zondag 26 februari 2012

2009

Tussen de liefde en de leegte

Ik blijf mijn hele leven reizen
Ik volg de wegen van de twijfel
Ik zoek naar wat ik nooit zal vinden
Want ik wil dwars door de
dood heen zingen
Ik wil proberen iets te maken
Ik wil niet breken, ik wil niet haten
Maar op zoek naar mooie woorden
Heb ik de liefde vaak verloren
Ik ben altijd onderweg
Ik ben altijd onderweg
Ik leef onrustig en onzeker
Tussen de liefde en de leegte
Ik ben altijd onderweg
Ik ben altijd onderweg
Ik leef onrustig en onzeker
Tussen de liefde en de leegte
Dit is geen leven om te delen
En toch is heel m'n hart van jou
Maar laat me niet teveel beloven
Want ik blijf m'n dromen trouw
En ik wil nog zoveel woorden zingen
Het is een passionele drang
Ik wil alleen
En alleen bij jou zijn
Maar ik vind nooit de balans
Dus ik blijf altijd onderweg
Ik blijf altijd onderweg
Ik reis onrustig en onzeker
Tussen de liefde en de leegte
Ik ben altijd onderweg
Ik blijf altijd onderweg
Ik reis onrustig en onzeker
Tussen de liefde en de leegte

(Stef Bos)

20-12-2009, 21:53:37







De dood is niets

De dood is niets.
Ik ben maar aan de andere kant.
Ik ben mijzelf,
Jij bent jezelf.
Wat we waren voor elkaar
zijn we nog altijd.

Noem me zoals je me steeds genoemd hebt.
Spreek tegen mij zoals weleer,
op dezelfde toon,
niet plechtig, niet triest.

Lach om wat ons samen heeft doen lachen,
bid, glimlach,
denk aan mij, bid met mij.

Spreek mijn naam uit thuis
zoals je altijd gedaan hebt,
zonder hem te benadrukken,
zonder zweem van droefheid.

Het leven is wat het altijd is geweest,
de draad is niet gebroken.
Waarom zou ik uit je gedachten zijn?
Omdat je me niet neer ziet?

Nee, ik ben niet ver,
juist aan de andere kant van de weg.
Zie je, alles is goed.
Je zult mijn hart opnieuw ontdekken
en er de tederheid terugvinden,
zuiverder dan ooit.
Dus, droog je tranen
en ween niet als je van me houdt.

Toegeschreven aan Augustinus
20-12-2009, 21:50:21






13-12-2009
Niet meer vragen

Er kwamen ook tollenaars om gedoopt te worden en ze vroegen hem: "Meester, wat moeten wij doen?" Hij zei hun: "Niet méér vragen dan voor u is vastgesteld."
(Lucas 3; 10-18)
13-12-2009, 16:51:48







Door Christendom en verlichting gewassen cultuur en waarden

De christenen hebben zich gewassen met de verlichting. ... Het fundamenteel verschil tussen het Christendom en de Islam is zo groot dat er op dit moment een apocaliptische scheiding der geesten is. .. Het grote verschil tussen het Christendom en de Islam is dat het Christendom een godsdienst van vrede is. ... Ik weet ook wel welke 'ontsporingen' er in de geschiedenis zijn geweest, maar het Christendom is fundamenteel een godsdienst van naastenliefde en barmhartigheid. Ik zeg dit als atheïst. (Wim Van Rooy in Ongehoorde meningen op radio 1).
Ik ben in het christelijke geloof opgevoed. Ik houd er verbittering noch woede aan over, integendeel. Ik heb aan die religie, dus ook aan die Kerk een wezenlijk deel te danken van wat ik ben of van wat ik probeer te zijn.... Zelfs de manier waarop ik atheïst ben draagt nog het merkteken van dat geloof uit mijn kinderjaren en uit mijn adolescentie. Waarom zou ik me ervoor moeten schamen? En waarom zou ik mer zelfs over moeten verbazen? Het is mijn geschiedenis, of liever gezegd de onze. Wat zou het Westen zijn zonder het christendom? Atheïst zijn is geen reden om aan geheugenverlies te lijden. De mensheid is een: godsdienstigheid maakt er deel van uit, ongodsdienstigheid ook, en geen van beide is voor haar voldoende. .... Door in cultureel opzicht conservatief te zijn kun je in politiek opzicht progressief zijn. Dat gaat in het bijzonder ten aanzien van de moraal op, en voor de oudste waarden (die van de grote religies en van de antieke scholen in wijsheid: rechtvaardigheid, mededogen, liefde ...) en ook voor de meest recente (die van de Verlichting: democratie, laïcité, rechten van de mens ...). Laten we het verleden niet overboord gooien! Uitzonderingen daargelaten komt her er niet op aan nieuwe waarden te bedenken; het komt erop aan een nieuwe trouw aan de waarden die we hebben ontvangen en die we dienen door te geven uit te vinden of opnieuw uit te vinden. ... Wat blijft er van het christelijke Westen over als het niet christelijk meer is?
(Uit 'De geest van het atheïsme', André Comte-Sponville).
13-12-2009, 16:42:14







Darwin en humane samenleving

Wetenschappers zouden hun zaak ook een dienst bewijzen indien ze er vlotter voor uitkwamen dat de neodarwiniaanse theorie weliswaar een bevredigende uitleg geeft van de waargenomen verschijnselen, maar geen volledige. Heel wat aspecten van de werkelijkheid vallen buiten het gezichtsveld van deze theorie, zoals bijvoorbeeld het doelgericht handelen dat bij mensen en dieren meebepalend is voor sommige gedragingen. De darwiniaanse theorie verklaart de biologische processen uitsluitend vanuit oorzaken, terwijl in de levende natuur onmiskenbaar intentionele handelingen worden verricht. Het begrip ‘wil' maakt geen deel uit van het gedachtegoed van de bioloog, ook al speelt een wil alvast in het menselijke handelen ongetwijfeld een rol.
Tenslotte zou het van grote maatschappelijke en filosofische betekenis zijn (en wellicht een misverstand met creationisten opruimen) wanneer wetenschappers er nadrukkelijker op zouden wijzen dat in het licht van de kennis waarover wij nu beschikken, en ondanks bepaalde romantische ideeën, de natuur niet langer model kan staan voor het menselijke gedrag. Het darwinistische evolutieproces functioneert door middel van blinde mutaties en meedogenloze selecties. Een humane samenleving kan zich niet volgens deze principes organiseren. Ook al heeft het menselijke gedrag zijn wortels in de biologische natuur, de ethische mens dient zich te distantiëren van bepaalde natuurlijke reflexen, en op zoek te gaan naar andere inspiratiebronnen dan Moeder Natuur voor het ontwikkelen van moraliteit en humaniteit.
De wetenschap formuleert theorieën die de waargenomen feiten uitleggen, maar daarnaast ontstaat een menselijke initiatief dat deze kennis, zonder ze te ontkennen, irrelevant verklaart met betrekking tot de eigen humane realiteit.
(Gerard Bodifee in DS 13 december 2009)
13-12-2009, 16:08:26







Duurzame groei

Zelfs Nicholas Stern geeft impliciet toe dat op lange termijn eindeloze groei geen vanzelfsprekenheid is, al pleit hij net als Achim Steiner voor een nieuwe (groene) groeimotor op korte termijn: 'This is not to claim that the world can continue to grow indefinitely'. Hoe economische stabiliteit verwezenlijken in stationaire economie? We komen dus uit op de noodzaak dat de BNP-groeidwang van het huidige economisch systeem beëindigd wordt en dat er een transitie komt naar een ecologisch economisch model waarin consumptiegroei niet langer noodzakelijk is. Die overgang ligt niet voor de hand, om diverse redenen. Om te beginnen vormt het hedendaagse geldsysteem een structurele barrière voor een transitie naar een duurzame economie. In het huidige economisch systeem is de groeivereiste onlosmakelijk verbonden met de manier waarop (positieve) rente in het geldstelsel is ingebouwd. Het geldsysteem is ten gevolge hiervan niet neutraal. Rechtstreeks verbonden met de aard van het geldsysteem is de verhouding tussen de groeinoodzaak en de economische stabiliteit. Wanneer groei achterwege blijft, raken politici in paniek. Ondernemingen komen in de problemen. Werknemers verliezen hun baan en soms zelfs hun huis. Een negatieve spriaal dreigt, zoals we sinds de financieel-economische crisis van 2008 duidelijk hebben kunnen vaststellen. Het werkgelegenheidsaspect verdient verdere aandacht. In een kapitalistisch stelsel wordt een grote nadruk gelegd op de continue verbetering van de technologische efficiëntie, waardoor met een gegeven hoeveelheid input (arbeid, kapitaal, natuur) meer output kan worden geproduceerd. Door da aanhoudende stijging van de arbeidsproductiviteit zijn er minder mensen vereist om een zelfde output te produceren. Zolang de economie snel genoeg groeit, is dat op zich geen probleem. De door de groei gecreëerde werkgelegenheid compenseert het verlies aan werkgelegenheid door de stijgende arbeidsproductiviteit. .... Het fundamtentele dilemma - eindeloos groeien is ecologisch onduurzaam, terwijl negatieve groei (op de korte termijn) economisch instabiel is - kan niet langer genegeerd worden. Hoe moeilijk ook, een oplossing moet worden gevonden: "The failure to do so is the single biggest threat to sustainability that we face".
Ecologische economisten en gelddeskundigen als Bernard Lietaer hebben al langere tijd gezocht naar uitwegen uit dit dilemma. Lietaer heeft een pleidooi gehouden voor een complete herziening van het monetaire systeem, waarbij duurzaamheid structureel in het geldstelsel wordt ingebouwd. ... Toch ontbreekt er nog steeds een macro-economisch model dat economische stabiliteit kan garanderen in afwezigheid van een eindeloze consumptiegroei. ... De uitzondering op de regel vormt het werk van de Canadese economist Peter Victor. Hij ontwierp een model om het potentieel na te gaan van een stabiele, niet of heel traag groeiende economie. Door te spelen met doorslaggevende inputfactoren kon hij verschillende scenario's ontwerpen voor de toekomst van de Canadese economie, waarbij telkens ook de sociale en ecologische implicaties in kaart werden gebracht. De optimistische conclusie luidt dat in zijn scenario 'Low Growth' een stabiele economie werd bereikt, met de volgende karakteristieken: BNP per capita 70% hoger in 2035 dan in 2005, dlaing van het algemene schuldniveau, 20% daling van de broeikasgasuitstoot, en daling werkloosheid. Wat zijn nu de basiskarakteristieken van dit lagegroeiscenario? De meest invloedrijke factoren zijn de veranderingen in de structuur van de investeringen en de arbeidsmarkt. Wat betreft eerstgenoemde factor: er vindt een verschuiving plaats van private naar publieke investeringen. Die worden doorgevoerd door grootschalige wijzigingen in het belastingsysteem (ombouw naar een groen belstingstelsel) en in de aard en het niveau van openbare uitgaven. Ondanks een stijging van de arbeidsproductiviteit, neemt de werkloosheid af door zowel het totale als het gemiddelde aantal werkuren te beperken: 'Het verkorten van de werkweek is de meest eenvoudige en meest geciteerde structurele oplossing voor de uitdaging van het behoud van volledige werkgelegenheid met een niet-toenemende output'.
(Welvaart zonder groei? Peter Tom Jones en Vicky De Meyere in De Gids op maatschappelijk gebied september 2009)
Wat we intussen wetenschappelijk bewezen hebben , is dat de stabiliteit van alle complexe netwerken afhangt van de diversiteit en het aantal verbindingen in het systeem. Het is meer efficiënt weinig diversiteit te hebben: dat vind je terug in een economie met grote banken of in grote distributiekanalen. Maar weinig diversiteit betekent ook meer breekbaarheid, meer kans op een crash wanneer er iets onverwachts gebeurt of verandert. Dat is de essentie: in het huidig systeem, wanneer het banksysteem crasht, keldert de ganse economie. Uw oplossing is om meer geldsystemen te hebben? Ja. ... We moeten het bestaande systeem behouden maar ook invullen, vervolledigen met een familie van anderen. Het monopolie van het klassieke geldsysteem is al verdwenen door commerciële toepassingen zoals delhaize-punten of de 'miles' van vliegmaatschappijen. Maar die hebben als doeleinde alleen maar dat je terugkeert naar dezelfde leveranciers: zij hebben geen positieve sociale gevolgen. Maar wij kunnen deze complementaire geldtechnologie ook toepassen om sociale problemen op te lossen, of om kmo's structureel en economisch te ondersteunen. ... U hebt het over bepalde uren die in eenheden valuta kunnen gegoten worden? Dit is een voorbeeld van een zuiver sociaal geldsysteem: het meest bekende zijn de LETS ... Bv.het herstellen van een band in ruil voor een uurtje informatiecursus. ....
(De sociaal-complementaire munten hebben als doeleinde coöperatie en hebben dat ook als resultaat, Bernard Lietaer in Gids op maatschappelijk gebied).
13-12-2009, 16:04:41

21-11-2009
Sociale hervormingen niet zonder morele.

Eén van de grote fouten van onze samenleving bestaat erin dat we geloven dat sociale hervormingen in de plaats kunnen komen van morele hervormingen. Als we wetten hebben gemaakt en structuren hebben gewijzigd, denken we iets te hebben veranderd. Terwijl de problemen grotendeels bij de mensen zelf liggen. Zolang we daar niets aan doen, hebben we niets gedaan (H.Van Rompuy in DS 21/11/9)
21-11-2009, 12:34:21







Zorg en onderwijs

Getalenteerde en vlijtige kinderen uit die achtergestelde regio van Thailand kunnen zeer moeilijk doorgroeien tot hogere opleidingen. Het onderwijsniveau in die regio is te laag opdat deze kinderen voldoende basis zouden hebben voor die hogere opleidingen. Het is om er moedeloos van te worden. En toch moeten we proberen die getalenteerde kinderen, die in heel veel gevallen ook de financiële middelen niet hebben voor hogere studies, uit die vicieuze cirkel te halen. Niet alleen door zelf enkele weken daar les te helpen geven met de leraars, maar ook door die kinderen financieel en moreel te helpen. (gehoord van een collega)
21-11-2009, 12:23:21







De reis, verhalen, hard werken, bewegen en geluk.

De enige, echte religie is de menselijke drang om verhalen te vertellen en mythes te creëren.
Er is geen eindbestemming. Alleen de reis is belangrijk. Ik hoop vooral dat mijn reis mezelf en andere mensen kan verrassen. Je kunt nooit alles weten en alles is steeds in beweging. Dus beweeg je je voort, steeds verder, tot je sterft. Ik heb geen idee van de volgende stap. Ik werk hard. Ik geloof in wat Jack Nicklaus eens zei over golf: "Hoe harder je werkt, hoe meer geluk je hebt." Ik geloof daarin. Ik oefen elke dag. (Sting in DS 21/11/9)
Geluk ligt niet in louter het bezit van geld. Het ligt in het plezier om iets te bereiken, in de sensatie van een creatieve inspanning (F.D.Roosevelt)
21-11-2009, 11:55:59







