, en de ontdekking van de rationaliteit als recht en richting voor de mens was voor hen allebei een overgang waarvan geen terugkeer mogelijk was. Het probleem was hoe die stap voorwaarts moest worden verenigd met een kleinigheidje waarvan geen beiden echt afstand wilde doen: God.
Matthew Stewart in DS magazine 

zaterdag 8 februari 2014

De missie van rentmeesterschap

Doemdenken past ons niet, het tempert het vinden van concrete, praktische, politieke oplossingen. Mensen horen bij de Schepping en zijn een deel van de natuur – zij het met een ‘status aparte’. We mogen er zijn, en we mogen ook gebruik maken van de vruchten van de aarde. Maar wel: in de hoedanigheid van de rentmeester.
...
Een rentmeester is geen eigenaar, maar een beheerder. De aarde is, net als het leven zelf, een geschenk, en dat geeft ons de opdracht om er zorg voor te dragen. Zo is deze opdracht gegrond in het christendemocratische mens en wereldbeeld.
...
De christendemocratie stoelt op de overtuiging dat een samenleving niet alleen een contract is tussen de mensen die nú leven, nú hun stem uitbrengen, en die nú kunnen klagen als er iets gebeurt dat hun belangen schaadt, maar ook een contract is tussen de levenden, onze voorouders, en onze nakomelingen: onze kinderen, en hún kinderen.

Het begrip rentmeesterschap verbindt ons (zowel verticaal in de tijd, als horizontaal in de ruimte) met onze medeburgers, en met de vorige en toekomstige generaties.

We horen vaak over het belang van die toekomstige generaties. Maar ook de vorige generaties spelen een belangrijke rol in dat denken: Opdat wij datgene wat onze ouders en grootouders met veel moeite en zorg hebben bewaard en opgebouwd, niet verjubelen, maar dankbaar bewaren om het na te laten aan onze kinderen.

En precies dáár reikt de missie van rentmeesterschap ook verder dan het fysieke milieu! We laten niet alleen een fysieke leefomgeving na aan onze kinderen, maar ook een maatschappelijke ordening: zij groeien op in een cultuur. De vraag is dus niet alleen: hebben wij een duurzame natuur, maar hebben wij ook een duurzame cultuur? Of zoals in de encycliek ook staat: niet alleen een natuurlijk milieu, maar ook een menselijk milieu.

We zijn niet alleen rentmeesters van de natuur, maar ook van de ordening en de beschaving. Goed rentmeesterschap draait niet alleen om het behoud van de fysieke ecologie, maar ook om behoud van wat je de sociale ecologie zou kunnen noemen: de instituties, tradities en gewoonten die gemeenschappen hanteren.

Die drukken gezamenlijk een vorm van goed leven en samenleven uit die we willen overdragen aan de nieuwe generaties. Juist daarom is goed sociaal rentmeesterschap ook: het onderhouden van het gedeelde fundament van culturele waarden waarop de samenleving rust. En daarbij het meer centraal stellen van onze culturele waarden als een normstellend, richtinggevend kader voor integratie. Zo kunnen we voorkomen dat de samenleving uit elkaar groeit en kunnen we waarden uit onze cultuur overdragen.

Wij weten allemaal dat onze huidige instituties, gewoonten en tradities aan erosie onderhevig zijn. Denk aan woningbouwcorporaties, gehandicaptenzorg, onze Polder, omroep- verenigingen en ziekenhuizen.

Het is onze plicht als goed rentmeester, om hierover na te denken; een analyse te maken over de oorzaken van deze erosie; de verstatelijking, enkele negatieve gevolgen van marktwerking, de afhankelijkheid van overheidsfinanciering , de ontzuiling, de onthechting van de oorspronkelijke achterban, de individualisering… noem maar op.

We zijn allen verantwoordelijk voor de ordening van onze samenleving. We zijn verantwoordelijk voor een contract tussen mensen om ons land op een bepaalde manier in te richten en te besturen en om instituties zo duurzaam mogelijk door te geven aan onze kinderen en achterkleinkinderen.

De SER, het Poldermodel, de produkt- en bedrijfschappen, vakbonden, ze staan allemaal onder druk. Er zijn zelfs partijen die alles willen afschaffen, letterlijk. Maar we moeten juist niet het kind met het badwater weggooien! Er is namelijk zoveel dat wel goed gaat en waar een toegevoegde waarde zit. Kijk alleen al naar het vrijwilligerswerk en al het maatschappelijk initiatief.