96% universum is een zwart gat

(De paradox van Parys, DS 20/11/9)
21-11-2009, 11:42:25






08-11-2009
Structuur en bewust-zijn

Zaterdag 17 november beleefden we in Velp de bijzondere presentatie van het boek Eindeloos bewustzijn, een wetenschappelijke visie op de bijna-doodervaring. Het boek biedt een wetenschappelijke visie op de bijna-doodervaring. De schrijver Pim van Lommel was als cardioloog verbonden aan het Rijnstate ziekenhuis in Arnhem van 1977 tot 2003. In zijn praktijk als cardioloog ontdekte Pim van Lommel dat het hebben van een bijna-doodervaring (BDE) vaak voorkomt. Een paar jaar geleden publiceerde hij hierover een artikel in het gerenommeerde medische tijdschrift The Lancet. We kunnen niet om het verschijnsel heen. Het is een authentieke ervaring die niet te herleiden is tot fantasie, psychose of zuurstoftekort; een BDE verandert mensen blijvend. In zijn boek geeft Pim van Lommel een wetenschappelijk verantwoorde uitleg van een BDE, niet voor specialisten maar voor leken.
In dit boek wordt de stand van het wetenschappelijk onderzoek naar bijnadoodervaringen (BDE-en) weergegeven. Daaruit blijkt dat deze ervaringen echt zijn en dat onafhankelijk bewustzijn buiten ons lichaam mogelijk is. Ook wordt ingegaan op het bestaan van zowel positieve als ook negatieve BDE-en. De BDE-en geven inzicht in wat er gedurende de eerste ogenblikken na onze dood gebeurt. Mensen die een BDE hebben gehad, lijken antwoord te krijgen op bijvoorbeeld de vraag wat het doel is van hun verblijf op aarde. De ervaringen lijken ook een boodschap te bevatten over wat we met ons leven zouden moeten doen en wat niet. De BDE-en begeven zich daarmee op het terrein van de religies. Religies zeggen dat soort spirituele vragen ook te kunnen beantwoorden maar pretenderen bovendien ook nog vaak een monopolie op de waarheid te hebben. Of dat terecht is, wordt voor vijf grote religies onderzocht. Aangegeven wordt wat hun essenties zijn en waar de parallellen met de BDE-en zitten, maar ook waar de diverse religies op de verkeerde weg zitten. (recensie boek gelezen op http://www.bijnadoodervaring.nl/, boek onlangs gevonden in boekhandel carmelitana).
Koch vermoedt dat de sleutel tot het raadsel zal blijken te liggen in de complexe manier waarop informatie in de hersenen georganiseerd is. ‘Wat we nodig hebben is een rekenkunde die beschrijft welk soort informatie nodig is en hoe die georganiseerd moet zijn om bewustzijn te hebben. Betekent dit dat we ook bewuste computers kunnen bouwen als ze voldoende complex zijn en de informatie erin juist georganiseerd? Koch: ‘Ja, als je ze goed bouwt. Tenzij bewustzijn iets magisch zou zijn, dat de wetenschap niet kan verklaren, zoals een ziel. Maar als je dat niet gelooft, als je aanneemt dat bewustzijn een eigenschap van de natuurlijke wereld is, dat het uit de natuurwetten volgt, dan moet het ies zijn dat verband houdt met de structuur van het systeem. Wat zou het anders kunnen zijn? (DS Wetenschappen 5 november 2009)
Is ons lichaam het medium, het instrument waarlangs het bewuste zijn de particulariteit van zijn bestaan in het grotere mysterieuze geheel kan beleven in zijn schoonheid en zijn gegeven lotsbestemming tot 'samen-zijn' met de andere tochtgenoten? Moet het grotere mysterieuze geheel per definitie iets vervreemdends hebben of kan het ook een huisgenoot zijn, een deel zijn van het bestaan? Of zelfs meer dan gewoon maar een deel? Een gezel. Een energie, een kracht, die de eenvoud van een verhaal, een mythe overstijgt? Een overstijging kan misschien alleen door de kracht om lief te hebben. Bestaat die mysterieuze kracht? Ze proberen in de praktijk te zetten zal misschien een antwoord geven. Er is in ieder geval iets absurds aan, iets onlogisch, utopisch. Is ons bewustzijn juist niet in staat om utopisch, absurds en tot onlogisch te denken? Een open vraag, een open einde. Het voordeel van een open vraag, een open einde zonder duidelijk antwoord, is dat je er geen kanten mee uit kunt en het je uiteindelijk terugbrengt tot de realiteit: wat doe jij - in afwachting van een in dit leven niet te verwachten antwoord - nu, vandaag en morgen? Wat is je eerste stap nu, vandaag en morgen? Richting kiezen. Het bewuste zijn, je ogen en oren, vangen de signalen van andere tochtgenoten op. Je kan je ogen richten op hen en je zet je in gang om met hen te zijn ... of niet. Of zullen je ogen alleen jezelf in de spiegel aanstaren.

08-11-2009, 14:47:12






05-11-2009
Larger than life

Op het eerste gezicht kijk je naar een prachtig kleurenspel. Het bruin steekt af tegen het donkerrood, waar iets dreigends van uitgaat, als het ochtendgloren voor een veldslag of de lucht na een bombardement. Maar pas als je de kleurenpracht hebt geabsorbeerd, merk je de smalle figuur in het midden, die met lange armen, molenwiekend een denkbeeldig orkest dirigeert.
'De Dirigent' van de relatief onbekende kunstenaar Xavier Hoogmartens doet me denken aan 'De Storm' van William Turner, behalve dat daar de boten de speelbal zijn van de storm. Zij ondergaan hem en leggen zich schijnbaar neer bij het natuurgeweld. De dirigent moet het ook afleggen tegen de wind, maar blijft al vallend zijn werk voortzetten. Gelooft hij echt dat hij het tij nog kan keren?
'De Dirigent' roept het beeld van de illusie van controle op. We proberen alles te plannen, te sturen, te begrijpen. Maar uiteindelijk zijn er toch gebeurtenissen, 'larger than life', die vaak goedbedoelde dingen in de war schoppen.
(De Tijd 31 november 2009, Philippe Gijsels).
05-11-2009, 13:51:57

28-10-2009
Persoonlijke verantwoordelijkheid fabeltje?

In de westerse democratieën groeit een onderklasse die zich nestelde in de welvaartstaat. Dankzij die welvaartstaat kan zij zich een onverantwoordelijke levensstijl permitteren, gekenmerkt door promiscuïteit, druggebruik en criminaliteit. Voor de lasten en de kosten draait de samenleving op. Dalrymple legt niet de schuld bij de verzorgingsstaat, maar bij de intellectuele elite. Die elite gooide haar moreel kompas stuk en begon te experimenteren met radicale en destructieve ideeën. Die opvattingen sijpelden door naar de onderlaag in de samenleving en richtten daar grote ravages aan. De crimineel is het slachtoffer van de maatschappij. Criminaliteit is een vorm van protest. Persoonlijke verantwoordelijkheid is een fabeltje. Seksueel wangedrag en alternatieve levensstijlen mag je niet bekritiseren. Bovendien dedouaneert de elite de verloederde levensstijl van de onderklasse. Ze bestempelt die als authentiek en wars van burgerlijke hypocrisie. Zo geraakte ruw en seksueel expliciet taalgebruik in de mode. Promoveerden cannabis en cocaïne tot recreatieve partydrugs. Kenden piercings en tatoeages - ooit kenmerk van marginaliteit - een opwaartse mobiliteit. De provocerende conclusie van Dalrymple luidt: de onderklasse is niet het slachtoffer van de maatschappij maar van de intellectuele elite. Hij confronteert die elite met wat ze niet wil weten: maatschappelijke problemen hebben een belangrijke morele en culturele dimensie. (Uit 'Economie schakelt persoonlijke verantwoordelijkheid niet uit' in Tertio).
Het wegredeneren van persoonlijke verantwoordelijkheid is inderdaad uiteindelijk nefast voor de samenleving. De filosoof Peter Sloterdijk toont in zijn boek 'Du muss dein leven ändern' mooi aan dat persoonlijke verantwoordelijkheid opnemen wel degelijk een belangrijke bouwsteen is voor de samenleving. Of je dit nu 'conservatisme' noemt of niet, is enkel een semantische discussie. Het gaat er over dat de persoonlijke verantwoordelijkheid (gepaard gaande met een basis aan empathie) essentieel is voor de maatschappij vandaag en vooral van morgen.

Is echter de oorzaak van het verval van de persoonlijke verantwoordelijkheid enkel te zoeken bij de elite? Zij speelt inderdaad een belangrijke rol. Doch is zij niet (deels) mede beïnvloedt door het economische spel waarin zij meespeelt. In een economisch spel waarin maximalisatie van winst op korte termijn de drijvende factor is (waarin je ondermeer persoonlijk wordt 'afgerekend' op je bijdrage tot de winst op korte termijn), heeft de elite bijna geen marge of keuze-mogelijkheden. Neem het voorbeeld van de zogenaamde 'kwaliteitskranten'. De 'kwaliteitskranten' lijken te evolueren naar 'roddelpersachtige kranten' met dito berichtgeving. Waarom? Heeft de hoofdredacteur een brede beoordelingsmarge, wetende dat zijn krant in concurrentie met de andere kranten, zijn leescijfers moet halen op korte termijn? Het systeem waarbij aandeelhouders steeds uit zijn op zoveel mogelijk winst op korte termijn, is gedoemd om de maatschappij (mede) te ontwrichten. De persoonlijke verantwoordelijkheidsvraag staat voor mij niet los van de vraag in welk economisch spel we willen spelen. Misschien tijd om het buzz-woord 'duurzaamheid' wat meer praktische gevolgtrekkingen te geven, tot in het hart van dit doldraaiend economisch spel. En als de elite een verantwoordelijkheid heeft, is het vooral op dit niveau. Is het niet stilaan tijd dat de 'elite' dit economisch spel anders inricht zodat ze er zelf niet het 'slachtoffer' van wordt.
28-10-2009, 11:33:29







Maakbaarheid absoluut?

Je hebt het waanbeeld van de totale maakbaarheid. Alles en iedereen kan gemaakt en ge(her)programmeerd worden. Die maakbaarheid is al te vaak geënt op een technocratische leest. Zoals diegenen die denken dat 50-plussers overal werk kunnen vinden. Of ervan uitgaan dat je met een perfecte auto geen ongeval kunt hebben. Een minimum aan maakbaarheid moet. Laten we echter niet vergeten dat mensen ook emoties, rituelen en vertrouwen (nodig) hebben. Dat groei niet noodzakelijk gelijkstaat aan BNP-marges. (Anton Maertens, uit De Gids op maatschappelijk gebied)
Beperktheid, deel van de 'condition humaine'? Biedt de aanvaarding van deze beperktheid en dus bewustzijn dat mens niet meester is vanzichzelf maar deel van een geheel, een glimp op hoger bewustzijn? Een bewustzijn waarin de beknelling van de beperkingen muteert naar verbondenheid, met het universum waarvan we deel uitmaken, en met de tochtgenoten?
28-10-2009, 09:24:45






11-10-2009
Moderne logica en Christelijke logica

Moderne logica en gezond verstand zegt onszelf te beschermen en te verzekeren tegen mogelijke risico's. Damiaan liet het vertrouwde achter zich, om bij de melaatsen naastenliefde te brengen, waar anderen hen verstoten hadden. Moderne logica en gezond verstand zegt ons conventies te respecteren om confrontaties te vermijden met wie machtiger is dan wijs. Damiaan ging koppig door in zijn engagement, soms tegen de zin van anderen en tegen de richtlijnen van zijn oversten, om Gods Liefde te brengen bij zieken in een uitzichtloze situatie. ... Damiaan volgde een Christelijke logica ... (gelezen).
11-10-2009, 13:35:56







Instrument van liefde

Maak mij, Heer,
tot een instrument van uw vrede:
laat mij liefde brengen waar haat is,
eenheid waar mensen verdeeld zijn,
vergiffenis schenken
aan mensen die zwak zijn;
laat mij hoop geven
aan wie niet meer hoopt,
geloof aan wie twijfelt;
laat mij licht brengen waar het duister is
en vreugde waar mensen bedroefd zijn.
Heer, help mij
om niet zozeer zelf gelukkig te zijn
als anderen gelukkig te maken;
niet zozeer om zelf begrepen te worden
als anderen te begrijpen,
niet zozeer om zelf getroost te worden
als anderen te troosten;
niet zozeer om bemind te worden
als te beminnen;
want als ik geef, zal mij gegeven worden;
als ik vergeef, zal mij vergeven worden;
als ik sterf, zal ik voor eeuwig leven.
(Franciscus van Assisië)
Moderne logica en gezond verstand zegt onszelf te beschermen en te verzekeren tegen mogelijke risico's. Damiaan liet het vertrouwde achter zich, om bij de melaatsen naastenliefde te brengen, waar anderen hen verstoten hadden. Moderne logica en gezond verstand zegt ons conventies te respecteren om confrontaties te vermijden met wie machtiger is dan wijs. Damiaan ging koppig door in zijn engagement, soms tegen de zin van anderen en tegen de richtlijnen van zijn oversten, om Gods Liefde te brengen bij zieken in een uitzichtloze situatie. ... Damiaan volgde een Christelijke logica ... (gelezen).



11-10-2009, 13:01:30






03-10-2009
Grote bewegingen, afstand en buffer.

Je moet de verbanden zien, de grote bewegingen van de geschiedenis. Veel meer dan feitenkennis te bezitten moet een journalist zijn tijd aanvoelen, daarin lijkt hij op een kunstenaar. Voor beiden is afstandelijkheid een absolute voorwaarde. Je kunt niets over je tijd zeggen als je er niet los van kunt komen. Die afstandelijkheid is mijn geval soms een buffer. (Jef Lambrecht in DS magazine).
03-10-2009, 10:55:37







Aanvaarding en taillering.

Aanvaarden wie je bent is de enige, echte verlichting die er is. Het is ook de enige die tot resultaten leidt, want je komt iets over jezelf te weten. En waarom leef je anders dan om te weten wie je bent en wat je hier komt doen? Je kunt een vermoeden hebben, en daaruit kan zich een wetenschap kristalliseren. De keuzes die je in je leven maakt, zijn eerder keuzes tegen dan voor iets. Zo tailleer je je profiel. Tot op zekere hoogte wordt dat steeds gemakkelijker, maar het is nooit definitief. In mijn geval heb ik journalistiek altijd beschouwd als een goed dak boven mijn hoofd, maar niet als een lotsbestemming. (Jef Lambrecht in DS Magazine)
03-10-2009, 10:52:52


24-09-2009
It's about how many shining eyes
I have a definition of success. It's not about wealth, fame or power. It's about how many shining eyes I have around me. (Benjamin Zander op www.ted.com)
http://www.ted.com/talks/benjamin_zander_on_music_and_passion.html
28-08-2009
Echte toegevoegde waarde

'Het grote publiek, maar ook de aandeelhouders en politici denken dat de banken veel toegevoegde waarde creëren. Daarom zeggen de bankiers ook tegen de politici dat ze voor hen moeten zorgen, want banken staan voor waarde, betalen veel belastingen en creëren tewerkstelling.' 'Dat is een foute perceptie. Veel van het geld dat verdiend wordt, in het bijzonder in de financiële markten, komt van speculatie, duistere transacties en handelen in dubieuze instrumenten. Het is gewoon geld dat uit de reële economie wordt gehaald, zonder waardecreatie. Een belangrijke inkomstenbron is de hoge volatiliteit van de markten die ze zelf creëren. Het is een zelfvoedend systeem', stelt De Keuleneer. 'Daarom vind ik dat je die activiteiten niet bijzonder moet belonen. Ze zijn schadelijk voor de economie en hebben geen toegevoegde waarde (Eric De Keuleneer in de Tijd)
Als ik mijn eigen vermogen had willen maximaliseren, dan kon ik dat probleemloos doen, bijvoorbeeld door een hedgefund te beginnen. Je zamelt 200 tot 500 miljoen in, strijkt 2 procent op, neemt 20 op de winsten. Maar dat is niet duurzaam. Ik zou niet gelukkiger worden en het zou niet goed zijn voor mijn zelfrespect. Ik vind het belangrijk dat mensen weten dat je voor elke euro hard hebt gewerkt. Het komt niet binnenrollen door speculatie, maar met colums, boeken, presentaties, klanten, vele uren en weekends werk. Mijn grootste waarde is niet mijn vermogen, maar mijn reputatie en geloofwaardigheid. ... Ik vind milieu een cruciale economische bekommernis. Dus ben ik met een vriend die ik nog ken van het college, een burgerlijk ingenieur, een bedrijf begonnen in zonne-energie. Ik heb daar mijn geld in geïnvesteerd. Het draait goed, er werken al 35 mensen. Dat soort ondernemerschap maakt mij consequenter. (Geert Noels in DS 29/8/9).
Echte toegevoegde waarde creëren. Doch dit gaat ook op voor niet-bankiers. Is een economische activiteit die mens en planeet schade berokkent een echte toegevoegde waarde? Wat is echte toegevoegde waarde? Is dit niet respect voor het leven van mens en natuur?
28-08-2009, 08:54:04







Per visibilia ad invisibilia.

Via het zichtbare naar het onzichtbare. De uitdrukking verwoordt de zienswijze van de dirigent (Philippe Herreweghe) op spiritualiteit: kunst - en vooral muziek - brengt mensen in een hogere orde. Kunst als religie, waarbij de plechtige hoogmis van spiritualiteit wordt verzorgd door de muziek van Bach. (De tijd van 22/8/9).
28-08-2009, 08:53:30






16-08-2009
Niet alfa, maar omega.

U hebt mij geleerd het onderscheid te maken tussen zijn en worden, het duale beginsel van de werkelijkheid. Niet alfa, maar omega is essentieel in het alfabet van onze existentie. Vanuit de finaliteitsgedachte van ons bestaan is niet zozeer het antropische, wel het ‘theïsche’ beginsel determinerend, professor.

We moeten breken met het concept van een God die een super Newton is of die zich gedraagt als een tovenaar, een politieke interventionist, een autocraat, zoals beschreven in het Oude Testament. Of een God die over de wereld heerst alsof het een poppentheater is. Jezus heeft gebroken met het oudtestamentische Jahwestische godsbeeld van de almachtige en allerhoogste en Hij heeft het beeld van de oneindig liefdevolle God, die vader is, maar ook moeder en broeder, laten primeren. Meteen wordt de kwaad- en lijdensparadox doorbroken. God is niet verantwoordelijk voor wat slecht gaat omdat hij geen macht heeft over het Zijn maar wel fascinatiekracht uitoefent in het Zijn. Hij is de schepper van een kwaliteit van het zijn, een menselijke waardekwaliteit, die zin geeft aan en de bestemming is van het zijn. God is het liefdesaspect van het zijn: de goede kracht die waarden schept.

Pierre Teilhard de Chardin heeft ooit geschreven: “L’amour est la plus universelle, la plus formidable et la plus mystérieuse des énergies cosmiques.”

De levensreis is immers ontketening, ontgrenzing, ontsnapping en exodus. Maar zij is ook intocht, herovering en hertovering van het licht.
Uit ‘De oude prof en de zee’ p 344, 366 en 370 van Mark Eyskens.
Zo zie ik een grote convergentie ontstaan tussen geloof en wetenschap, tussen kosmologie en theologie, tussen weten en hopen. Dat ook de wetenschap de fataliteit van de mislukkingen van de natuur met haar ‘cultuur van de dood’ niet aanvaardt, bewijst wellicht dat ook de wetenschapper is bezeten door een goddelijk vuur: de wereld verbeteren tegen heug en meug. Zo ontstaat opnieuw hertovering en verwondering over het zijnswonder vanuit en dankzij de wetenschap, die ongewild de hand reikt aan het geloof in de verbeterbaarheid van mensen en dingen. Mag ik dit ‘metafysisch meliorisme’ noemen? Nadenken over het zijnswonder is niet langer een onwetenschap maar de bekroning van een wetenschappelijke zoektocht. Die zoektocht heeft op al diegenen die zijn opgegroeid in of met het christelijk geloof, een bevrijdende invloed: het geloof uitzuiveren van een mythologische wereld- en godsbeeld en het ontdoen van dogma’s die een nadenkend mens tegen het hoofd – want tegen zijn verstand – stoten. Toen ik moest geloven, kon ik het niet. Nu mag ik geloven wat ik wil geloven, kan ik het wel.
Uit ‘De oude prof en de zee’ p 323 van Mark Eyskens.

16-08-2009, 13:30:25







De kern van alles ligt tussen zijn en worden.

Wat is, wat was, wat ooit zal zijn
Is als de golfslag in de zee
Van wat zal worden en zal zijn.
Want worden mondt steeds uit
In wat geworden is.
Wat wordt, wordt zuiver zijn.
Wat wordt, stolt onverbiddelijk
In het onvergankelijke zijn.
Zijn is geworden worden
Worden wordt geweest zijn.
Wat wordt, wordt ‘is geweest’. De toekomst van elk worden, verankerd in een tijd die niet meer ophoudt, is geweest te zijn. Wij worden om te zijn. Verandering leidt eeuwigheid, een niet-tijd, met niet eens een begin en een eind. Het leven wordt gedood. Het leven is een worden tot de dood. Dan houdt het worden op; wat blijft is het zijn, in de niet-tijd en de niet-ruimte. Maar diep in de tijd vonkt reeds de eeuwigheid. De tijd is het onbeschreven blad waarop al wat geworden is, geboekstaafd staat. Tijd en eeuwigheid zijn bijna synoniemen. Dat de tijd beginnen kan, dat de tijd eindigen kan, is onvoorstelbaar en als we dit toch denken gaat het om een bekoring van bedrieglijk gezond verstand. Wat is er na het einde van de tijd? Wat was er voor de tijd begon? Wat ligt er achter de horizon van de ruimte? En wat aan zijn buitenkant? Ligt de grens van de ruimte buiten de ruimte? Het zijn veel dwaze vragen, even dwaas als vragen wat er ten zuiden van de zuidpool ligt.
Het verleden is de toekomst van elk zijn. Wat is, zal ooit voor altijd geweest zijn en is voor altijd onuitwisbaar opgeslagen op de harde schijf, het grote geheugen van het zijn.
Zijn en worden zijn als dubbelsterren, als duale realiteiten zoals licht, deels foton en deels golf, de dubbele gestalte, die openbreekt tot het ene of tot het andere maar die in wezen het ene én het andere zijn, onlosmakelijk in het Zijn. Dit is het Grote Geheim.
Bewust bestaan, zoals van mensen, is worden, uit het zijn geboren, uit de optelsom van al wat kan en dat geroepen is te worden en terug te keren tot het zijn om enkel zijn te zijn. Bestaan is worden. Zijn is zijn. Zijn is absoluut want niets kan niet zijn.
Er IS niets, is een zinloze zin. Het zijn van het niets is een onmogelijkheid, zo onmogelijk dat die onuitsprekelijk is. Het zijn is du God, het zijn van alles dat is. Het zijn is goddelijk. Het heeft geen oorzaak, geen begin, geen einde. De wetenschap zegt hetzelfde van het veelal dat alle heelallen omvat. Het zijn van de zijns-God is evident, dat van de mens daarentegen is een raadsel, een enigma, een mysterie en een groot wonder. Wij worden om te zijn. Wij sterven als we geworden zijn, for better and for worse, het goede en het kwade geëtst op het dunne vlies van wat is geweest, dat al-tijd blijft. Het worden is in het zijn, zoals tijd en ruimte. Het zijn is immanent en transcendent aanwezig in het worden. Noem het God: een transcendente immanentie. Het zijn is als het woord, de logos van de oude Grieken. Het zijn IS maar het bestaat niet. Enkel het worden bestaat, als modus van het zijn. Het goddelijke zijn wordt inderdaad belichaamd in de dimensies van het worden, die talrijker zijn dan de vier (lengte, breedte, hoogte en tijd-ruimte) van Albert Einstein. Het zijn wordt ook belichaamd in dimensies van het worden die onfysisch, onlichamelijk zijn, die verwijzen naar waarden, die niet onderhevig zijn aan de wetten van de fysica. Het goddelijke zijn wordt mens voor de mensen, wordt dier voor de dieren, wordt steen voor de stenen, wordt galaxie voor de galaxieën, wordt zwart gat voor de zwarte gaten, wordt heelal voor het universum en wordt veelal voor het multiversum. Maar de God van en voor de mensen is een bijzondere God, aanspreekbaar en luisterbereid. De God van mensen voor mensen is de goede God, van wie de naam slechts in één letter verschilt van Goed. De goede God wordt mens in de mensenzonen en de mensendochters die door hun menszijn het goddelijke vuur willen laten branden in hun bestaan, in hun doen en handelen. Door te bestaan onder de mensen is het goddelijke zijn zichtbaar toegetreden tot het worden. De menswording leidt tot godwording dankzij goddelijke waardebeleving. Daarin schuilt ook de echte schepping. Goedheid en liefde, die goddelijke waarden zijn en ‘van boven’ komen, kunnen niet worden gevat in wiskundige formules, noch uitgedrukt in algoritmen, algebraïsche functies, stochastische statistieken of fractalen van Mandelbrot.
Uit ‘De prof en de zee’ p 325 van Mark Eyskens.

Mens worden is door keuze van en voor waarden God zijn.
De meta-fysische dimensie in ons leven uitschakelen kan wel eens de grootste vergissing zijn in ons mensenleven. Wij ‘zwemmen’ in het mysterie. Tot en met de fervenste darwinisten bevestigen deze realiteit op basis van de wetenschappelijke bevindingen die meer vragen oproepen dan antwoorden.
De vraag is hoe je er mee omgaat.
Je kan het mysterie negeren en je kan er zelfs vanuit gaan dat er ooit een dag zal zijn dat dit mysterie ‘ontluisterd’ wordt door de wetenschap. Ergens is dit een houding waarbij je ‘gelooft’ in het menselijk kunnen. Uit bepaalde ervaringen uit het verleden zou je misschien de hoop kunnen halen dat dit realiteit kan worden. De wetenschap van vandaag lijkt eerder de ‘onbegrijpbaarheid’ of ‘ongrijpbaarheid’ aan te tonen van de werkelijkheid. Sommigen zullen deze ‘ontluisterende waarheid’ als een ‘graal’ naspeuren. De wereld wordt volledig, doelbewust, in het menselijke gelegd. De mens dicteert de wetten.De vraag is wat je er dan mee zal doen, mocht je ze ooit vinden. De kennis van de mens en zijn ethiek groeien blijkbaar niet in evenredige mate. Is de mens in staat – als autonoom chauffeur in de cockpit van zijn leven – eigenmachtig en alleen alle goede beslissingen te nemen?
Anderen schakelen alle menselijk bewustzijn en menselijke rede uit en zoeken met gelijkgestemden een volledig goddelijke wereld op waarin wetten volledig buiten het menselijke worden gedicteerd, ten koste soms van de mensen zelf.
Of is de houding eerder het menselijke en het goddelijke in elkaars verlengde te plaatsen. Dat de mens een deel is van een ondegedefieerd geheel waarvan we het bestaan via de wetenschap naspeuren en daardoor bevroeden en die ons appeleert aan onze kwetsbaarheid en onze verantwoordelijkheid voor mens en omgeving. Hier is er het besef dat we ‘samen’ in de boot zitten van het leven en we ‘samen’ zullen werken voor een leefbare wereld. We zullen een daartoe zelfs een op zich bijna absurde inspanning moeten leveren om samen aan de overkant te geraken. We moeten daartoe ons een onnatuurlijke houding aannemen om ons met ons verstand empathisch op te stellen tegenover in onze leefwereld onbestaande mensen, ofwel aan de andere kant van de wereld, ofwel in de verre toekomst. Een geheel dat in alles oproept en door bepaalde personen geëxpliciteerd in woord en voorbeeld, dat zorgen voor mens en omgeving tot de essentie behoort. Wat je ook doet, er is een samenhang tussen verwerven van kennis en wat je ermee doet. Zonder ethiek, geen bestaan. De atoombom was een toonbeeld van menselijk wetenschappelijk kunnen. Zij is tegelijk een perfect instrument voor misbruik ten koste van de mensheid. Hoe omgaan met wetenschappelijke verworven kennis is misschien een grotere uitdaging dan het vinden van de ‘graal’ of het ultieme logaritme. Ethiek leggen in het menselijke gaat ook samen met het besef van onze kwetsbaarheid. Het is perfect mogelijk dat wij als individuele mens of als mensheid er morgen niet meer zijn. Kwetsbaarheid roept op of appeleert op houding van liefde. De mens is in staat tot liefde, zelfs tegen zijn eigen behoud in. En het bestaan van het mysterie laat ons de mogelijkheid of reikt ons misschien de hand, zoals Felix De Boeck zo raak heeft geschilderd, om wat ons leven is en was in het licht van deze liefde, te laten opgaan, indien wij dat willen, in het Mysterie zelf. Je verwezenlijkingen afgeven, je leven geven is de uiterste, ultiemste “menselijke” daad, tegen alle natuurwetten in, en daardoor op zich weer een ‘mysterie’.


Het leven biedt zich aan als een mysterie. Er is geen ander bestaan dan een mysterieus leven. In dat mysterie kunnen wij leven als de druppels die opspatten uit de zee. De zee is nog in elk van ons. Dit bindt ons, altijd en overal. Maar tegelijk zijn wij even los van de zee en los van elkaar. Hoewel we elk overgelaten zijn aan het spel van de wind, kunnen we schitteren. Als we het licht van de zon toelaten, wordt het licht in ons gebroken in talloze kleuren. Zoals Van Gogh intense kleuren schildert op het witte doek, zo kleuren wij kort maar intens de HO² van de zee. Om dan samen terug te keren en op te gaan in de zee, en ondertussen een klein stukje warmte, nieuwe energie, van de zon met ons mee te nemen in het grote Geheel.

16-08-2009, 13:29:53







Stilte en kunst, onzegbare en ontgrenzing

“Dat onzegbare is wat Immanuel Kant in zijn esthetica het ‘verhevene’ noemt”, verduidelijkt Van de Berge. “En die verheffing is tegelijk verinnerlijking. Het is dezelfde beweging. Het individuele houdt op zich te laten gelden als centrum van onszelf. Het diepste centrum, de eenheid of eenwording, de ontgrenzing, is het onuitsprekelijke, het onbegrensde of God. Het is de zin van de schoonheid om epifanie te zijn van dit mysterie.”

Het kunstwerk wordt een geleider, een medium voor de beleving van het mysterie. “Zo wordt ‘ik’ vervangen door ‘wij’: ik en het andere, ik en de ziel, ik en het geheim: verbonden in wij. Het kunstwerk zelf overschrijdt altijd het ik. Zo is de kunst nooit ik, maar steeds wij. Dat is haar mysterie.” Opvallend vaak wordt in de bundel gealludeerd op de stilte. Impliceert het openstaan voor de stilte dan de beleving van het mysterie, vragen we Van de Berge. “Misschien is de vernietiging van onze cultuur de verdwijning van stilte. Niet alleen maatschappelijke en sociale onleefbaarheid worden achter het masker van vermaak en economie ongeremd doorgevoerd, maar ook innerlijke leefbaarheid, het samenzijn met zichzelf, wat ook de beleving van schoonheid uniek en wezenlijk maakt.”
Claude van de Berge, in Tertio

27-07-2009
Groot werk

Wie minne wil worden,
hij doet groot werk,
Onvermoeibaar en altijd even sterk.
Zij het voor zieken,
zij het voor gezonden,
voor blinden,
kreupelen of gewonden.
(Hadewijch, Str.VIII, gelezen in Damme)

28-06-2009
Moreel gedrag en vliegen

De sjablonen waarin GvdB denkt lijken behoorlijk vastgeroest. Zo wil hij enkel het bestaan van geëvolueerde basismechanismen voor moraliteit aanvaarden indien “het bestaan van morele gedragsgenen is aangetoond”.
Het is nochtans zo dat geen enkele evolutionair geïnspireerde filosoof of wetenschapper van mening is dat dergelijke genen bestaan. Laat ons een analogie uitwerken om dit misverstand te verduidelijken.
Stel dat we niet zouden weten hoe een vliegtuig werkt. Een ingenieur kan dan op zoek gaan naar de mechanismen die ervoor zorgen dat een vliegtuig aan de zwaartekracht ontsnapt. Hij zou al snel vaststellen dat er niet één ‘vliegmechanisme’ is dat ergens in het vliegtuig zit verborgen.
Het is niet één onderdeel van het vliegtuig dat ervoor zorgt dat het vliegtuig vliegen kan. Het vliegtuig kan vliegen dankzij honderden, misschien duizenden afzonderlijke mechanismen, die stuk voor stuk een welbepaald probleem oplossen. De ingenieur zou die mechanismen proberen te inventariseren, en onderzoeken welke problemen ze oplossen en hoe ze zijn ontworpen om die afzonderlijke problemen op te lossen. Gaandeweg zou ook zijn inzicht groeien in de manier waarop de gezamenlijke werking van al die onderdelen, het mogelijk maakt dat het vliegtuig vliegen kan.
Dit is ook de wijze waarop evolutionair geïnspireerde wetenschappers onderzoek doen. Ze pogen de mechanismen bloot te leggen die menselijk gedrag, waaronder moreel gedrag, mogelijk maken. Daarbij worden ze geleid door de veronderstelling dat die mechanismen een evolutionaire geschiedenis hebben, en dus in principe kunnen begrepen worden dankzij inzicht in de manier waarop evolutie werkt. GvdB is blijkbaar van mening dat men op zoek is naar dat ene, wonderlijke en mysterieuze onderdeel dat vliegen mogelijk maakt. (Johan Braeckman e.a. in DS)

28-06-2009, 11:31:12







Liberté et possibilité d'être

La liberté, c’est la possibilité d’être et non l’obligation d’être (gelezen in museum Magritte)
Vrijheid is niet zozeer het overwinnen van beperkingen dan wel het kunnen aangrijpen van mogelijkheden.

28-06-2009, 11:24:27






14-06-2009
Het onmogelijke mogelijk maken

De Duitser Peter Sloterdijk is een van de meest gelezen filosofen van onze tijd. …. In het Duits verscheen alweer een nieuw geladen en krachtig werk: Du musst dein Leben ändern. Daarover praatte Jean-Pierre Rondas (Klara) met de schrijver-filosoof. …. Sloterdijk is eerder een antimonotheïst dan een atheïst, en hij heeft geen hoge pet op van wat hij de antichristelijke ‘bigotterie’ van Richard Dawkins en Daniel Dennett noemt. Ook in dit gesprek wil hij het christendom overstijgen door een wereldsysteem dat wel een andere naam moet hebben maar dat van dit christendom toch ook de wezenskenmerken moet behouden.
De titel Du musst dein Leben ändern is het begin van Rainer Maria Rilkes bundel uit 1908, Nieuwe Gedichten. Het andere deel.
“Ik liet mijn boek beginnen met het sonnet van Rilke Archaischer Torso Apollos, omdat die tekst goed laat zien hoe zijn – overigens beroemde – laatste zin ontstaat, namelijk uit de ontmoeting van de kunstenaar met een beeldend kunstwerk. Er wordt verteld dat Rilke, toen hij in Meudon woonde en daar werkte als privésecretaris van de grote beeldhouwer Auguste Rodin, nu en dan de verzameling van oudheden in het Louvre bezocht, en dat hij bij een van die bezoeken op een preklassiek of misschien wel klassiek Grieks beeld stootte, waarvan de oudheidkundigen aldaar meenden dat het om een Apollobeeld ging. Het had geen kop meer, geen armen of benen, geen genitaliën: het was dus in dat opzicht een perfecte torso. Bij Rodin leerde Rilke torso’s te beschouwen als kunstwerken op zich, niet zomaar als verminkte kunstwerken, maar veeleer als beelden met een bijzondere volmaaktheid. Men kijkt ernaar, niet met een gevoel van hoe jammer dat de kop of de ledematen ontbreken, maar met de bereidheid zich ook door zo’n schijnbaar verminkt kunstwerk een boodschap te laten overbrengen.”