Tegelijkertijd moeten we onze overtuigingen ook niet koesteren als zorgvuldig bijgezet antiek: Wij hier allen bijeen moeten onder ogen zien dat de samenleving verandert, en dat gekoesterde instituties soms gediend zijn met een frisse discussie over nut en noodzaak. Daar is niets mis mee, het is goed om zo af en toe het kussen eens op te schudden en kritisch te onderzoeken of het allemaal nog goed is georganiseerd.

Maar voor mij gaat het daarbij om een dieperliggende opvatting van economisch organiseren, waar het niet alleen gaat om het individuele gewin op korte termijn, maar ook zicht is op het algemeen belang en de lange termijn die in onze maatschappelijke organisaties is gewaarborgd.

Voor ons ligt een opdracht bij het vormgeven van een eigentijdse ordening van de samenleving die voortkomt uit onze cultuur die we zorgvuldig door dienen te geven aan onze kinderen en kleinkinderen. Daarom is rentmeesterschap de belangrijkste uitdaging van onze generatie, en daarom schept sociaal rentmeesterschap het kader voor onze belangrijkste maatschappelijke en politieke opgaven. En het goede is dat in nagenoeg alle initiatieven om dit alles te realiseren, zoals ook blijkt uit eerdere delen van mijn betoog, de maatschappij leidend is. Primair zijn het de maatschappelijke organisaties die het voortouw namen en nemen. Van het verzet tegen afvaldumping in het Naardermeer begin vorige eeuw tot de milieubeweging nu. De overheid is niet altijd nodig. Zie ook het initiatief van dit congres.

Uit toespraak Maxime Verhagen op 24-08-2011

U hamert erop dat we er met efficiënter energieverbruik niet geraken, maar een nieuw model nodig hebben. Is dat geen politieke stellingname?
Dat zijn feiten. We kunnen de ontploffingsmotor zo zuinig mogelijk maken, of zelfs allemaal elektrisch gaan rijden. Maar dan nog zullen we allemaal samen in de file staan als we vasthouden aan individueel autogebruik. Transitiedenken betekent dat we onze mobiliteit aanpassen aan de limieten van de aarde. ... We zullen evolueren van een bezitseconomie naar een diensteneconomie. Vandaag koopt ieder zijn eigen auto. In de toekomst zullen we mobiliteitscontracten kopen. Mijn collega gebruikt in de stad een kleine elektrische wagen, maar in zijn contract is het gebruik van een grotere wagen inbegrepen wanneer hij die nodig heeft. Dat is al een stap in de goede richting.
Europa moet blijven aantonen dat economische performantie en milieudoelstellingen elkaar niet tegenspreken. Dat, integendeel, het aanvaarden van de grenzen van de planeet de weg opent naar innovatie en competiviteit. ... Een belangrijke grondstof waarover de mens beschikt, is zijn creativiteit. Die is globaal voldoende aanwezig om toch nog uitwegen te zoeken. Dat optimisme heb je nodig om in ons vakgebied te werken.

Hans Bruyninckx in DS 8 februari 2014

vrijdag 31 januari 2014

Moral blindness en anosognosie

Hoe komt het dat het zo moeilijk is voor mensen om vooruit te kijken en hoofd-en bijzaken te onderscheiden?

Vermeersch: ‘Omdat we allemaal zelf deel uitmaken van het systeem. Ik eet graag garnalen. Maar de Noordzeegarnalen op mijn bord worden eerst naar de andere kant van de wereld gevlogen om te worden gepeld. Wat een onnoemelijk verlies. Zo zijn er duizend en één dingen, waar we ons soms zelfs niet van bewust zijn.’

Beeckman: ‘Zygmunt Bauman noemt dat moral blindness. We weten de gevolgen van ons handelen voor anderen niet. Of we kunnen makkelijk doen alsof we het niet zien. We zijn individualistisch geworden.’

Interview in ‘De Tijd’ dd 28/12/2013, met Tinneke Beeckman en Etienne Vermeersch

Ik kijk naar de wereld als psychiater en ik zie veel problemen maar de wereld beseft dat niet. Het is zoals met mijn patiënten die geen ziektebesef hebben. In geleerde medische termen heet dat anosognosie. Zolang die ontkenning er is kan er geen genezing volgen. Ik trek dat door naar de wereld. Zolang de problemen worden ontkend of weggemoffeld, kan er geen verandering optreden. (Psychiater Dirk De Wachter).