De Apollo of de Dionysus kijkt namelijk terug, ook wanneer hij slechts een torso is zonder ogen.
“Inderdaad, hij heeft geen ogen nodig om terug te kijken, omdat het hele oppervlak van dat godenbeeld een en al oog is. Het heeft jou scherper in het vizier dan jij kan kijken. Wie ernaar kijkt wordt automatisch zelf geconfronteerd met een ontzettend sterke terugblik. Juist die ervaring verwoordt Rilke in zijn voorlaatste vers: ‘geen plek aan hem die jou niet ziet’. Maar het beeld ziet niet alleen, het hoort en spreekt ook. De beschouwer hoort een stem die van de steen uitgaat en die zegt: ‘je moet je leven veranderen’. Rilke laat het kunstwerk dus spreken, wat niet zo uitzonderlijk was rond de eeuwwende om 1900, toen de bourgeoisie nog intact was en het haar nog lukte zoiets als een volmaakte transformatie van de religie in kunst te volbrengen. In die ‘kunstreligie’ had de kunst zelf een verheven, ‘sublieme’ boodschap, die tegelijkertijd bedreigend was. Verheven is immers datgene wat het recht heeft jou te herinneren aan je sterfelijkheid of nakende dood.”

Je moet je leven veranderen, dat is zo’n herinnering.
“Het is een herinnering aan je diepste innerlijke gesteldheid, want mens zijn betekent altijd in het besef te leven dat men nog niet op zijn hoogtepunt staat. Dat is de idee waaraan in de kunstreligie en in elke vorm van verheven communicatie gestalte wordt gegeven, namelijk: er bestaat altijd iets waardoor ik overtroffen word, iets wat een ontzettende hoogte opwerpt wat mezelf tot een heel klein wezen reduceert. Tegenover dat verhevene reageerde de burger met wat Sigmund Freud het ‘oceanische gevoel’ noemde. De hele negentiende eeuw door heeft die cultureel aangelegde burger zich in dat oceanische gevoel door middel van kunstwerken geoefend. Tenslotte leidde dat ertoe dat een zenuwzieke zoals Rilke bij de ontmoeting met een Grieks godenbeeld het gevoel kon hebben dat het kunstwerk tot hem sprak: ‘je moet je leven veranderen’.”

Wat voor ‘moeten’ is dat?
“Het is een absolute imperatief waartegen geen verzet mogelijk is, omdat het bevel zowel vanbinnen als vanbuiten komt. In de veronderstelling dat de splitsing tussen buiten en binnen nog bestond, zou het kunstwerk alleen maar kunnen zeggen: ‘je zou je leven moeten veranderen’, en de ontvanger zou dan antwoorden: ‘misschien wel, maar ik heb er geen zin in’. Hier gaat het om een hoger, geïntensifieerd moeten dat met de eigen wil samengesmolten is. Ik kan mij er niet meer van onderscheiden, van dit vanbuiten komende moeten. Dit verlangen is zo intens dat het inderdaad volledig vanbinnen komt. Het komt neer op een onvoorwaardelijk verlangen deel te hebben aan een volmaaktheid, en dat precies is het grote begeren van de kunstreligie. Als me gezegd wordt ‘je moet!’, dan antwoordt in mij, automatisch en bijna gelijktijdig, een stem die zegt: ‘ja, ik wil!’

We kunnen dat mooi zien in de huidige situatie, waar de absolute imperatief Amerikaans en politiek is geworden. Anderhalf jaar geleden, toen Barack Obama zijn verkiezingscampagne opende, namen we in Europa met stijgende verbazing waar dat zich daar miljoenen mensen verzamelden rond een slogan die hier totaal onvoorstelbaar is: ‘Yes, we can!’ In mijn oren klinkt dat als het Amerikaanse antwoord op de absolute imperatief. Die mensen wachten niet tot iemand van buitenaf hen zegt dat ze moeten, maar ze merken vanzelf dat het zo niet verder kan. Het betere deel van de natie begreep dat een voortzetting van de politiek van George W. Bush voor het hele land en de hele wereld een morele en politieke catastrofe zou betekenen, en omdat ze daarvan doordrongen waren, verzamelden ze zich rond die slogan.”

Zitten we in een nieuw tijdsgewricht?
“In het huidige levensgevoel zit een element waarvan ik geloof dat het wijdverbreid is en dat het in de individuele levensgevoelens van bijna alle mensen is doorgedrongen, meer dan in 1914, meer dan in 1945, en meer dan in 1968. Ook toen ging het telkens om een tijdsgewricht waarin het gevoel overheerste dat er iets moest veranderen. Vandaag is dat gevoel nog pregnanter: er moet iets veranderen, zo kan de loop der dingen niet doorgaan. Dat innerlijke gevoel, dat het zo niet verder kan, verbindt zich met het appel ‘jij moet je leven veranderen’ – ofschoon het niet evident is dat jij toevallig de juiste persoon bent voor een verandering.

‘Je moet je leven veranderen’ betekent vooral dat de absolute imperatief van onze tijd tot je spreekt en je confronteert met een sublieme ethische wet. Dat is doorslaggevend. Het gaat niet om een privézaak. Net zoals de monnik aan zee op het schilderij van Caspar David Friedrich staan we aan de oceaan van de ecologische catastrofe en we kijken uit op een wereld die vroeg of laat ons en onze medemensen zal verzwelgen als we onze modus vivendi niet wijzigen. Dus in die imperatief steekt ook een element van dreiging, datgene wat de donkere kant van de religies in beweging zet. Maar nog belangrijker is het element van overbelasting, van overvraging, wat maakt dat we onze imperatief beter formuleren als ‘je moet van nu af aan iets doen, wat je eigenlijk niet kan’. Dat is ook het onderscheid tussen God en duivel, want God is diegene die altijd iets volkomen onmogelijks van je verlangt, terwijl de duivel een pedagoog is die de mensen altijd exact daar afhaalt, waar ze toevallig zijn beland.”

Aan die eisen kan je nooit beantwoorden, je schiet altijd tekort.
“Altijd! SØren Kierkegaard die het onderscheid tussen ethiek en religie juist aan dat criterium ophing, zei dat ethische eisen in de regel in een vervulbare vorm zijn geformuleerd, terwijl het voor religies typisch is dat ze de mensen met absurde eisen confronteren. We moeten wennen aan de gedachte dat we tegenover God altijd en per definitie ongelijk hebben, terwijl we ons toch moeten verantwoorden. Dat is nu eenmaal de vorm van de absurde overvraging, die toch onvoorwaardelijk wordt gehandhaafd.”

“Ik stel dan ook voor dat we het onderscheid dat Kierkegaard maakt tussen het ethische en het religieuze opheffen, doordat we het ethische zelf ‘absurd’ en buitensporig verklaren. We moeten het onderscheid tussen het religieuze en het ethische ongedaan maken, en aan het ethische zelf alle eigenschappen toekennen die voorheen bij de religie hoorden. Alleen zo kunnen we de nieuwe vorm van de absolute imperatief begrijpen. Als we van de ethiek maar een voldoende verheven opvatting hebben, kan de noodzakelijke religieuze absurditeit er in vervat worden. Want als ik zeg dat je je leven moet veranderen, dan eis ik van de mens iets wat hij eigenlijk niet kan. Om het te kunnen, zou hij een nieuwe mens moeten worden die doet waartoe de oude mens niet in staat was.”

Die verticaliteit werd in de loop van de geschiedenis op verschillende wijzen uitgedrukt zoals met de wapenspreuk ‘Plus est en vous’ of met Goethes verzekering dat ‘Wer immer strebend sich bemüht, den können wir erlösen’.
“Dat is dat mooie vers aan het einde van de Faust, dat door een engelenkoor geïntoneerd wordt, maar dat zelf een ‘secularisaat’ is van een duizend-, zelfs tweeduizendjarige geschiedenis van religieuze hoogspanning. Je mag niet vergeten dat het christendom de absurde religie par excellence is geweest, niet alleen met het geloof – ‘credo quia absurdum’ – maar vooral met zijn ethische imperatief. Die luidt: bemin je naaste zoals jezelf – een eis waarbij elk verstandig mens de zaal gillend zou moeten verlaten. Het christendom slaagde er merkwaardigerwijs tweeduizend jaar lang in de mensen in de zaal, in de kerk te houden. Wat die eis nog buitenissiger tot uitdrukking brengt, is dat de christenmens diegene is die een leven leidt dat in zijn uiterste consequentie een nabootsing – imitatio Christi – van de Godmens wil zijn. ”

Religies zijn dus een soort spirituele oefensystemen die tot doel hebben het individu geestelijk te ontwikkelen met behulp van ascese.
“Inderdaad. Met die formule treffen we de kern van de zaak. De oefening is de vorm waarin het onmogelijke in het mensenleven vaste voet krijgt. Het gaat er niet om dat men iets wat men makkelijk kan beter leert, maar wel dat iets wat in de grond niet mogelijk is, toch mogelijk wordt gemaakt. Meditatie is zo’n discipline die als doelstelling heeft het onmogelijke mogelijk te maken, in dit geval de individuatie – de insluiting van het individu in zijn eigen persoonlijkheid – weer op te heffen, om het individu als het ware terug te veranderen in het goddelijke vuur. Zolang ik individu ben, ben ik een stuk ijs dat van de goddelijke hitte gescheiden is, en zodra ik ophoud dat individu te zijn, versmelt ik met het algemene vuur en word ik een deel van het oervuur dat aan het fundament van de wereld laait. Dat zijn denkfiguren of retorische figuren waarmee de klassieke mystici probeerden de individuen te betrekken bij zo’n spel met het onmogelijke.”

Maar vandaag staan andere dingen op het spel.
“De absolute imperatief van onze tijd zegt zoals alle andere vroegere imperatieven dat je je leven moet veranderen, maar de implicatie is nu dat je een levensvorm moet vinden die verenigbaar is met de overleving van de mensensoort op deze aarde in een langer perspectief. Dat begint met mezelf te begrijpen als een wezen dat ik eigenlijk niet wil zijn, namelijk als tijdgenoot van zeven miljard andere mensen. Dat gedacht is zo schrikwekkend dat men ze ten enenmale nauwelijks kan denken. Ik zou zelfs beweren dat de christelijke eis een leven te leiden dat zoveel mogelijk gelijkvormig is met het leven van de Godmens niet veeleisender is dan de eis om een kosmopolitisch leven te leiden dat gebaseerd is op het inzicht dat we zeven miljard medeburgers hebben. Die twee proposities zijn, wat hun buitenissige inhoud betreft, aan elkaar gewaagd. Ze zijn even onmogelijk en daarom even verheven, even onontbeerlijk, en beide hebben dezelfde geestverruimende energie. Ze hebben de kracht in zich uit de mens iets te maken wat hij voordien niet was.”

En dat moet de mens oefenen?
“Zodra die imperatief op hem heeft ingewerkt, zodra hij hem echt heeft begrepen, zodra hij volledig doordrongen is van de evidentie van dit nieuwe onmogelijke dat mogelijk moet worden gemaakt, moet de mens proberen een medium te worden voor de overgang van het onmogelijke naar het mogelijke: dat is het nieuwe oefenfront. De stem die nu zegt dat we ons leven moeten veranderen, eist tegelijkertijd zoiets als de creatie van een wereldkliniek. We hebben behoefte aan een klinisch universalisme, want de aarde is ziek. Wie ze ziek maakte, is niet op elk punt duidelijk, maar alles bij elkaar weten we dat wij het waren. De aarde heeft aids opgedaan door onveilige seks met de mens. Nu moeten wij een wereldkliniek bouwen waarin we het immuunsysteem van de aarde herstellen. En dat kan alleen als we weer geocentrici worden. We moeten het gebaar herhalen dat Nietzsche zijn dolleman in Zarathustra liet voordoen: we moeten de aarde weer loskoppelen van de zon, de copernicaanse wending ongedaan maken, en de aarde weer in het middelpunt plaatsen. Dit is niets minder dan een contrarevolutie.”
(Interview Peter Sloterdijk in Tertio nr 483)
En Hij zeide: Alzo is het Koninkrijk Gods, gelijk of een mens het zaad in de aarde wierp; En voorts sliep, en opstond, nacht en dag; en het zaad uitsproot en lang werd, dat hij zelf niet wist, hoe. Want de aarde brengt van zelve vruchten voort: eerst het kruid, daarna de aar, daarna het volle koren in de aar. En als de vrucht zich voordoet, terstond zendt hij de sikkel daarin, omdat de oogst daar is.
En Hij zeide: Waarbij zullen wij het Koninkrijk Gods vergelijken, of met wat gelijkenis zullen wij hetzelve vergelijken? Namelijk bij een mosterdzaad, hetwelk, wanneer het in de aarde gezaaid wordt, het minste is van al de zaden, die op de aarde zijn. En wanneer het gezaaid is, gaat het op, en wordt het meeste van al de moeskruiden, en maakt grote takken, alzo dat de vogelen des hemels onder zijn schaduw kunnen nestelen. En door vele zulke gelijkenissen sprak Hij tot hen het Woord, naardat zij het horen konden. En zonder gelijkenis sprak Hij tot hen niet; maar Hij verklaarde alles Zijn discipelen in het bijzonder.
(Marcus 4, 26-34)

14-06-2009, 12:50:56






06-06-2009
A new beginning

We treffen elkaar in een tijd van spanningen tussen de Verenigde Staten en moslims over de hele wereld; spanningen die zijn geworteld in historische krachten die verder gaan dan enig huidig politiek debat. De relatie tussen de islam en het westen omvat eeuwen van samenleven en samenwerken, maar ook van conflicten en godsdienstoorlogen. De jongste tijd zijn die spanningen ook gevoed door een kolonialisme dat vele moslims hun rechten en mogelijkheden ontzegde, en een koude oorlog waarin landen met een moslimmeerderheid te vaak als gemachtigden werden behandeld zonder aandacht voor hun eigen aspiraties. Meer nog, door de ingrijpende veranderingen die de moderniteit en globalisatie met zich meebrengen, wordt het westen door veel moslims gezien als vijandig gezind ten opzichte van de tradities van de islam.

Zolang onze relatie door onze verschillen wordt bepaald, geven wij kansen aan wie haat in plaats van vrede zaait, en aan wie conflict in plaats van samenwerking nastreeft. Samenwerking die al onze mensen kan helpen gerechtigheid en welvaart te bereiken. Deze vicieuze cirkel van argwaan en onenigheid moet stoppen.

Ik ben naar hier gekomen om te zoeken naar een nieuw begin tussen de Verenigde Staten en moslims over de hele wereld. Gebaseerd op wederzijdse belangen en wederzijds respect, en op de waarheid dat Amerika en de islam elkaar niet uitsluiten en geen rivalen hoeven te zijn. Integendeel, zij overlappen elkaar en delen dezelfde principes – principes als gerechtigheid en vooruitgang, verdraagzaamheid en de waardigheid van alle mensen.

Ik besef echter dat veranderingen niet van de ene op de andere dag gebeuren. Geen enkele toespraak kan de jaren van wantrouwen uitwissen, noch kan ik in de mij toegemeten tijd alle complexe vragen beantwoorden die ons tot op dit punt hebben gebracht. Maar ik ben ervan overtuigd dat als wij willen vooruitgaan, wij openlijk moeten zeggen wat in onze harten leeft en wat te vaak enkel achter gesloten deuren wordt gezegd. Wij moeten aanhoudende inspanningen leveren om naar elkaar te luisteren, elkaar te respecteren en punten van overeenkomst te zoeken. Zoals de Heilige Koran ons zegt: “Wees je bewust van God en spreek altijd de waarheid”. Dat is wat ik hier zal proberen te doen – de waarheid spreken tot het best van mijn kunnen, in alle nederigheid voor de taak die ons wacht en in de rotsvaste overtuiging dat de belangen die wij als mensen delen veel sterker zijn dan de krachten die ons uiteendrijven.
Die overtuiging is deels geworteld in mijn eigen ervaring. Ik ben een christen, maar mijn vader kwam uit een Keniaanse familie die uit generaties moslims bestaat. Als kleine jongen bracht ik verschillende jaren in Indonesië door, waar ik bij het ochtendgloren en bij valavond de azaan [de islamitische oproep tot het gebed] hoorde. Als jongeman werkte ik in verschillende gemeenschappen in Chicago waar heel wat mensen waardigheid en vrede vonden in hun islamitische geloof.

Als student geschiedenis weet ik ook wat onze beschaving aan de islam verschuldigd is. De islam verspreidde – van op plaatsen als de universiteit al-Azhar – het licht van de kennis doorheen de eeuwen en effende het pad voor de Europese renaissance en verlichting. De innovatie in moslimgemeenschappen leidde tot de ontwikkeling van algebra, ons magnetische kompas en andere navigatie-instrumenten, onze schrijf- en boekdrukkunst, onze kennis van de verspreiding en genezing van ziektes. De islamitische cultuur heeft ons zoveel gegeven: majestueuze bogen en rijzende torens, tijdloze poëzie en kostbare muziek, elegante kalligrafie en vredige plekken van bezinning. Doorheen de geschiedenis heeft de islam in woorden en daden bewezen dat godsdienstige verdraagzaamheid en rassengelijkheid mogelijk zijn.