We "rationaliseren" de problemen weg (gehoord).


Komt er nog eens een financiële crisis? Ja, volmondig. Wanneer? Moeilijk op te antwoorden. Maar er komt er een, want de basisoorzaak is niet verdwenen. Dat zijn wij met zijn allen, onze gedrevenheid naar almaar meer. In het Engels noemt men dat 'greed'. Daar komt nog 'ignorance' bij: we negeren zaken als ze ons niet goed uitkomen. (Johan Thijs CEO KBC in de Tijd).

dinsdag 28 januari 2014

Not thinking less of yourself, but thinking of yourself less

Een gezond, robuust zelfvertrouwen is een kenmerk van nederigheid. Serieus? Zeker. Het is zelfs het eerste van vijf kenmerken van nederigheid die twee Amerikaanse psychologen noemen in een artikel over de psychologie van de nederigheid, dat verscheen in Social and Personality Psychology Compass. Verdere kenmerken van nederigheid zijn: de eigen fouten onder ogen zien, openstaan voor nieuwe informatie, gericht zijn op anderen en iedereen gelijkwaardig achten.

Bij dit rijtje eigenschappen denk je als lezer al snel aan bijvoorbeeld Moeder Teresa, Ghandi en Jezus, maar de onderzoekers noemen in hun artikel geen voorbeelden van beroemde nederige mensen. Ze betogen juist dat nederigheid niet alleen een stabiele persoonlijkheidseigenschap is, maar dat de meeste mensen weleens een nederige bui kunnen hebben. Bijvoorbeeld bij de geboorte van een kind, bij een religieuze ervaring, als iemand iets groots verricht of als mensen diep contact maken met iemand die vergelijkbare problemen heeft.
...
Not thinking less of yourself, but thinking of yourself less. (C.S.Lewis)

(De meest miskende deugd, Ellen de Bruin, DS 28/2/2014).

Jezus zegt tot Johannes: ‘Laat dit nu begaan...’. Een volheid breekt door in dit moment van nederigheid ... Wat een volheid! Alles komt tot vervulling in dit beginnend moment: de doop en onderdompeling die de vorm heeft van een verdrinking en versmachting, wordt gevolgd door een moment van vervulling met een nieuwe, heilige Geest ... Niets grijpt zo diep in ons leven in als die onderdompeling in het water waar we één worden met Hem ... (pater Benoît Standaert).

zondag 19 januari 2014

Matigheid


25 Jozef zei tegen de farao: ‘U hebt tweemaal hetzelfde gedroomd, farao, en God heeft u bekendgemaakt wat hij gaat doen. 26 Die zeven mooie koeien zijn zeven jaren, en die zeven mooie korenaren zijn ook zeven jaren: het is een en dezelfde droom. 27 De zeven magere, lelijke koeien die daarna tevoorschijn kwamen, staan ook voor zeven jaren, net zoals de zeven lege aren die door de wind verschroeid waren: er zullen zeven jaren van hongersnood komen. 28 Het is, farao, zoals ik u daarnet zei: God heeft u laten zien wat hij gaat doen. 29 Er komen zeven jaren waarin er in heel Egypte grote overvloed zal zijn. 30 Daarna volgen zeven jaren van hongersnood. Dan zal niemand zich nog iets herinneren van de overvloed die er in Egypte was. De hongersnood zal het land te gronde richten 31 en zo erg zijn dat er van de eerdere overvloed niets meer te bespeuren valt. 32 Dat u deze droom tweemaal hebt gekregen, betekent dat Gods besluit vaststaat en dat hij het binnenkort gaat uitvoeren. 33 U zou er daarom goed aan doen, farao, een verstandig en wijs man te zoeken en het bestuur over Egypte aan hem toe te vertrouwen. 34 Ook zou u krachtige maatregelen moeten nemen. Ik raad u aan in het hele land opzichters aan te stellen en tijdens de zeven jaren van overvloed een vijfde te vorderen van wat het land opbrengt. 35 Al het voedsel dat Egypte voortbrengt in de goede jaren die straks aanbreken, moet worden verzameld. U moet erop toezien dat er in de steden graan wordt opgeslagen, en dat graan moet zuinig worden bewaard. 36 Uit die voedselvoorraad kan het land dan putten in de zeven jaren van hongersnood die het te wachten staan. Zo hoeft Egypte niet van honger om te komen.’ (Genesis 41)