Maar datzelfde principe geldt ook voor de islamitische perceptie van Amerika. Net zoals moslims niet overeenkomen met het grove stereotype, zo is ook Amerika niet het grove stereotype van een op eigen belang gericht imperium. De Verenigde Staten zijn een van de grootste bronnen van vooruitgang die de wereld ooit gekend heeft. Wij werden geboren uit een revolutie tegen een wereldrijk. We werden gesticht op basis van een ideaal dat iedereen gelijk wordt geboren, en we hebben eeuwenlang ons bloed gegeven en gestreden om die woorden – binnen onze eigen grenzen en over de hele wereld – betekenis te geven. Wij zijn door elke cultuur gevormd, komen uit elke uithoek van de wereld en richten ons leven naar één eenvoudig concept: E pluribus unum – “Uit velen één”.

Bovendien is vrijheid in Amerika onlosmakelijk verbonden met de vrijheid om de eigen godsdienst te belijden. Daarom telt elke staat in onze unie een moskee en vind je meer dan 1.200 moskeeën binnen onze grenzen. Daarom heeft de Amerikaanse regering gerechtelijke stappen ondernomen om het recht te beschermen van vrouwen en meisjes om de hidjab te dragen en om iedereen te straffen die dat recht niet erkent.

Laat er dus geen twijfel over bestaan: de islam is een deel van Amerika. Ik geloof dat Amerika in zich de waarheid draagt dat wij allen, ongeacht ras, godsdienst of levensfase, naar hetzelfde streven – een leven in vrede en veiligheid, goed onderwijs en waardig werk, liefde voor onze familie, onze gemeenschappen en onze god. Dat hebben wij gemeen. Dat is de hoop van de hele mensheid.

Uiteraard is de erkenning van onze gemeenschappelijke menselijkheid slechts het begin van onze taak. Woorden alleen kunnen niet tegemoetkomen aan de behoeften van ons volk. Aan die behoeften kan enkel worden tegemoetgekomen als we de komende jaren moedig optreden, en als we beseffen dat wij de uitdagingen delen waarvoor we staan en dat onze mislukking ons allen zal schaden.

Recente ervaringen hebben ons immers geleerd dat wanneer een financieel systeem in één land verzwakt, de welvaart daar overal nadeel van ondervindt. Wanneer een nieuwe griep één mens besmet, iedereen een risico loopt. Wanneer één natie een nucleair wapen nastreeft, het risico van een nucleaire aanslag voor alle naties toeneemt. Wanneer gewelddadige extremisten in één bergkam actief zijn, mensen aan de andere kant van een oceaan worden bedreigd. En wanneer onschuldige mensen in Bosnië en Darfoer worden afgeslacht, dat een smet op ons collectieve geweten is. Dat is wat leven in deze 21e eeuw inhoudt. Dat is de verantwoordelijkheid die wij als mensen tegenover elkaar hebben.

Het is een moeilijke verantwoordelijkheid om te aanvaarden. De menselijke geschiedenis is immers vaak een aaneenrijging geweest van naties en volkeren die elkaar onderwerpen om hun eigen belangen te dienen. In dit nieuwe tijdperk is dergelijk gedrag echter zelfdestructief. Gezien onze onafhankelijkheid zal elke wereldorde die boven een natie of groep mensen uitstijgt onvermijdelijk falen. Wat we ook van het verleden denken, we mogen er geen gevangenen van zijn. Onze problemen moeten door partnerschap worden aangepakt, onze vooruitgang moet worden gedeeld.

Ik weet dat er de jongste jaren controverse is ontstaan over het promoten van de democratie in de wereld. Die controverse heeft veel te maken met de oorlog in Irak. Ik wil hierover dan ook duidelijk zijn: geen enkele bestuursvorm kan of mag door één natie aan een andere natie worden opgelegd.

Dat doet echter niets af aan mijn engagement tegenover regeringen die de wil van het volk weerspiegelen. Elke natie geeft op haar eigen manier en volgens de tradities van haar eigen volk gestalte aan dit principe. Amerika heeft niet de pretentie te weten wat het beste is voor iedereen, net zomin als we de pretentie zouden hebben om het resultaat van vreedzame verkiezingen te bekritiseren. Maar ik ben er rotsvast van overtuigd dat er een aantal dingen zijn waar alle mensen naar verlangen: voor hun mening kunnen uitkomen en mee kunnen beslissen over de manier waarop ze worden bestuurd, vertrouwen hebben in de rechtsstaat en een gelijke rechtsbedeling, kunnen rekenen op een overheid die transparant werkt en het volk niet besteelt, en de vrijheid hebben om te leven zoals ze zelf willen. Dat zijn geen louter Amerikaanse ideeën maar mensenrechten, en daarom zal ik ze overal steunen.
Er is geen eenduidige manier om deze belofte waar te maken. Maar één ding moet duidelijk zijn: regeringen die deze rechten beschermen, zijn uiteindelijk stabieler, succesvoller en duurzamer. Nergens is het al gelukt om ideeën te doen verdwijnen door ze te onderdrukken. Amerika respecteert ieders recht om op een vreedzame en legale manier in de hele wereld zijn stem te laten horen, ook al zijn we het oneens met de boodschap. En we reiken de hand naar alle verkozen, vreedzame regeringen op voorwaarde dat ze met respect voor hun hele volk regeren.

Dit laatste punt is belangrijk omdat sommigen slechts voor democratie pleiten zolang ze zelf niet aan de macht zijn. Komen ze zelf aan de macht, dan tonen ze zich meedogenloze onderdrukkers van de rechten van anderen. Maar overal ter wereld legt een regering van het volk en door het volk één en dezelfde regel op aan al wie in de macht deelt: je moet je macht behouden door instemming, niet door dwang. Je moet de rechten van minderheden respecteren, vanuit een geest van tolerantie werken en compromissen sluiten. Je moet de belangen van je volk en de legitieme werking van het politieke proces boven je partij stellen. Zonder al deze dingen volstaan verkiezingen op zich niet om van een echte democratie te kunnen spreken.
….
Tegelijk is het ook belangrijk dat westerse landen vermijden om het moslimburgers onmogelijk te maken om hun godsdienst te beleven zoals ze zelf willen, door bijvoorbeeld voor te schrijven hoe moslimvrouwen gekleed moeten gaan. We kunnen vijandigheid tegenover een religie niet verhullen achter het voorwendsel van liberalisme.

Het geloof zou ons moeten verenigen. Daarom werken we in Amerika aan gemeenschapsdienstprojecten waarin christenen, moslims en joden samenwerken. Daarom verwelkomen we inspanningen zoals die van de Saudische koning Abdullah om een dialoog met andere godsdiensten op te starten, of van Turkije dat het voortouw neemt in de Alliantie van Beschavingen. Overal ter wereld kunnen we de dialoog omvormen tot gemeenschapsdiensten over de grenzen van het geloof heen. Zo slaan we bruggen tussen mensen en kunnen we tot actie komen: de strijd aanbinden tegen malaria in Afrika of hulp bieden na een natuurramp.

Ik weet dat de globalisering voor velen een dubbel gezicht heeft. Het Internet en de televisie kunnen kennis en informatie aanbieden, maar ook beledigende seksualiteit en stompzinnig geweld. Handel kan nieuwe rijkdom en kansen creëren, maar ook zware ontwrichtingen en verstoringen van de samenleving veroorzaken. In alle landen – ook in het mijne – kunnen deze veranderingen angst doen ontstaan. Angst dat we door deze moderniteit de controle zullen verliezen over onze economische keuzes, ons beleid en – het belangrijkst van al – onze identiteit, de dingen die ons het naast aan het hart liggen wanneer het gaat om onze gemeenschappen, onze gezinnen, onze tradities en ons geloof.

Maar ik weet ook dat de mens er ontegensprekelijk op vooruitgaat. Er hoeft geen contradictie te zijn tussen ontwikkeling en traditie. Landen als Japan en Zuid-Korea ontwikkelden hun economieën terwijl ze hun eigen cultuur behielden. Hetzelfde geldt voor de verbazingwekkende vooruitgang in landen met een overwegend islamitische bevolking van Kuala Lumpur tot Dubai. Reeds in de oudheid namen moslimgemeenschappen het voortouw op het vlak van innovatie en onderwijs, en dat doen ze ook nu nog.

Dit is belangrijk want een ontwikkelingsstrategie kan nooit uitsluitend gebaseerd zijn op wat er in de grond zit en heeft geen kans op slagen wanneer jonge mensen werkloos zijn. Vele Golfstaten verwierven grote rijkdom dankzij de olie en sommige van hen beginnen die nu op een bredere ontwikkeling te richten. Maar we moeten allemaal erkennen dat onderwijs en innovatie de valuta worden die we in de 21e eeuw nodig zullen hebben. En in al te veel moslimsamenlevingen wordt er onvoldoende geïnvesteerd op dit vlak. Ik leg in mijn land de nadruk op dit soort investeringen. En terwijl Amerika in het verleden vooral aandacht had voor de olie- en gasvoorraden in dit deel van de wereld, streven we nu naar een breder engagement.

Voor wat het onderwijs betreft, zullen we het aantal uitwisselingsprogramma’s uitbreiden, extra beurzen creëren – zoals deze die mijn vader naar Amerika bracht – en tegelijk meer Amerikanen aansporen om in moslimlanden te studeren. Veelbelovende moslimstudenten zullen we stages aanbieden in Amerika, we zullen investeren in online-leerprogramma’s voor leerkrachten en kinderen overal ter wereld, en we zullen een nieuw online-netwerk creëren zodat tieners in Kansas rechtstreeks met tieners in Caïro kunnen communiceren.

Op het vlak van economische ontwikkeling zullen we een nieuw korps van bedrijfsvrijwilligers samenstellen om samen te werken met partners in landen met een overwegend islamitische bevolking. Ik zal dit jaar een top over ondernemerschap organiseren om na te gaan hoe we de banden tussen bedrijfsleiders, stichtingen en sociale ondernemers in de Verenigde Staten en in moslimgemeenschappen overal ter wereld kunnen aanhalen.

Met betrekking tot wetenschap en technologie willen we een nieuw fonds oprichten dat in landen met een overwegend islamitische bevolking de technologische ontwikkeling moet stimuleren en moet helpen om ideeën in de praktijk om te zetten die nieuwe jobs kunnen creëren. We zullen wetenschapscentra openen in Afrika, het Midden-Oosten en Zuidoost-Azië, en we zullen nieuwe wetenschappers afvaardigen om mee te werken aan programma’s voor de ontwikkeling van nieuwe energiebronnen, het creëren van groene jobs, het digitaliseren van archieven, het zuiveren van water en het ontwikkelen van nieuwe teelttechnieken. Ik kondig ook een nieuwe wereldwijde inspanning aan om in samenwerking met de Organisatie van de Islamitische Conferentie polio uit te roeien. Verder zullen we onze partnerschappen met de moslimgemeenschappen uitbreiden om een betere gezondheidszorg voor kinderen en moeders tot stand te brengen.
Al die dingen moeten we samen realiseren. De Amerikanen staan klaar om samen met burgers en regeringen, maatschappelijke organisaties, religieuze leiders en moslimgemeenschappen mensen overal ter wereld te ondersteunen in hun streven naar een beter leven.

Er is zoveel angst en zoveel wantrouwen. Maar als we ervoor kiezen om vast te blijven zitten aan het verleden, zullen we nooit vooruitkomen. En dit wil ik vooral aan de jonge mensen van elk geloof en in elk land zeggen: jullie zijn beter dan wie ook in staat om deze wereld te verbeteren.
We zijn allemaal slechts korte tijd op deze aarde. De vraag is of we onze tijd hier voornamelijk besteden aan de dingen die ons scheiden, dan wel of we ons inzetten en blijvend inspannen om gemeenschappelijke punten te vinden, te focussen op de toekomst die we voor onze kinderen willen, en respect te tonen voor de waardigheid van alle mensen.

Het is makkelijker om oorlogen te beginnen dan om ze te beëindigen. Het is makkelijker om anderen de schuld te geven dan om de hand in eigen boezem te steken. Het is makkelijker om de verschillen met de ander te zien dan om gemeenschappelijke punten te ontdekken. Maar we moeten de juiste weg kiezen, niet gewoon de makkelijkste weg. Er is ook een regel die in de kern van elke religie besloten ligt: “Wat gij niet wilt dat u geschiedt, doet dat ook een ander niet.” Deze waarheid geldt over alle naties en volkeren heen. Dit geloof is niet nieuw. Het is niet wit of zwart. Het is niet christelijk, islamitisch of joods. Het is een geloof dat al bij de wieg van de beschaving leefde en dat nog steeds voortleeft in de harten van miljarden mensen. Het is het geloof in anderen, en dat is precies wat mij vandaag hiernaartoe heeft gebracht.

Het ligt in onze macht om de wereld te maken die wij willen, maar slechts indien we de moed opbrengen om opnieuw te beginnen en daarbij de tekst van de heilige boeken in ons achterhoofd te houden.

De Koran zegt ons: “Mensheid! Wij hebben u geschapen als man en vrouw, en we hebben u gemaakt tot naties en stammen, zodat u elkaar zoudt leren kennen.”

De Talmoed zegt ons: “De hele Thora is bedoeld ter ondersteuning van de vrede.”

De Bijbel zegt ons: “Gezegend zijn de vredestichters, want zij zullen de zonen van God worden genoemd.”
Overal ter wereld kunnen mensen in vrede samenleven. We weten dat het dat is wat God met ons voorheeft. Welnu, laat dit onze opdracht zijn hier op aarde. Ik dank u. Moge Gods vrede met u zijn.

Barack Obama
06-06-2009, 12:22:55






01-06-2009
Engel en beschermen zin van het leven

Toen ik later nog eens over deze ontmoeting nadacht, werd me duidelijk dat deze jonge rouw in sweatshirt en gymnastiekschoenen een voorbeeld is van wat de theologische traditie mij leert een ‘engel’ te noemen. Zij is een engel. Een engel is een boodschapper die God zichtbaar maakt. Voor onze christelijke zelfopvoeding is het belangrijk dat wij onszelf en elkaar opmerkzaam maken op die boodschappers, zodat wij ze kunnen zien en niet wegredeneren tot iets onbeduidends. Een engel die zichtbaar maakt, verbindt mij met de kracht, met de goede macht van het leven. Een dergelijke boodschapster komt natuurlijk niet om ons de zin van het leven te verklaren: het zou een rationalistische dwaasheid zijn dat aan te nemen. Zij komt echter wel om de zin van het leven te beschermen, zodat hij niet tenietgaat in de trivialisering die wij het leven zo bekwaam aandoen. Het is immers niet zo dat wij het leven zin moeten geven of dat wij de vervulling voortbrengen. Veeleer geeft het leven ons zin als wij het niet voortdurend door al te veel dingen opsluiten en dichtgooien(…). Om een bijbels beeld te gebruiken, de zin is er evenals de zon al voordat wij er zijn. Wij kunnen de zon verhinderen tot ons door te dringen, maar wij kunnen haar niet verhinderen te schijnen”. (Dorothee Sölle)
01-06-2009, 15:46:04







Opstappen en manier van kijken

Je moet niet alleen, om de plek te bereiken,
thuis opstappen, maar ook uit manieren van kijken.
Er is niets te zien, en dat moet je zien,
om alles bij het zeer oude te laten.
(uit 'De Plek' van Herman de Coninck)
01-06-2009, 15:42:23







Wetenschap vs.levensbeschouwing

Als de wetenschappen op zich de zaak niet kunnen beslechten, dan moet het zijn dat er andere elementen meespelen. Omwille van de concrete maatschappelijke context waarin we nu zitten, vind ik het belangrijk om positie in te nemen en duidelijk te maken dat atheïsme een volwaardige levensbeschouwing is. Ik heb ook persoonlijke motieven: ik vind het een zeer troostende gedachte dat, als mijn verblijf hier voorbij is, het ook echt gedaan is. Toch vraagt men mij telkens opnieuw: wéét jij dat? Neen, daarom noem ik het ook een levensbeschouwing, anders zou ik weer bij de wetenschap terecht komen. ... Ook atheïsten en agnosten zijn gelovigen. (Jean Paul Van Bendegem in Goedgevonden)
Dupré daarentegen laat allereerst zien dat de waarheidsaanspraken van een pragmatische en utilitaire rede inherent beperkt blijven tot het meetbare en empirisch verifieerbare, dat je daarom positief-wetenschappelijke inzichten nooit 'rechtstreeks' kan doortrekken naar levensbeschouwelijke posities. (Louis Dupré in Tertio 27/5/9).
01-06-2009, 10:41:35

30-05-2009
What difference have I made?

"I know we're all pretty small in the big scheme of things, and I suppose the most you can hope for is to make some kind of difference, but what kind of difference have I made? What in the world is better because of me?"
The exquisite ending of the film, in which Schmidt looks at Ndugu's stick figure drawing of adult and child holding hands, offers him a glimpse of a redeemed life. If his existence has been worth anything, it is because of his role in the lives of two children, Jeannie and Ndugu. Even as an emotionally distant father, he still was instrumental in Jeannie's existence, and even as a physically distant narcissist, he was able to contribute in a small measure to Ndugu's healthy upbringing. If Schmidt had done nothing else, it would still have been a life of meaning and grace.
(uit film ‘About Schmidt’)
30-05-2009, 12:56:55






22-05-2009
Hemel in het klad en mildheid bij het zien eerste stappen

Hemel in het klad (CD Bart Peeters).
Edel Maex verwoordt het in zijn boek 'In de maalstroom van het leven' als volgt: 'Mildheid is wat de meeste mensen voelen als ze een kind zijn eerste stapjes zien zetten. Met een mengsel van vertedering en aanmoediging kijk je toe hoe het zich rechttrekt, zijn evenwicht probeert te bewaren, waggelt, geniet van zijn eerste succes en dan weer valt. Als het valt dan ben je niet boos, terwijl je het evenmin rechtop probeert te zetten.'
22-05-2009, 14:18:21






09-05-2009
Leven is worden

Nadenken over vroeger en over morgen.
Over wat je gelooft,
wat voor jou essentieel en wat bijkomstig is.
Uitkijken om verder te groeien als mens.
Groeien is werken aan jezelf,
werken aan jouw stukje betere wereld,
ontdekken van de wondere wereld rond ons.
Groeien is ook zoeken.
Zoeken naar waarheid, eerlijkheid, waarde, zingeving.
In dat zoeken zie je het werk van het unieke, prachtige werktuig dat de mens heeft,
onze hersenen, ons bewustzijn, onze ratio, onze geest.
Die geest, die ratio leert ons veel.
Ze bracht ons de wetenschap,
maar ook onze kritische, bevragende, zoekende geest.
Een nieuwe generatie van heel kritische, bevragende en zoekende geesten is opgestaan.
We maken daar ook deel van uit. We zijn kind van onze tijd.
Maar die geest, die ratio, dit kritisch verstand is ook beperkt.
Ze kan niet claimen een antwoord te geven op alle vragen of een invulling te geven aan het menselijke leven.
De beperktheid ligt niet zozeer in het feit dat er blijkbaar grenzen komen aan het kenbare via de wetenschappelijke methode.
De beperktheid van de kritische geest ligt ook en misschien vooral in het levensgevoel dat zij lijkt op te wekken.
Je hebt het gevoel dat als de rationele, kritische geest allesomvattend wordt,
ze het leven verkilt en beknot,
leeg maakt,
een stuk van zijn ziel ontneemt.
Ligt daar ook geen bron voor nihilisme, cynische, consumisme?
Is er naast de geest die rationeel en kritisch is,
ook geen beschouwende geest die leven geeft?
Een beschouwende geest die ongekende dimensies kan aftasten,
die afstand neemt van het gebeuren en de roezen van alle dag,
die rust vindt boven de zorgen van alledag,
die schoonheid herkent,
die de ervaring van de universele harmonie oproept,
die over de angsten en negatieve zelfbeelden kan heen stappen,
die de beperkingen van het leven kan plaatsen en toch vrede kan vinden,
die zich kan inleven in anderen, zich verbonden kan voelen, zelfs met mensen veraf,
die zich niet opsluit maar open staat, luistert, ervaart, voelt.
Kortom een geest die sterker zou kunnen zijn dan materie en energie.
Heeft de mens naast zijn kritische en beschouwende geest,
ook niet de eigenschap om lief te hebben?
Een zelfvergetende liefde,
een nederige liefde?
Een liefde die grenzen kan verleggen,
en diepere dimensies doet vermoeden?
Liefde die iets toevoegt aan het leven,
liefde die iets creëert dat zijn gelijke niet heeft?
Liefde die leven geeft aan andere mensen?
Liefde die misschien zover gaat
zich open te stellen voor Diegene in wiens schoot je jouw leven geborgen lijkt te voelen?
Zou wat liefde toevoegt,
ooit teniet gaan?
Waar de beschouwende geest waarschijnlijk in de geduldige oefening tot bloei komt,
komt de liefde uit een andere bron.
Misschien heeft het ergens te maken met een inspiratie,
een bezieling,
een geraaktheid,
een begeestering
door een mens als Jezus van Nazareth,
of het gelaat van een ander mens.
Leven is ‘groeien’ en is ‘worden’.
Groeien met jouw instrument van de geest,
beseffend dat dit instrument werkt bij de genade van een gezond en gevoed lichaam.
Groeien is nog veel te weinig groeien in liefde.
Je laat je te weinig bezielen, begeesteren, raken.

09-05-2009, 20:31:13






03-05-2009
Scheldegeheimen

Beeld je in dat er geen plek is
buiten de dreef. Daarbuiten is niets
dan geraas van de steedse beschaving.
Verder weg in haar oostelijk bed
verliest de maanzieke Schelde
haar water in hammen en broeken.
Hier fonkelt de wereld in weelde.
Drie maal per dag ga je wandelen
zie je de dingen weer anders.
Het licht filtert zacht violet, het ruikt
er naar andoorn en vochtige kleren.
Je slaat een arm om een boom
voelt de groeven van jaren stilzwijgen.
De wind bladert zacht door de bomen.
Alsof hij geheimen vertelt die bewaard
moeten blijven tussen kapel en kasteel
tussen kerkdreef en achterland.
Lut de Block (gelezen in Zevergem)
03-05-2009, 11:16:57






02-05-2009
Kosmos en levensvormen die (domme?) vragen stellen.

Over het universum zei Carl Sagan ooit: 'De kosmos is alles wat er is, ooit was of ooit zal zijn. De geringste aanblik van de kosmos brengt ons van ons stuk: een tinteling over de rug, een hapering in de stem, een vaag gevoel, als een verre herinnering, van naar beneden te vallen. We weten dat we het grootste van alle mysteries naderen.' Als bioloog zou ik daar willen aan toevoegen dat één van de grootste (en nog steeds verre van ontsluierde) mysteries het verbazingwekkende feit is dat er zich, na de grote kosmische explosie, op één stofpuntje materie begon te ordenen die via een evolutie door natuurlijke selectie uitgroeide tot de wonderbaarlijk complexe patronen die wij levensvormen noemen en die in staat zijn om zichzelf diepgaande existentiële vragen te stellen: Wat is het leven? Waar dient het allemaal toe? Waarom zijn we hier? …. Wetenschap kan een antwoord geven op de hoe-vragen en dat is allemaal prima, maar hoe zit het met de waarom-vraag?' Atkins antwoordde daarop kort en bondig: 'Mijnheer, de waarom-vraag is gewoon een domme vraag.' (Richard Dawkins in DS 3/5/9)
02-05-2009, 12:46:19







Beperkingen wetenschap, schoonheid en liefde

Ik ben het ermee eens dat geen enkel experiment esthetische oordelen kan onderbouwen, of kan aantonen wat bijvoorbeeld goed en kwaad is. Dit soort thema's zijn het terrein van moraalfilosofen en juristen, veeleer dan van wetenschappers als ikzelf. Toch denk ik dat de beperkingen van de wetenschap worden overdreven. …. Er zijn dingen, zo argumenteren zij, die veel te ingewikkeld zijn voor de wetenschap en die daarom op andere manieren moeten worden bestudeerd. Mijn antwoord daarop is: 'Wat voor andere manieren?' Als iets te ingewikkeld voor de wetenschap is, waarom zou een andere discipline dan slagen waar de wetenschap faalt? Hoe komt u daar in 's hemelsnaam bij? Ik durf te stellen dat de wetenschap - of althans de wetenschap van de toekomst - in staat zal zijn om een antwoord te vinden op de meeste, zoniet alle vragen die mensen als ultieme vragen beschouwen. En indien er fundamentele vragen zijn die de wetenschap niet kan beantwoorden, dan vermoed ik dat ze gewoon niet te beantwoorden zijn. (Richard Dawkins in DS 3/5/9)
Over één ding kunnen we het eens blijven: of er nu al dan niet een bestaan na de dood is, in elk geval kunnen we, hier en nu, schoonheid goedheid en liefde voor onszelf en voor de anderen nastreven. (Etienne Vermeersch in DS Waarom moeten we niet reïncarneren? zaterdag 25 april 2009)
02-05-2009, 12:45:49







Wetenschap, levensgevoel, ontroering en Bach

Toen ik na een periode van anderhalf jaar intens studeren en nadenken, van dat geloof afstand nam, had ik niet de indruk dat ik mij een ander 'levensgevoel' had eigen gemaakt. Integendeel, telkens als ik, nog jaren later, Händels 'I know that my redeemer liveth' beluisterde, of Bachs 'Sehet Jesus hat die Hand uns zu fassen ausgespannt', kreeg ik de tranen in de ogen: ik weende omdat het niet waar was. Ik ween nu niet meer, maar de ontroering is gebleven. Alleen is mijn wereldbeschouwing definitief veranderd, en dat op zuiver redelijke gronden. Zo'n persoonlijke ervaring heeft echter slechts anekdotische waarde. (Etienne Vermeersch in DS Waarom moeten we niet reïncarneren? zaterdag 25 april 2009)
Maar omdat wetenschap werkt en omdat wetenschap nuttig is, bestaat het gevaar dat we blijven zitten met het idee dat wetenschap alleen maar nuttig is. Wetenschap is ook poëzie. En kunst. Als wetenschap nog niet de inspiratie leverde voor prachtige kunst of muziek, dan is het daar de hoogste tijd voor. Ja, de Mattheuspassie is een indrukwekkend muziekstuk. Beeldt u zich dus even in welke onwaarschijnlijke hoogten Bach zou hebben bereikt indien hij de opdracht had gekregen om een oratorium te schrijven over het thema van de evolutie (bijzonder toepasselijk bij Darwins tweehonderdste verjaardag) of een cantate over de melkweg. (Richard Dawkins in DS 3/5/9)
02-05-2009, 12:45:21






01-05-2009
Sprong in onbekende en omarming

Wat de wetenschapper en de kunstenaar met elkaar verbindt, is de keuze voor de sprong in het onbekende.Voor iets te durven kiezen, een veronderstelling te durven poneren, die nog geen bewezen realiteit bezit. (Jan Fabre nav toekenning eredoctoraat, nieuws op Eén).
Onzichtbaar, en toch voelbaar, heel concreet, in de omarming van het onbekende, het onmogelijke, het onbereikbare aan de grens van wat wij kunnen en kennen, in de uitgestoken hand, in alles wat ons draagt en energie geeft, in het uitdeinen en krimpen van het leven en heelal, in de zee die eb en vloed in zich draagt, in Licht, en die wij met de naam God benoemen en in ons hart sluiten.
01-05-2009, 12:19:53

30-04-2009
Iets mysterieus in het universum

Als je zegt dat een intelligente mens gelooft, blijkt vaak dat ze geloven in iets mysterieus in het universum, iets dat we niet begrijpen. Daar geloof ik ook in, uiteraard. (Richard Dawkins, Terzake 29/4/9)
Een reuzenster zaliger op 13,1 miljard lichtjaar van ons - één lichtjaar is een kleine tienduizend miljard kilometer - is het verste hemellichaam dat astronomen ooit hebben waargenomen. ...De explosie die de astronomen op 23 april gezien hebben, heeft zich in werkelijkheid 13,1 miljard jaar geleden voorgedaan. Zo lang zijn het licht en de straling ervan naar ons onderweg geweest. Toen de explosie plaatsvond, was het heelal nog maar zeshonderd miljoen jaar oud, rond de tijd dat de eerste sterren en melkwegstelsels begonnen op te lichten. (DS Wetenschap 30/4/2009)
Ik ervaar mezelf als deel van het universum, wat iets subliems is. (JP Van Bendegem in Goedgevonden).
30-04-2009, 21:02:37






28-04-2009
De mooiste momenten van het leven

1. Verliefd worden
2. Lachen tot je er buikpijn van hebt
3. Een hoop post vinden wanneer men terugkomt van vakantie
4. Prachtige landschappen ontdekken
5. Naar je lievelingslied luisteren op de radio
6. In slaap vallen al luisterend naar de regen
7. Uit de douche komen en zich wentelen in een warme handdoek
8. In zijn laatste examen slagen
9. Aan een interessant gesprek deelnemen
10. Geld terugvinden in een niet gebruikte taslo
11. Om zichzelf lachen
12. Een goeie maaltijd samen met vrienden
13. Lachen zonder reden
14. Iemand toevallig iets goed over jezelf horen zeggen
15. 's Nachts wakker worden en dan beseffen dat je nog enkele uren kan slapen
16. Kijken naar de zonsondergang
17. Naar het lied luisteren dat je aan die speciale persoon herinnert
18. Je eerste kus krijgen en geven
19. Vlinders in je buik voelen wanneer je die speciale persoon ziet
20. Mooie momenten met vrienden delen
21. De mensen waar men van houdt gelukkig zien
22. De vest van je geliefde vasthouden en zijn/haar parfum nog ruiken
23. Bezoek krijgen van een oude vriend en beseffen dat er tussen jullie niks veranderd is
24. Horen dat men van je houdt
(gelezen in een mail)
28-04-2009, 22:08:23






26-04-2009
Goede crisis niet laten verloren gaan

De president daarentegen is van oordeel dat je 'een goede crisis niet verloren mag laten gaan' (Obama geciteerd in DS 25/4/9)
26-04-2009, 10:34:54






20-04-2009
Beperkingen en onvoorstelbare

Misschien denkt u bij wetenschap en technologie in de 20e eeuw vooral aan een alles-is-mogelijk-gevoel, vliegtuigen en maanlandingen en computers, the sky is the limit en zelfs die niet echt. Maar op een fundamenteler niveau is de wetenschap in de vorige eeuw vooral op veel onoverkomelijke hindernissen gestuit. Dat begon al in 1905 met Albert Einsteins kosmische snelheidslimiet: niets gaat sneller dan het licht - daar gaan de dromen over intergalactische cruises en pleziertochtjes rond de melkweg, tenzij je er een paar duizend millenia de tijd voor neemt. Daarna kwam de kwantummechanica met haar onzekerheidsrelaties: we kunnen niet zomaar meten wat we willen. In 1931 boorde de onvolledigheidsstelling van Kurt Gödel de hoop van de wiskundigen de grond in: niet alles wat waar is (in de wiskunde), valt zomaar te bewijzen. Daarna volgden de onberekenbaarheid in de wiskunde en de prille computerwetenschap, en de onvoorspelbaarheid in de chaostheorie. Overal doken verbodsborden op. ... Zouden allerlei beperkingen slechts schijnbeperkingen blijken? ... Het is nog te vroeg om te zeggen welke kant het uitgaat. Maar de openingszet lijkt alvast te komen van de kant van de verbieders. De computerwetenschapper-fysicus David Wolpert heeft wiskundig aangetoond dat er feiten aangaande ons universum moeten bestaan die geen enkele bewoner van dat universum ooit kan achterhalen ... Anders gezegd, de wetenschap mag niet hopen ooit alles te zullen weten of begrijpen. ... Dat een bewoner van het heelal, en dus noodzakelijkerwijs slechts een deel ervan, nooit alles over dat heelal kan weten, verbaast niet echt (en het belet ook niet om bijvoorbeeld alle interessante dingen te weten). Het bewijs van de stelling van Wolpert is, net als het bewijs van Gödels stelling, gebaseerd op de aloude 'leugenaarsparadox'. Die van de Kretenzer die zegt 'Alle Kretenzers zijn leugenaars' of tot zijn essentie teruggebracht: 'Deze zin is niet waar'. (Is die zin waar of niet?)
Steven Stroeykens in DS 16/4/9
Rudi Rotthier: Parallelle universums? In zulke zaken ben ik aanhanger van het scheermes van Ockham. Als je een veronderstelling niet strikt nodig hebt om iets te verklaren, snijd ze dan weg. Misschien bestaan ze, de parallelle universums, maar het maakt voor ons praktische doen en laten niets uit. We kunnen zonder.
Redmond O'Hanlon: Nou, dan wil ik een tegenwerping inbrengen. Indien je fysica gebaseerd is op wiskunde, (liefhebbers prevelen nu de vergelijking van Schrödinger, wiens kat in het ene universum leeft en in het andere dood is) moet je de moed hebben om in je wiskundige vergelijkingen te geloven. Als die wiskunde zegt: er zijn parallelle werelden, moet je flink zijn en dat aannemen. Het eigenaardige is dat je je niet kunt voorstellen wat allemaal impliceert, laat staan het in woorden vangen. Ik haat dat. Ik haat de gedachte dat God een briljante wiskundige is. ... Terry Pratchett is mystieke dwaas, maar ergens heeft hij gelijk. We bestaan allemaal uit sterrenstof. De partikels waaruit we zijn opgetrokken, zijn ontstaan bij de Big Bang. Het is zelfs nog erger. We bestaan hoofdzakelijk uit lege ruimte.
Rudi Rotthier en Redmond O'Hanlon in DS 17/4/9
Ben je gelovig? Nee, ik ben als wetenschapper agnost geworden. (Hugo Vanermen, hartchirurg in OLV Aalst op radio 1).
De houding van een agnost staat enigszins tegenover die van de atheïst, die de stelling betrekt dat er geen God is, omdat daar geen geldig bewijs voor is. Een agnost stelt dat het niet mogelijk is om het bestaan van hogere machten aan te tonen (en evenmin het niet-bestaan). (Wikipedia)
Ik besef dat mijn gedachtegang niet iedereen overtuigt; de zijne (Rik Torfs) ook niet: we moeten dat met wederzijds respect aanvaarden. Over één ding kunne we het eens blijven: of er nu al dan niet een bestaan na de dood is, in elk geval kunnen we, hier en nu, schoonheid, goedheid en liefde voor onszelf en voor de anderen nastreven. (E.Vermeersch in DS 25/4/9)
20-04-2009, 17:18:26







De toekomst bouwen is een kunst

(gelezen)
20-04-2009, 16:54:56







Mors certa, hora incerta

(gelezen)
20-04-2009, 16:54:25






12-04-2009
Une histoire d'amour qui ne sera jamais répétée.