Een muizenval, met een euro in plaats van het obligate stukje kaas. Dat beeld siert de cover van De Muizenval, het boek waarin VKW-hoofdeconoom Geert Janssens terugblikt op de crisis. Zijn stelling is daarmee perfect samengevat: zoals de geur van kaas een muis naar zijn ondergang leidt, zo bracht hebzucht de westerse wereld op de rand van de afgrond. Janssens kijkt voor zijn analyse niet alleen naar de economische wetenschap, maar ook naar wat de psychologie te vertellen heeft over het menselijk gedrag.
....
We worden door ons brein geregeld in de maling genomen. Veel meer dan we zelf beseffen. We laten ons te veel leiden door ons intuïtief, oppervlakkig kortetermijndenken. En vergeten de kennis te gebruiken die we in het verleden opgebouwd hebben en die dieper in ons geheugen begraven zit. Alsof er twee verschillende persoonlijkheden in ons brein zitten.’

‘We moeten terug naar een systeem waarbij het eigenbelang samenvalt met het algemeen belang. De chantage omdat banken te groot zijn om te kunnen omvallen, moet weg. Wie fouten maakt, moet op de blaren zitten.’ Dat zal onvermijdelijk economische groei kosten. ‘Ja, we moeten durven economische groei opofferen.’

(Geert Janssens, econoom VKW, DS 18/1/2014)

Tomáš Sedláček: 'In het paradijs is er geen economische groei'

1 maart 2013 ( MO* ) — Wiskunde is de nieuwe mythe, zegt de Tsjechische econoom Tomáš Sedláček. Hij bekijkt de Griekse schuldencrisis, de mondiale ongelijkheid en economische theorie liever vanuit hun filosofische of ethische grondslag dan vanuit mathematische modellen.
Mediaviewer

© Michaela Danelova
Tomáš Sedláček is een jonge god onder de economen, en zo ziet hij er ook uit. Een bijna gouden krans krullen omgeeft zijn altijd stralende gelaat, zijn forse gestalte laat hem toe zijn argumenten met veel gewicht te onderstrepen, zijn lach klinkt alsof hij zo van de Olympos gerold komt. Vaclav Havel gebruikte hem als zijn economisch raadgever in de jaren negentig en vandaag is Sedláček nog steeds hoofd macro-economische strategie bij de CeskoSlovenská Obchodní Banka (CSOB), Tsjechiës grootste bank, en lid van de Nationale Economische Raad in Praag.

Als hij zegt dat de economie minder een kwestie is van wetenschap dan van mythologie, dan is dat niet omdat de wiskunde hem te boven gaat, maar omdat hij vindt dat de rol van mathematische modellen ruimschoots overschat wordt. Sedláček: ‘Elk economisch model is een verhaal waarmee we de werkelijkheid rondom ons proberen te verklaren. Vroeger waren dat mythologische verhalen, vandaag zijn dat wiskundige verhalen. We zijn echter zo ovetuigd dat die cijfers de werkelijkheid zelf zijn, dat we terechtgekomen zijn in een extreem ideologische wereld, waarin geen afstand meer bestaat tussen het verhaal en de realiteit.’

Tomáš Sedláček: Het zou extreem moeilijk zijn om de logica van vriendschap in een economisch model te gieten, en dat hoeft ook niet want iedereen weet dat vriendschap werkt zonder er wiskunde bij te halen. Maar ook als je het debat over Griekenland volgt, merk je dat het veeleer een theologisch dan een economisch debat is. We stellen in toenemende mate vast dat de cijfers in dat debat secundair of zelfs verwaarloosbaar zijn, wat resulteert in een debat over de wet versus genade. Moeten we de regels strikt toepassen of moeten we vergeven? En als we vergiffenis schenken, hoe vaak dan? Zeven keer, zevenenzeventig keer, zeven maal zevenenzeventig?

In Griekenland gaat het toch om echt becijferbare schulden en problemen?