De mens is fundamenteel gericht op de ander en vindt bijgevolg zijn geluk in de ontmoeting met de ander. .. Ruusbroec contrasteert de 'huurling' met de 'trouwe dienaar'. Het verschil is niet gelegen in de daden die ze stellen, want beiden doen daadwerkelijk en naar best vermogen het goede, maar wel in hun innerlijke gerichtheid. De trouwe dienaar verricht echter het goede 'sonder waeromme'. Zelfs het geluk beoogt hij niet; dat is louter iets dat eventueel 'erbij gegeven wordt'. Het doel is de Ander. ... Met deze korte bedenking laat Ruusbroec eens te meer aanvoelen dat er geen twee wegen zijn om tot God te komen - de 'contemplatieve' en de 'actieve' - maar slechts één: die van de liefde.... De mens is niets minder dan 'une histoire d'amour qui ne sera jamais répétée.' (Jan van Ruusbroec en het christelijk humanisme, Rob Faesen s.j.)
Het verwerpen van de verrijzenis vloeit niet voort uit de rede. Mensen die geloven doen dat niet omdat ze onbekwaam zijn helder te denken. De keuze tussen geloof en ongeloof in de verrijzenis heeft veel meer met schoonheid en liefde te maken. We zijn ons verrijzenisgeloof kwijtgespeeld omdat we bang zijn om te dromen en te vertrouwen.
Rik Torfs, DS 12 april 2009


12-04-2009, 14:45:28






09-04-2009
Verbanden en zelfgenoegzaamheid

Ignatz Sonnenschein in de film Sunshine.
09-04-2009, 22:29:22

21-03-2009
Tijd kopen

Ik heb mezelf het mooiste cadeau gekocht dat je kunt kopen: tijd (Ex-ondernemer Dimitri Casteleyn)
21-03-2009, 12:34:54







One small step at a time

In 1976 after a catastrophic famine in Bangladesh, Professor Muhammed Yunus decided to set up a bank. During visits to the poorest households in the village of Jobra, Yunus discovered that a very small amount of money made a very big difference. He gave 42 women a loan of 27 dollars each to buy small items such as tools or food to sell. Traditional banks were not interested, failing to see the value in making small loans to people with nothing. His faith was repayed when each woman made a profit on the loan. The Grameen Bank was founded on this principle. It pioneered 'microlending' - small loans (typically 100 US dollars) to very poor people who wouldn't normally qualify for credit. At least six million people in Bangladesh have been emancipated by the scheme, which has been recreated in over 100 countries, initiating a world movement to tackle poverty - one small step at a time.
(uit nieuwsbrief Deloitte)
21-03-2009, 12:33:45







Klimaat, wij-zij, van kwantiteit naar kwaliteit

Maar hoe zouden deze vriendelijke politiemensen en gedisciplineerde Amsterdammers reageren als door de opwarming van de aarde die zee plotseling de stad zou overspoelen? 'Het hele sociale systeem zou meteen imploderen', zegt de Duitse hoogleraar sociale psychologie Harald Welzer, terwijl we samen naar de vredige straattaferelen kijken. 'Er zou geweld uitbreken, mensen zouden aan het plunderen en verkrachten slaan en er zou een enorme vluchtelingenstroom op gang komen. De politie en de hulpdiensten zouden de chaos niet de baas kunnen. Misschien zouden de autoriteiten zelfs de oorlogstoestand uitroepen en het leger opdracht geven om op plunderaars te schieten.'

Welzer verzint niets, want dat is exact wat er in 2005 in New Orleans gebeurde, in een van de best georganiseerde en meest welvarende samenlevingen op aarde. 'Eén onverwachte verwoestende orkaan, en de hele lokale beschaving stortte in elkaar', zegt Welzer. …

Het Westen heeft al wel eerder natuurrampen te verwerken gekregen. Maar Katrina was veel meer dan een natuurramp, zegt Welzer. 'Het was vooral een sociale catastrofe. Door het gebrek aan voorbereiding op de extreme weersomstandigheden, zorgde de overstroming voor een nauwelijks in te dammen anarchie, een extreme reactie van de veiligheidstroepen en een enorme sociale ongelijkheid tussen rijke en arme slachtoffers. Katrina heeft de eerste Westerse klimaatvluchtelingen gecreëerd. Een kwart miljoen inwoners is nooit meer naar de stad teruggekeerd, hoofdzakelijk zwarten.' …

In een vorig werk onderzocht Welzer hoe een hele bevolking van rationeel denkende, normale mensen meegesleept kon worden in een geweldspiraal die eindigde in de uitroeiingskampen van de nazi's of de genocide van Rwanda. 'Massamoorden zijn geen ongeluk van de geschiedenis', betoogt hij. 'Het is onthutsend met welke snelheid de morele fundamenten van een samenleving in elkaar kunnen storten als men een bevolking kan overtuigen van een vermeende dreiging. De Duitsers waren er absoluut zeker van dat het Joodse complot levensbedreigend was voor Duitsland. De Rwandese Hutu's waren er rotsvast van overtuigd dat de Tutsi's hen wilden uitroeien. Objectief was er geen enkele grond voor die dreiging. Maar als mensen hun angsten voor werkelijkheid nemen, kunnen de gevolgen zeer reëel zijn. Ze gaan dan op zoek naar een alsmaar radicaler oplossing voor hun probleem.' ….

De nazi's wilden een 'definitieve oplossing' voor het vermeende Jodenprobleem. Maar in 1933 kon niemand voorspellen dat die oplossing zou leiden tot industriële vernietigingsfabrieken. De ambtenaar die de lijsten van joden opstelde, of de ingenieur die de dubbele verbrandingsoven ontwikkelde, waren radertjes in een dynamiek die zichzelf versterkte en waarbij telkens opnieuw morele grenzen zijn verlegd.' …

Als een samenleving zich bedreigd voelt, kan eenzelfde sociaal proces zich herhalen: de bedreiging, het wij-zij denken, de rationele probleemoplossing die een eigen dynamiek ontwikkelt en tot de gruwelijkste misdaden leidt. 'Welke sociale dynamiek zal Europa ontwikkelen wanneer natuurrampen een nog veel grotere stroom aan klimaatvluchtelingen richting Europa op gang brengt?', vraagt hij. 'Er hoeft niet eens een objectieve dreiging te zijn om een bevolking ervan te overtuigen dat hun welvaart en welzijn bedreigd zijn. Het Westen zou gerust enkele miljoenen extra migranten kunnen absorberen. We hebben ze zelfs nodig om de vergrijzing tegen te gaan. Toch beschouwen velen de migratie als levensbedreigend voor de Westerse samenleving. De metafoor is veelzeggend; men spreekt van een vloed van vreemdelingen die Europa overspoelen. En dus moeten de grenzen gesloten worden.' ….

De opwarming van de aarde is maar relevant omdat ze de mens en zijn sociale systeem bedreigen. In die zin is de klimaatramp vooral een culturele ramp. Ze bedreigt het voortbestaan van de menselijke beschaving. Hoog tijd dus dat ook sociologen en andere menswetenschappers, die vertrouwd zijn met sociale processen en gewelddynamieken, zich meer over de gevolgen en mogelijke antwoorden gaan buigen.' .

Volgens Welzer blijft de wereld collectief blind voor de Apocalyps die op ons afkomt, alle isolatiepremies, Kyoto-normen en klimaatplannen ten spijt. 'Hebt u nog iets gehoord van het Europese klimaatplan sinds de financiële crisis losbarstte? Deze crisis zou een kans moeten bieden om de zogenaamde derde industriële revolutie te realiseren, de omschakeling naar schone energie, maar men doet net het tegenovergestelde en subsidieert de auto-industrie. Ik vind dit extreem beangstigend. Ik geloof zelfs niet in die derde industriële revolutie, omdat het fundament van onze cultuur niet verandert; het geloof in het economisch groeimodel. Zolang we overtuigd zijn dat we onze levensstijl en ons consumentisme kunnen behouden, als we maar de brandstof in de wagen vervangen, zal niets de klimaatramp tegenhouden. We moeten niet de motoren veranderen, maar het hele concept van mobiliteit.' …

Een beschavingsomslag dus, maar daarvoor is het volgens de hoogleraar sociale psychologie al te laat. De onvermijdelijke klimaatoorlogen zullen het einde van de Verlichting en de Westerse beschaving betekenen, voorspelt Harald Welzer. 'Alle verwezenlijkingen van de westerse cultuur, van de technologische revoluties tot de creatie van democratieën en mensenrechten, zijn maar mogelijk geweest omdat we onze grondstoffen van buitenaf hebben gehaald. Maar dit model werkt alleen voor een particulier continent. Van zodra ons model zo succesvol wordt dat de hele wereld het wil imiteren, vernietigt het zichzelf.' Volgens Welzer betekent de klimaatverandering het natuurlijke eindpunt van de Westerse beschaving. 'Wat ons wacht zijn langdurige klimaatoorlogen om steeds schaarser grondstoffen.'

Harald Welzer in DS 22/3/9, schrijver van het boek “De klimaatoorlogen. Waarom in de 21ste eeuw gevochten wordt. Ambo, 2009”


Dit moeten we misschien toch eens fundamenteel herdenken. Dat het in the long run niet zal lukken om gewoon te roepen: 'Kleine consument: speel het spel mee: consumeer, laat uw geld rollen.' Maar dat we integendeel misschien beter inzetten op een economie die meer gericht is op kwaliteit dan op kwantiteit. Op betere consumptie, en niet gewoon meer consumptie. Die speelt op positieve emoties bij de mens. Een economie die dus gaat voor een voortdurende vernieuwing en niet langer alleen maar geobsedeerd aanholt achter een voortdurende groei.

Zoals een ezel achter een wortel.

Luc Pauwels, VRT-journalist in DS 6 maart 2009

Maar als het over groen gaat, is Obama natuurlijk de aangewezen kandidaat. Ik koester veel hoop. De tijd zal de man of vrouw voortbrengen, nog meer dan dat de man of vrouw zijn stempel op de tijd zal drukken. Obama is een leider met een groot potentieel. This guy is the real deal. A cool customer.’
Groen gaat inderdaad over onze ethische verantwoordelijkheid. Een ethiek van natuurbehoud is essentieel. Dat is een gevoel van verantwoordelijkheid tegenover de natuur.’
Thomas L. Friedman, in DS 1/11/8

Het gevaar is niet denkbeeldig dat we het hele leven, de politiek, de cultuur, de religie als een voetbalmatch en een voetbalcompetitie bekijken. Het gevaar wordt dan wel reëel dat we nooit meer echt universalistisch kunnen denken: dat we de werkelijkheid steeds in twee kampen zien, zonder enig diep onderling verband. Dan kunnen we niet meer in dialoog treden, dan kunnen we de kwaliteiten van onze tegenstander niet meer inzien, dan kunnen we de waarheid, de schoonheid, de verhevenheid van een andere geestelijke traditie niet meer bewonderen of toelaten. Dan zijn we er alleen maar op uit onze eigen identiteit nog sterker te poneren, onze eigen waarheid als de enige te verkondigen, onze eigen God als de ene, ware en alle anderen overtreffende God. Dan wordt het leven een slagveld, en komt het erop aan allen te winnen voor onze totalitaire visie. Het enige universalisme dat we aanvaarden is een totalitair, waar alle verschillen worden platgewalst onder ons gelijk hebben.
Zusters en broeders, wanneer we naar de kerk komen, en de bijbel openen, dan zouden we nog met diezelfde visie onze gade kunnen vinden, maar als we de moed opbrengen de grote teksten naar de kern te beluisteren, dan voeden die bladzijden ons op tot een geheel andere visie: onze God heeft zich geopenbaard in leegte en armoede, niet om ons te verpletteren maar om vergeving en verzoening te brengen. Onze God is paradoxaal: Hij is groot en klein tegelijk, sterk en zwak tegelijk, vol en leeg tegelijk, want Hij is nederige liefde, en door die zichzelf ontledigende liefde sticht hij een onbegrensde gemeenschap waarin we allen mogen binnentreden als in een feest, het feest van God. Maar willen wij dat? Willen bij elkaar zitten, rijk en arm, blauw en rood, zwarten en blanken, Palestijnen en Israëliërs, moslims en hindoes en christenen… Willen we delen zoals men brood breekt en deelt, aan allen zonder onderscheid?

(uit de homilie van pater Benoît Standaert)
21-03-2009, 10:18:45
15-02-2009
Hoop, tussen passiviteit en wat kan ik hier en nu doen

Telkens opnieuw dwong ik mezelf te bedenken wat ik hier en nu kon doen.' …
Net op dat moment zag ik rechts van me een afgesneden takje. Daar was iemand voor mij geweest. Ik kreeg weer hoop. Ik volgde het spoor steil naar beneden en kwam weer bij de rivier uit.' …
Toen realiseerde ik me dat de kans dat ik op mijn eentje weer uit de jungle zou raken, ongelofelijk klein was. Ik moest me focussen op zichtbaarheid. Het zoeken naar de weg werd een zoeken naar redding.'
'Ik veranderde van strategie. Ik legde mijn spullen neer op een goed zichtbare plek en ondernam vandaaruit kleine expedities op zoek naar een béter zichtbare plek. Ik vouwde mijn witte binnentent open. Ik stalde mijn metalen eetpotten en het spiegeltje van mijn kompas uit, richtte ze naar de zon. Mijn rode T-shirt legde ik opengeplooid neer. Uren was ik bezig met het schikken van mijn spullen. Ik legde ze in de vorm van een kruis of een gezicht, basissymbolen die iedereen herkent en die in de jungle meteen opvallen. Ik wilde contact maken met de mensen in de helikopter als ze terug zouden keren.'

'Na die eerste keer heb ik de helikopter nog vier keer zien overvliegen. Eén keer naderde hij me tot veertig, vijftig meter, maar de reddingswerkers zagen mij niet. Op zo'n moment zakt de grond onder je voeten weg. Maar ik liet de wanhoop het nooit van me overnemen. Ik vond mezelf iedere keer snel weer terug. Ik dwong mezelf om in het nu te leven. “Oké,, dacht ik, “dit is nog niet de goeie plek, ik moet er een betere zoeken. Ik moet voortdoen.,'
(Dries Stevens die in de jungle verloren liep doet zijn relaas in DS 14/2/9)

Ik weet niet precies hoe Obama bij zijn 'Yes, we can!' uitgekomen is, maar eerder in zijn campagne heeft hij sterk de nadruk gelegd op 'hoop'. Hij wil de mensen een perspectief geven, en door hoop de maatschappij en de economie opnieuw veerkracht geven. Maar kan de economie gered worden door hoop?

De oude Grieken zouden hiervoor allicht niet warm gelopen hebben. 'Hoop' zat bij hen in de doos van Pandora, samen met alle andere kwalen. En dat vonden ze maar goed ook. Tot evenwel Pandora haar doos geopend had en alle kwalen had laten ontsnappen, behalve 'hoop'. De mensheid werd geteisterd door vele kwalen en werd vervuld met vertwijfeling en wanhoop. De opluchting was dan ook groot wanneer Pandora haar doos terugzocht en ook de hoop eruit liet ontsnappen. Hoop is kennelijk een bijzonder kwaad; een kwaad dat de kwaliteit heeft om de andere kwalen enigszins te verzachten door geloof in een betere toekomst te brengen.

Hoop lijkt zo wat dubbel te zijn, ook in een andere betekenis, namelijk deze van valse hoop. En daardoor blinkt hoop niet echt uit in betrouwbaarheid. Nietzsche kwam tot een nog veel hardere conclusie. Hij zag hoop als een uiting van het cynisme van de goden: door hoop blijft de mens zich nog wat extra kwellen en geselen.