Tomáš Sedláček: De cijfers bestaan, uiteraard, en je moet ze niet negeren. Maar de cijfers zullen je nooit het antwoord geven. Mijn punt is dat mensen zich niet wiskundig gedragen, maar filosofisch. En als we dat niet erkennen, creëren we juist crisissen zoals in Griekenland.

Economie wordt vaak voorgesteld als een discipline die functioneert op basis van onveranderlijke, in de aard van de dingen besloten wetten zoals de onzichtbare hand van de markt.

Tomáš Sedláček: Het eerste niveau van regulering is het aanvaarden van morele normen: ik zal geen bedrog plegen, ik zal geen schadelijke producten produceren… Als dit sterk genoeg aanwezig is, dan is er verder geen behoefte aan coördinatie of externe regulering.

Het tweede niveau is concurrentie en coördinatie binnen die concurrentie. Als alle schoenenproducenten afspreken dat ze geen plastic zullen gebruiken, maar kwaliteitsvol materiaal, dan kan verder de markt haar werk doen. Maar als beide voorgaande niveaus niet werken, dan is er geen ontkomen aan, dan moet de overheid ethische regels opleggen.

Als de vraag is of we ons moeten onderwerpen aan de wetten van de markt, dan wel of we de economie moeten onderwerpen aan regels die door de overheid opgelegd worden, dan kies ik voor de tweede optie. Anders ruilen we de onbewogen beweger van de middeleeuwse theologie in voor de markt die ons leven en gedrag regelt, terwijl wij haar niet zouden mogen reguleren. Ik verwerp de goddelijke voorzienigheid van de markten.

De hedendaagse economie lijkt vooral te draaien op krediet en schulden. Heeft dat te maken met de dominantie van de financiële sector over de reële economie?

Tomáš Sedláček: Het is niet omdat een samenleving geld gebruikt, dat het een schuldenmaatschappij moet worden. Het feit dat onze samenleving dat wel geworden is, heeft te maken met het feit dat we de interestvoeten niet kunnen beheersen. Alle klassieke filosofen en religieuze denkers waarschuwden tegen het gebruik van interest. Van Aristoteles over het Oude Testament, de Koran, de Veda’s tot de klassieke Summerische rechtspraak, altijd was de boodschap: interesten zijn een vreemd en complex gegeven dat we niet goed kennen of beheersen, gebruik ze dan ook zo weinig mogelijk. Die oude wijsheid werd overboord gegooid en interesten werden zelfs een van de pijlers van ons economisch systeem. Met alle gevolgen vandien.

Zorgt de centraliteit van interesten er ook voor dat de economie steeds moet groeien?

Tomáš Sedláček: De groei van de voorbije decennia in het Westen hebben we gekocht in ruil voor instabiliteit. Je kan het vergelijken met een auto die heel snel kan rijden, maar als je op de rem duwt, ontploft hij. Ik weet niet of zo’n wagen succesvol zou zijn op de markt, maar het is wel een model dat voor de wereldeconomie aangeprezen wordt. Ik denk dat het de hoogste tijd is om een afkoelingsbeweging te maken.

Zijn er voorbeelden van functionerende economieën die niet groeien, maar wel in staat zijn tewerkstelling en kwalitatieve sociale diensten te bieden aan de bevolking?

Tomáš Sedláček: Alles gaat makkelijker als de economie groeit, uiteraard. Maar we weten dat groei niet permanent of vanzelfsprekend is. Landen of maatschappijen moeten zich dan ook zo organiseren dat ze ook periodes zonder groei of met economische krimp kunnen overleven zonder aan sociale afbraak te doen. Dat lukt niet als je ervan uit gaat dat groei een soort goddelijke garantie is, of een onvervreemdbaar mensenrecht. In periodes van groei moet je voorzorgen nemen voor de tijd van economische tegenspoed, die onvermijdelijk komt. Finland, bijvoorbeeld, heeft zijn economische groei bewust afgeremd om zo de schuldengraad van het land stabieler te maken.

De Hebreeuwse samenleving loste problemen van ongelijkheid en schulden op met het joodse jubeljaar. Elke 49 jaar werden alle schulden vergeven en de productiemiddelen herverdeeld. Is dat een idee voor de Europese Unie vandaag? Of is het slechts een mooi verhaal dat ons moet herinneren aan de gevaren van accumulatie van kapitaal en ongelijkheid?

Tomáš Sedláček: Het is beide, denk ik. Het systeem was bedoeld voor een lokale economie 3000 jaar geleden, dus als je de principes vandaag zou willen toepassen, moet het een heel ander uitzicht krijgen. Je zou de financiële crisis kunnen lezen als een opgelegde vergiffenis van schulden, maar dan op een manier die niet tot de enkels reikt van het oude jubeljaar. De joden hadden een voorspelbaar systeem uitgebouwd dat bedoeld was om de concentratie van rijkdom tegen te gaan en de mensen te helpen die omwille van allerlei redenen gemarginaliseerd geraakt waren. Vergelijk dat met de huidige crisis, die niet voorspelbaar was en die op een heel ongelijke en onrechtvaardige manier de schulden vergaf op het niveau waar de rijkdom geconcentreerd was, terwijl de lasten ‘Als Griekenland tachtig jaar geleden failliet was gegaan, dan hadden de andere Europese landen zich niet afgevraagd hoe ze het land konden redden, maar hoe ze het zouden aanvallen, om zoveel mogelijk te profiteren van het Griekse ongeluk.’ afgewenteld worden op degenen die al kwetsbaar waren.

Het jubeljaar was heel sterk verbonden met de overtuiging dat je elke zeven dagen een dag rust moest inbouwen, dat je om de zeven jaar je veld moest laten rusten, dat je elke 49 jaar het financiële systeem rust moest gunnen. Dat sabbatsgebod is het meest geschonden gebod van de tien geboden. Wij kunnen onze economie niet meer laten rusten. Ik zie dat heel duidelijk in Tsjechië. Sinds we onszelf twintig jaar geleden bevrijdden van het totalitaire communisme hebben we niet anders gedaan dan onszelf uit de naad te werken. Mensen, natuur, technologie, machines: alles heeft onafgebroken gedraaid. Toch zijn we niet in staat om daar van te genieten. Het enige dat we kunnen zeggen is: we willen meer.

U beschrijft de geschiedenis van de economische theorie voor een deel als een voortdurende strijd tussen een stoïcijnse en een hedonistische benadering, als een keuze tussen een economie van beheersing en genoeg versus een economie van persoonlijke bevrediging en groei. Zal de klimaatverandering ons –desnoods tegen heug en meug– dwingen te kiezen voor de stoïcijnse optie?

Tomáš Sedláček: Onze fundamentele fout is dat we de natuur louter bekijken als natuurlijke rijkdommen en grondstoffen voor een consumptie-economie. Zoals we mensen getransformeerd hebben in human resources. Dat paradigma leidt onvermijdelijk tot een exploitatie van die rijkdommen tot op de bodem. Daar tegenover groeit de impact van het oeroude verhaal dat een natuur die we niet respecteren zichzelf van een weldadige omgeving kan transformeren in een gigantische vernietigingsmachine. Als die mythe kan helpen om onze benadering van mens en natuur te wijzigen tot een nieuw evenwicht, dan worden we daar ongetwijfeld allemaal beter van.

En dus: voor goed economisch advies moeten we ons vandaag best tot de stoïcijnen wenden?

Tomáš Sedláček: De economische theorie heeft de stoïcijnse school verworpen ten voordele van het utilitarisme, dat ervan uitgaat dat alle middelen toegestaan zijn om mijn persoonlijke, individuele nut na te streven. Maar zelfs John Stuart Mill, een van de grondleggers van die school, ging eerder uit van het nut voor de hele gemeenschap, en dat zou vandaag het mondiale nut zijn. Als dat de toetssteen is, moet je meteen ophouden te zorgen voor de rijken en voor de rijke landen, omdat het quasi onmogelijk is het nut voor die categorie te verhogen. Zelfs als je onze hoeveelheid chocolade, films, tablets of kleren verdubbelt, verhoogt ons geluk niet of nauwelijks. In arme landen of bij de armsten op de wereld volstaat het echter om de hoeveelheid voedsel met de helft te verhogen om de nuttigheid, of het geluk, een enorme sprong omhoog te zien maken. Met andere woorden: zelfs als je de economische theorie van Mill rigoureus toepast, kom je uit bij een sympathieke economie, een economie waarop we trots zouden kunnen zijn, een economie met waarden en praktijken die diametraal tegengesteld zijn aan de utilitaire economie van vandaag.