In deze interpretatie loopt Obama uiteraard groot gevaar. Het is tevens een interpretatie die passiviteit in hoop niet schuwt. En dat verschilt sterk van het beeld van een positief denken dat als we er volop voor gaan we onze condities kunnen verbeteren. Die opstelling gaat uit van de (gedeeltelijke) maakbaarheid van onze leefwereld; de passiviteit in de hoop duidelijk niet.

Misschien heeft Obama gedacht dat zolang zijn positieve, optimistische boodschap gevangen zit in de dubbelheid van de hoop, passiviteit de emotionele doder van zijn verhaal kon worden. Daarom heeft hij misschien voor het optimisme van Bob de Bouwer gekozen. Bob de Bouwer die, zoals bij een concrete utopie in Ernst Blochs Das Prinzip Hoffnung, de handen uit de mouwen steekt en weet hoe hij het moet aanpakken om de maakbaarheid ook te realizeren.
Frank Bostyn in DS 13/2/9
15-02-2009, 14:10:03







Zelfmedelijden, wanhoop, piekeren, leidzaam wachten of liedjes, alert, luisteren, ritueel, structuur, aanvaarden idee fatale afloop, voortdoen, bedachtzaamheid, terugkeren naar het nu en wat kan ik hier en nu doen.
Meteen daarna overviel de rauwe realiteit me weer: ik was verdwaald en het regende nog altijd.'

'Op de vierde dag werd ik bang. De jungle werd steeds ontoegankelijker en ik kwam niet vooruit. Ik hield me overeind met liedjes te zingen in mijn hoofd en met grapjes te maken tegen mezelf. Op zo'n moment is het verleidelijk om weg te glijden in zelfmedelijden. Ik besefte dat ik dat gevoel geen kans mocht geven. Telkens opnieuw dwong ik mezelf te bedenken wat ik hier en nu kon doen.'

'Ik had eten bij me voor zes dagen, wat ruim voldoende zou zijn geweest als alles goed was gegaan. Terugkeren was op dat moment geen optie meer. Het eerste deel van mijn tocht had ik bovendien met de gids afgelegd en ik had niet zo goed op de weg gelet. Ik besefte dat ik spaarzamer moest zijn met mijn eten. Alles ging op rantsoen. Dat gaf me een gevoel van controle; voor het overige was ik helemaal aan mijn lot overgeleverd. Eten werd een ritueel, het gaf structuur aan mijn dagen. 's Middags stond ik mezelf een vinger pindakaas toe. 's Avonds kreeg ik een hap noedels.'

'Op de zevende dag stond ik plots aan de rand van een enorme waterval. Even ging het door mijn hoofd: “Als ik nu één stap in de leegte zet, is het allemaal gedaan. Dan is alle pijn weg., Net op dat moment zag ik rechts van me een afgesneden takje. Daar was iemand voor mij geweest. Ik kreeg weer hoop. Ik volgde het spoor steil naar beneden en kwam weer bij de rivier uit.'

'Helemaal uitgeput ging ik liggen op een grote steen. Ik was al mijn moed verloren. Nog geen minuut later vloog er een helikopter over. Ze zochten me! Een halve minuut daarna scheen de zon voor het eerst in zeven dagen. Dat deed zo'n deugd, dat kan je niet geloven. Toen realiseerde ik me dat de kans dat ik op mijn eentje weer uit de jungle zou raken, ongelofelijk klein was. Ik moest me focussen op zichtbaarheid. Het zoeken naar de weg werd een zoeken naar redding.'

'Ik veranderde van strategie. Ik legde mijn spullen neer op een goed zichtbare plek en ondernam vandaaruit kleine expedities op zoek naar een béter zichtbare plek. Ik vouwde mijn witte binnentent open. Ik stalde mijn metalen eetpotten en het spiegeltje van mijn kompas uit, richtte ze naar de zon. Mijn rode T-shirt legde ik opengeplooid neer. Uren was ik bezig met het schikken van mijn spullen. Ik legde ze in de vorm van een kruis of een gezicht, basissymbolen die iedereen herkent en die in de jungle meteen opvallen. Ik wilde contact maken met de mensen in de helikopter als ze terug zouden keren.'

'Na die eerste keer heb ik de helikopter nog vier keer zien overvliegen. Eén keer naderde hij me tot veertig, vijftig meter, maar de reddingswerkers zagen mij niet. Op zo'n moment zakt de grond onder je voeten weg. Maar ik liet de wanhoop het nooit van me overnemen. Ik vond mezelf iedere keer snel weer terug. Ik dwong mezelf om in het nu te leven. “Oké,, dacht ik, “dit is nog niet de goeie plek, ik moet er een betere zoeken. Ik moet voortdoen.,'

'Ik werd bedachtzamer en rustiger. De jachtige tocht was een contemplatief wachten geworden. Ik luisterde beter naar mijn lichaam, want mijn doel was om in leven te blijven. Ik voelde scherp mijn honger en mijn dorst. Terwijl ik de pijn en ontbering tijdens het eerste deel van mijn tocht genegeerd had.'

'Ik werd ook alerter, mijn zintuigen stonden op scherp. Ik hoorde elk geluid, zag alles om me heen. Ik at sprinkhanen en de zaden en noten die ik wilde varkens zag verorberen. Ik ging ervan uit dat als zij die konden verdragen, ik dat ook wel zou kunnen. Ik proefde een klein stukje van de vruchten die ik vond. Als ik me na een uur of zes nog niet ziek voelde, was het veilig en at ik de hele vrucht op. Met mijn meegebrachte eten ging ik steeds spaarzamer om. Ik at de rauwe rijst korreltje per korreltje. Ik kauwde en kauwde tot de korrel een papje in mijn mond was geworden.'

'Op de achtste dag kwam ik bij een pad tussen rotsen dat onder de waterval door ging. Het was de enige weg die ik kon gaan, maar ik voelde zo'n enorme angst. De natuur overweldigde me. Ik dwong mezelf verder te gaan, ik maakte mijn hoofd leeg. Toen kwam ik bij een vredige plek in de jungle. Het was geen grote afstand die ik had afgelegd, maar in mijn beleving was het een enorme stap.'

'Ik dacht vaak aan mijn vriendin, aan mijn ouders en mijn vrienden. Mijn ouders hadden me een boek en een zakmes meegegeven, mijn vriendin een drinkfles. In mijn notitieboekje stonden tekeningen die zij gemaakt had. Die spullen heb ik zo gekoesterd. Ik kon er even bij wegdromen. Ik besefte hoe graag ik ze allemaal zag. In heel mijn lichaam voelde ik hoe nabij ze me waren.'

'Uiteindelijk heb ik zes dagen gewacht op redding. Heeft u weleens een hele dag gewacht? Je geest blijft scenario's bedenken. Ik beeldde me in dat de helikopters helemaal niet naar mij op zoek waren, maar dat er een strijd was losgebarsten onder de lokale bevolking. Mijn gedachten dwaalden af. Ik dacht aan wat ik allemaal zou doen als ik het zou overleven. Ik piekerde: “Waarom heb ik de gids niet verder meegenomen?, En: “Wat zouden mijn geliefden zeggen als ik zou sterven? Wat deed ik hen aan?, Maar telkens dwong ik mezelf om terug te keren naar het nu, dwong ik mezelf om mijn volgende stap te bepalen. Dat is mijn redding geweest. Als ik dat niet had gedaan, had ik het niet overleefd.'

'Omdat je zo er zo vaak aan denkt, leer je te leven met de dood. Ik aanvaardde het idee dat ik dit avontuur misschien niet zou overleven. Dat lijkt absurd, maar het was de enige manier om verder te kunnen. Ik dacht er niet meer aan hoe erg het wel zou zijn als ik zou sterven. Maar ik zou wel nooit liggen te wachten op mijn dood. Ik dacht: “Als ik doodga, moet het zo zijn. Ik kan niet anders dan me overgeven aan de omstandigheden, maar ik zal zo alert mogelijk blijven en met volle overgave doen wat me te doen staat. Als er echt geen uitweg meer is, bind ik mijn matje rond mijn romp en drijf ik als een vlot de rivier af. Als ik dan toch moet sterven, zal het in actie zijn.,'

'Op de dertiende dag kwam ik 's avonds op een open plek waar twee rivieren elkaar kruisten. Er lag een groot rotsblok, heel centraal, en meteen vatte ik moed. Ik zag voetsporen en er was een primitief jagershutje gebouwd. Tekens van leven. De volgende ochtend vouwde ik bij het eerste daglicht mijn spullen open op de rots. Tien minuten later kwam de helikopter overgevlogen. Hij maakte een cirkel en vloog over mij. Daarna verdween hij weer.'

'Toen voelde ik me veilig. Ik gaf mezelf als beloning twee vingers pindakaas. Ik wist dat ik gered zou worden. Al sloeg de twijfel wat later toch weer toe. Waren het misschien toeristen geweest die een helikopter hadden gehuurd en even gezwaaid hadden naar die backpacker daar beneden? Intussen regende het de hele tijd. Ik had het zo, zo koud. '

'Vier, vijf uur later kwam de helikopter terug. Het had te erg gestormd om me omhoog te winchen. Toen lieten ze die kerel zakken. Hij straalde zo'n enorme rust uit, hij keek me zo vriendelijk aan. Ze takelden me naar boven. Ik had mijn zware rugzak nog op mijn rug en mijn wervelkolom was in een rare bocht geplooid, maar ik voelde geen pijn. Ik was euforisch. Ik was gered!'
(Dries Stevens die in de jungle verloren liep doet zijn relaas in DS 14/2/9)

27-01-2009
Waakvlam

Wat is hoop? Hoop is verlangen op een waakvlam. Het beetje verlangen dat we nooit kwijtraken. Wat er ook gebeurt. Hoe groot ook de angst is. En hoe weinig redenen er ook zijn om optimistisch te zijn. En dat is de kiem van de wederopstanding. Je kan dat een naiëve gedachte vinden. Maar dat is het niet. (Bart Van Coppenolle in de Tijd van 24/1/9).
27-01-2009, 22:01:14






18-01-2009
Blauw-zwart

Broeders en zusters, we zetten het jaar in met een kleine denkoefening. De liturgie nodigt ons uit, ja provoceert ons om ruimdenkend te zijn. We zijn dit uiteindelijk eerder zelden: we zoeken gelijkgezinden op, we weren ons tegen zoveel, we denken zoals onze krant, we bouwen onze wereld uit in kleine gesloten kringetjes, met één taal, de onze, één manier van eten, de goede, de onze, één gedragscode, de onze, één geloof, het onze… Al het andere duwen we weg, ervaren we als bedreigend, beschouwen we als niets, de moeite niet waard…
We verdelen de wereld in goeden en kwaden, we maken van de politiek één groot voetbal veld: als je voor blauwzwart bent, dan kan je niet voor de Rouches zijn, laat staan voor groenzwart. Je beleeft de realiteit zoals je naar een voetbal match kijkt, je ziet alleen de fouten die de anderen tegen jouw ploeg doen, en giert met de anderen mee tegen de scheidsrechter die dat allemaal toelaat. Stel je vast dat de anderen flink en vlot en kundig spelen, dan is het niet aan jou besteed om daar bewondering voor op te brengen: ja ze spelen goed, maar de onze zijn de beste, hoe dan ook. We kunnen dan een keer een slechte dag hebben, maar “we are the champions”.
Lieve mensen, het voetbal is een uitvinding van de westerse mens, uit de tijd van de industriële revolutie, een geniale vondst, het meest spectaculaire spel uit de mensengeschiedenis. Het voetbalveld is pure tegenstelling, speels op de spits gedreven, met regels om het geweld te kanaliseren, maar de basisstructuur is geweld, zonder de minste paradox van enige levenskunst of wijsheid. Het gevaar is niet denkbeeldig dat we het hele leven, de politiek, de cultuur, de religie als een voetbalmatch en een voetbalcompetitie bekijken. Het gevaar wordt dan wel reëel dat we nooit meer echt universalistisch kunnen denken: dat we de werkelijkheid steeds in twee kampen zien, zonder enig diep onderling verband. Dan kunnen we niet meer in dialoog treden, dan kunnen we de kwaliteiten van onze tegenstander niet meer inzien, dan kunnen we de waarheid, de schoonheid, de verhevenheid van een andere geestelijke traditie niet meer bewonderen of toelaten. Dan zijn we er alleen maar op uit onze eigen identiteit nog sterker te poneren, onze eigen waarheid als de enige te verkondigen, onze eigen God als de ene, ware en alle anderen overtreffende God. Dan wordt het leven een slagveld, en komt het erop aan allen te winnen voor onze totalitaire visie. Het enige universalisme dat we aanvaarden is een totalitair, waar alle verschillen worden platgewalst onder ons gelijk hebben.

Zusters en broeders, wanneer we naar de kerk komen, en de bijbel openen, dan zouden we nog met diezelfde visie onze gade kunnen vinden, maar als we de moed opbrengen de grote teksten naar de kern te beluisteren, dan voeden die bladzijden ons op tot een geheel andere visie: onze God heeft zich geopenbaard in leegte en armoede, niet om ons te verpletteren maar om vergeving en verzoening te brengen. Onze God is paradoxaal: Hij is groot en klein tegelijk, sterk en zwak tegelijk, vol en leeg tegelijk, want Hij is nederige liefde, en door die zichzelf ontledigende liefde sticht hij een onbegrensde gemeenschap waarin we allen mogen binnentreden als in een feest, het feest van God. Maar willen wij dat? Willen bij elkaar zitten, rijk en arm, blauw en rood, zwarten en blanken, Palestijnen en Israëliërs, moslims en hindoes en christenen… Willen we delen zoals men brood breekt en deelt, aan allen zonder onderscheid?
Laat ons bij het begin van dit nieuwe jaar elk in eigen hart kijken en zien hoe breed het wel wil zijn, en hoe het in staat is aan de zieke moeder of de rouwende nicht of de vreemde buur in de straat ruimte te geven en hoe het de ander in zijn of haar anderszijn minzaam wil bejegenen… Laat het feest van God nu reeds dagen, in ons denken en doen, in de meest gewone gebaren van aandacht en genegenheid, in een hart dat kwetsbaar is en blij kan bewonderen en danken om al het schone dat we tegenkomen, uit welke hoek dan ook. Laat deze eucharistie daar een nieuwe aanzet van zijn, in het huis van God, huis van gebed voor alle volkeren. Vrede en alle goeds. Amen.

Bidden we voor de vrede op onze kleine blauwe planeet: vrede in het land waar Jezus leefde, tussen Palestijnen en Israëliërs, vrede in Oost Congo, vrede in India of Soedan. Dat juist niet onze religies haarden van geweld maar bronnen van vrede mogen worden, laat ons bidden. (uit de homilie van broeder Benoît Standaert)
18-01-2009, 13:09:56







Toverstaf

Als u aan een goede fee zou kunnen vragen om met haar toverstafje de huidige samenleving te veranderen in de ideale duurzame maatschappij, hoe zou die er dan uitzien?

'Die samenleving zou om te beginnen een zeer gedecentraliseerde energievoorziening hebben. Met op alle beschikbare oppervlakten zonnecellen, die kleine hoeveelheden energie produceren en die via een netwerk aan elkaar gekoppeld zijn. Het zou ook een samenleving zijn die meer ontspannen is, minder prestatiegericht. Het stedelijke weefsel zou veel minder doorgaande verkeersaders hebben. Gemotoriseerd verkeer zou er niet op de eerste plaats komen. Individueel autobezit zou hebben plaatsgemaakt voor een chipkaart waarop iedereen naar keuze zijn vervoersbehoefte zou invullen met fietsen, openbaar vervoer en indien noodzakelijk auto's. Alles zou via telematica en computernetwerken zeer efficiënt gemaakt zijn.' (Wolfgang Sachs, onderzoeker bij het Wuppertal Institut für Klima, Umwelt und Energie in DS 17/1/9)
18-01-2009, 13:08:40






03-01-2009
Vijftig

Elk vijftigste jaar zal voor jullie een heilig jaar zijn, waarin kwijtschelding wordt afgekondigd voor alle inwoners van het land. Dat is het jubeljaar waarin ieder naar eigen grond en zijn eigen familie kan terugkeren (Lev.25, 10).
03-01-2009, 12:53:54






01-01-2009
Rien n'est jamais acquis.

N'oubliez pas que rien n'est jamais acquis. Vivez dans le respect de la pauvreté qui fait partie de notre histoire commune. (Guilbaud Jacques)
01-01-2009, 20:22:17







Love and work

Love and work are the cornerstones of our humanness.(S.Freud)
01-01-2009, 20:19:15

28-12-2008
Een lied van een mens op tocht ...

God, ik draag mijn hart niet hoog
en ook mijn ogen steken niet van trots.
ik ben niet uit op wat zo belangrijk lijkt
in mensenogen,
op grootse daden
die mijn kracht te boven gaan
en mij verheffen.
Nu ben ik verstild,
stil geborgen als een kind
op zijn moeders schoot.
Zo ben ik, uw kind,
en ik wacht in vertrouwen
op Uw komst, altijd.
(Een lied van een mens op tocht ... (Psalm 131), bidprentje n.M.)
28-12-2008, 12:46:58