In realiteit wordt er wel rekening gehouden met de wensen van de rijkste 1 procent, maar niet of nauwelijks met de miljarden armen.

Tomáš Sedláček: De grote katholieke theoloog uit de middeleeuwen, Thomas Van Aquino, zegt dat eigendom een verdedigbare menselijke institutie is, zolang die niet botst met de fundamentele menselijke principes zoals bijvoorbeeld het recht op leven. In extreme omstandigheden wordt het individuele recht op eigendom ondergeschikt aan het collectieve belang. Dan houdt diefstal op diefstal te zijn, omdat het leven van mensen op het spel staat. Ik veronderstel dat iedereen zich daarin kan vinden.

Het principe van Thomas Van Aquino lijkt vanzelfsprekend als de situatie zich voordoet in een omgeving van fysieke nabijheid, maar de gemondialisserde economie produceert letterlijk miljoenen mensen die sterven van honger of armoede, terwijl de rijke bovenlaag van de wereld niet eens bereid is een stukje van haar overvloed op te geven om die onrechtvaardigheid uit de wereld te helpen.

Tomáš Sedláček: Dat klopt, en dat produceert een enorme morele schuld. De notie van de naaste werd heel erg uitgebreid, van de letterlijke gebuur of landgenoot tot de vreemdeling –de Samaritaan, in Jezus’ parabel– en de noodlijdenden overal ter wereld. Dat belette ons in het verleden niet om Afrikanen tot slaven te maken en hun land te exploiteren voor onze verrijking en hun verarming.

Vandaag zie ik toch een verhoogd bewustzijn van onze mondiale morele verantwoordelijkheid, en ik hoop dat die tot een andere omgang met elkaar en met de wereld zal leiden. Ik hoop dat we over een generatie erin zullen slagen de instrumenten te installeren om dat bewustzijn te vertalen in concrete en daadwerkelijke zorg voor alle aardbewoners.

Tegelijk geloof ik dat de mensheid al een hele weg afgelegd heeft. Als Griekenland tachtig jaar geleden failliet was gegaan, dan hadden de andere Europese landen zich niet afgevraagd hoe ze het land konden redden, maar hoe ze het zouden aanvallen, om zoveel mogelijk te profiteren van het Griekse ongeluk.

In het begin van uw boek De economie van goed en kwaad beschrijft u het verschil tussen de Summerische en de Hebreeuwse notie van het paradijs. Voor de Summeriërs liggen het paradijs en de bestemming van de mens in de stad, terwijl de Hebreeërs dat paradijs uitdrukkelijk in de landelijke omgeving van natuur en landbouw situeren. Waar ligt het paradijs van de 21ste eeuws mens?

Tomáš Sedláček: Volgens mij is het paradijs, of de hemel, voor de hedendaagse Europeaan op de eerste plaats een zaak van innerlijke rust en evenwicht. Wat je mist of het tegendeel van wat je het meest bedreigt, dat projecteer je in het beloofde land. In ons paradijs is geen sprake van de chaos, de stress en de extreme ongelijkheid van de stad, maar van harmonie tussen mens, natuur en god –wat je daar ook onder verstaat. We kiezen in steeds grotere getale voor een leven in de stad, omdat daar de economische mogelijkheden het grootst zijn. En van de weeromstuit bevatten onze beelden van het paradijs geen verwijzingen naar productiviteit of economie, maar naar onthechting. Het paradijs is de staat van menszijn waarin je niet langer nood hebt aan alle dingen waarvoor je nu dag in dag uit moet werken en zorgen. In het paradijs is er geen economische groei.

Tomas Sedlacek (econoom) in MO
http://www.mo.be/opinie/tomas-sedlacek-het-paradijs-er-geen-economische-groei
http://tv.tijd.be/nieuws/politiek_economie_algemeen/Keynote_Mediafin_Event.4591.tv?tag=&page=1


Komt er nog eens een financiële crisis? Ja, volmondig. Wanneer? Moeilijk op te antwoorden. Maar er komt er een, want de basisoorzaak is niet verdwenen. Dat zijn wij met zijn allen, onze gedrevenheid naar almaar meer. In het Engels noemt men dat 'greed'. Daar komt nog 'ignorance' bij: we negeren zaken als ze ons niet goed uitkomen. (Johan Thijs CEO KBC in de Tijd).